2e Exloërmond, Hervormde kerk Zuiderdiep 150

In 1918 koopt de kerkvoogdij van de orgelmaker Dekker uit Goes een gebruikt orgel dat afkomstig is uit Warns, waar Dekker op dat moment een nieuw orgel plaatst. Zeer waarschijnlijk heeft men in Exloërmond geen idee wie de oorspronkelijke bouwer van het instrument is. In 1939 wordt het orgel door Holtman en Leemhuis overgeplaatst naar de nieuw gebouwde kerk. Het instrument wordt boven de preekstoel geplaatst en het oude front wordt vervangen door een eigentijds front. Het orgel blijft mechanisch, met behoud van de speeltafel en de registertrekkers. In 1950 wordt het orgel gerestaureerd. Dankzij een inscriptie komt aan het licht dat het is gebouwd door de orgelmaker J.S. Strumphler. Strumphler bouwt het orgel in 1780 voor de Rooms-Katholieke statie in de Beemster. In 1884 wordt het instrument verkocht aan de Hervormde Kerk in Warns, nadat de orgelmaker Franssen in Beemster een nieuw orgel heeft gebouwd. Vanaf de jaren zeventig worden er plannen gemaakt om het orgel te restaureren. Tijdens een gemeentevergadering wordt echter besloten om het binnenwerk te verkopen en door Reil een nieuw tweeklaviers orgel te laten bouwen. Het binnenwerk wordt verkocht aan de Doopsgezinde kerk te Krommenie en daar geplaatst achter een Teves-front uit 1830.

1894

Bouw van een kerk. (18)

Ca. 1900
Uit een familieverhaal van Ralf Nagelkerke: Mijn overgrootvader Johan Frederik Karel Hofmeester was rond 1900 als evangelist/godsdienstonderwijzer werkzaam in 2e Exloërmond. Via een brief aan Koningin Wilhelmina kreeg hij het voor elkaar dat er een harmonium geplaatst kon worden. (13)

1916
Reparatie van het orgel door O. van Hattum voor f 12,50. (15)

1918
Er wordt door A.S.J. Dekker een gebruikt orgel geplaatst, dat afkomstig is uit Warns.  Het orgel wordt gekocht voor f 1.500,- en het oude orgel kan worden verkocht voor f 100,-.
De ingebruikname vindt plaats op 11 juli 1918. Een collecte brengt f 163,- op. Dhr. Mooibroek wordt aangesteld als tijdelijk organist. (15)
Zie De Amsterdammer (16-07-1918).

Prestant 8 vt
Holpijp 8 vt
Octaaf 4 vt
Fluit 4 vt
Octaaf 2 vt
Cornet 4 st
Mixtuur  
Quint 3 vt
 
Geschiedenis van het orgel in Beemster en Warns

1780
Het orgel is oorspronkelijk gebouwd door J.S. Strumphler voor de Rooms-Katholieke statie te Beemster.
Broekhuyzen beschrijft het instrument als volgt: 'Het orgel in de kerk der r. cath. gemeente aldaar is gemaakt en voltooid in 17.. door J. Strümphler, orgelmaker te Amsterdam. Heeft 8 stemmen en een handclavier, geen pedaal en twee blaasbalgen.' (14)

1884
Er wordt een nieuw orgel besteld bij de gebr, Franssen
Het oude orgel wordt te koop aangeboden en verkocht naar Warns. Zie de advertentie.in De Tijd (21-11-1883).
In Warns is men vooral op aandrang van de plaatselijke predikant op zoek naar een instrument. In de kerkenraadsnotulen van 10 dec. 1883 is het volgende te lezen: "dat toen hij als beroepen predikant de gemeente bezocht de begeerte bij hem, opkwam, dat zoo hij het beroep aannam er een Orgel geplaatst werd op de kraak - Met persoonlijke consideratie heeft men echter niet te rekenen maar toch meent hij op grond van de H. Schrift hij pogingen in ‘t werk mag stellen ter verkrijging van een orgel in de kerk".
Een daartoe ingestelde commissie moest liefdegaven verzamelen en heeft in maart 1884 reeds tussen de f 900.- en f 1000,- aan toezeggingen. Ook wil SW. Muizelaar het orgel wel gratis bespelen. In de vergadering van 17 maart 1884 wordt besloten een passend orgel aan te kopen: "Tot deze koop bestond gelegenheid omdat de Heer (E. S.) Ypma van Bolsward, wiens orgel gezien was, bekend was met de bezichtiging van zijn orgel, dat in de Midden Beemster Staat (....)".
Eeltje Ypma ontvangt f 825, - voor het door hem geplaatste orgel: ook betaalt men A. Zeldenrust f 27,50 ‘wegens vergulden van het orgel’. De ingebruikneming vindt plaats op 2 juni 1884.. Zie De Maasbode (01-07-1884), De Tijd (01-07-1884).
Tot 1889 stemt Ypma het orgel jaarlijks voor f 115,- per keer, in laatstgenoemd jaar doet zijn stiefzoon en opvolger Willem Postma dit werk.  (15)

1893-1896
In 1893 wordt f 75.- uitgetrokken voor orgelonderhoud, drie jaar later f 7,06.

1901
Het orgel wordt hersteld door Bakker & Timmenga voor f 30,-,  Een gierzwaluw heeft danig huisgehouden in het inwendige. Zie Nieuwsblad van Friesland : Hepkema's courant 03-08-1901

1908
Werkzaamheden voor f 12,-.

1912
Uitgave van f 10,-.

Geschiedenis te Tweede Exloërmond

1918
A.S.J. Dekker bouwt een nieuw orgel in Warns en plaatst het Strümphler-orgel in juli over naar 2e Exloërmond. (01) Zie: De Nederlander (29-11-1917), De Amsterdammer 16-07-1918

De dispositie in Warns is waarschijnlijk als volgt:

Bourdon 16' discant
Prestant 8'
Holpijp 8'
Viola da Gamba 8'
Octaaf 4'
Gemshoorn 4'
Octaaf 2'
Mixtuur III-IV b/d


Vervolg geschiedenis in 2e Exloërmond:

1919
Reparatie door Dekker voor f 22,50

1920
Joh. Vorsterveld wordt aangesteld als organist.
Reparatie door de organist van de kerk.

1923
Reparatie door H. Thijs.

1939
Op 14 januari wordt een nieuwe kerk in gebruik genomen. Zie Emmer courant (17-01-1939).
De orgelmakers Holtman en Leemhuis uit Zuidbroek plaatsen het orgel over naar de nieuwe kerk. Het oude front en de frontpijpen gaan daarbij verloren.
Organist Johan van Meurs is ook betrokken bij de overplaatsing. In het archief van Van Meurs bevindt zich een offerte van Doornbos van 16 december 1939.
Doornbos stelt de volgende werkzaamheden voor: schoonmaak f 325,-, herstel f 75,-, uitbreiding met Tremulant f 45,- en dispositiewijziging f 100,-. Van Meurs wijzigt de eerste en laatste post in resp. f 365,- en f 125,-.
De gemaakte afspraken zijn blijkbaar niet duidelijk, want in dezelfde maand schrijft J. Smit uit Exloo hem dat een en ander elkaar gekruist had en de opdracht inmiddels al verstrekt is.
Op 2 februari 1940 schrijft Smit: ‘[...]schoonmaak en restauratie voorlopig uitstellen in verband met de bijzonder slechte weersomstandigheden’. Hij vervolgt met: ‘Een deskundige vanwege de vereeniging van kerkvoogden noemde een belangrijk lager bedrag.660 (...) Zou het, bij eene eventueele aanbesteding onder U bekende orgelmakers, mogelijk zijn dat het verschil nog iets wordt weggewerkt, zonder dat het werk er onder lijdt en het onder uw toezicht wordt uitgevoerd?’
Het is onduidelijk of Doornbos werkzaamheden aan het orgel heeft uitgevoerd. (16)


Advertentie uit Organist en Eredienst van de Gereformeerde Organisten Vereniging uit de jaren '40.


Foto B 47740-94 (1973) http://www.kerkeninbeeld.nl (19-06-2025)

Klaviatuur van het Strümpfler-orgel
Gerrit Hoving (†1994) bespeelt het Strümphler-instrument zoals het te 2e Exloërmond stond opgesteld.

Onderstaand foto's van het Strümphler-instrument zijn uit een nalatenschap van een dame, die bevriend was met Klaas Bolt. (10)
Klik op de foto voor een vergroting







1940
Voorstel van orgelmakers Holtman en Leemhuis uit Zuidbroek voor het repareren van waterschade en een wijziging van het orgel.

1947
Van 3 april dateert een brief van de orgelmaker Kamphuis uit Schiedam voor het plaatsen van een nieuw orgel. Hij plaatst binnenkort een nieuw orgel in de Baptistengemeente van 2e Exloërmond. Een opdracht wordt niet verstrekt.
Na een onderzoek van het orgel schrijft Kamphuis op 27 oktober een restauratievoorstel. Het orgel is de laatste jaren niet door een vakman onderhouden. Er is veel geknoeid, waardoor het nu onbruikbaar is. Pijpen die gesoldeerd hadden moeten worden zijn geplakt. Ook aan de mechaniek is gesleuteld. Het celluloid beleg is niet vakkundig aangebracht. De windlade is nog in goede staat. Kamphuis stelt de volgende werkzaamheden voor:
-Reviseren van de mechaniek, nieuwe veren in de speelventielkast, nieuw klavier.
-6 nieuwe pijpen voor de Octaaf 4, wijzigingen in de Mixtuur
-Pijpwerk repareren
-Algehele schoonmaak waarbij het orgel wordt gedemonteerd
-Groot octaaf Holpijp vernieuwen op een aparte pneumatische windlade.
Kosten: f 2350,-.
Later zou de oude blaasbalg vervangen moeten worden door een nieuwe windregulateur. Kosten: f 500,-.
Een Tremulant zou een goede toevoeging zijn. De kosten daarvan zijn f 150,-.
Er wordt 5 jaar garantie gegeven. Aan te raden is bakken met water onder het orgel te zetten als de verwarming weer aan gaat.
Op 10 december schrijft de kerkvoogdij naar de 'Orgelraad 'der Nederlandsch Hervormde Kerk'. In de kerk staat een oud orgel dat bij de overplaatsing ondeskundig is opgesteld en niet deskundig is onderhouden. 'De heer H.G. Kamphuis, Singel 56b te Schiedam heeft het orgel geïnspecteerd en ons een offerte gemaakt voor eenige restauratie. Hij oordeelde, dat de kwaliteit goed was en een grondige verbetering gemotiveerd.' De kosten zijn geschat op tussen de 2.000 en 2.500 gulden. Is er een instantie die advies kan uitbrengen? (17)

1948
Op 12 februari schrijft J.H. Besselaar jr. namens de zojuist opgerichte 'Orgelcommissie van de raad voor kerk en eredienst' (HOC) dat de commissie het schrijven van de kerkvoogdij in behandeling wordt genomen.
Op 20 februari stuurt E. Hoving de brief van Kamphuis door naar de HOC. Men vindt de prijs aan de hoge kant. Zijn deze werkzaamheden wel nodig?
Op 3 maart schrijft de Orgelcommissie van de Hervormde Kerk aan de kerkvoogdij dat de heren Legêne en Erné op 31 maart een bezoek aan het orgel zullen brengen. Aan het bezoek zijn geen kosten verbonden.
Op 21 maart schrijft E. Hoving dat 31 maart akkoord is. Daarna wordt beschreven hoe met het openbaar vervoer kan worden gereisd naar 2e Exloërmond.
Op 4 april schrijft E. Hoving dat het orgel tussen 1915 en 1917 is geplaatst door de firma Dekker uit Goes. Meer informatie is niet beschikbaar.
Op 19 april vraagt Lambert Erné in een brief aan de firma Dekker of er nog informatie is over het orgel dat zij hebben geplaatst in 2e Exloërmond. Het is een kabinetorgel en stamt uit het einde van de 18e of het begin van de 19e eeuw.
In een brief van 22 april schrijft de firma Dekker dat de archieven verloren zijn gegaan door oorlogshandelingen.
Op 24 april schrijft de HOC dat ze in de Universiteitsbibliotheek van Utrecht zullen proberen de herkomst van het orgel te achterhalen middels oude dispositieboeken.
Op 28 april schrijven Holtman en Leemhuis dat ze geen foto in bezit hebben van de oude kast van het orgel.
Op 12 juni schrijven Holtman en Leemhuis aan organist Hoving dat ze geen kans zien een tekening te vervaardigen van de oude kast. De oude frontpijpen zijn niet meer aanwezig.  (17)

1949
Op 3 januari schrijft E. Hoving aan de HOC dat het al een tijd geleden is dat ze iets hebben gehoord. Hij acht de kans niet groot dat het orgel op de monumentenlijst zal worden opgenomen, maar er moet wel snel iets aan het orgel gebeuren. kan de HOC advies geven? Het is niet gelukt om een foto van het oude front te vinden.
Op 19 maart schrijft de HOC aan Hoving dat er in de archieven nog geen resultaat is geboekt. Wel is het duidelijk dat het orgel is gebouwd door J.S. Strumphler blijkend een pijpinscriptie. Pas bij een demontage zal blijken of het orgel in aanmerking komt voor opname in de monumentenlijst. De heren Erné en Hendrikse zullen het orgel op 30 maart gaan bezoeken.
Op 23 maart schrijft Hoving dat het bezoek van 30 maart akkoord is.
Van 10 augustus dateert het rapport van de orgelcommissie. De situatie van het orgel wordt als volgt weergegeven: 'Alhoewel het zinken front in op en neergaande lijn de aanwezigheid van een betrekkelijk nieuw orgel deed vermoeden, bleek echter dit slechts gedeeltelijk sprekende front een orgel uit 1780 geplaatst te zijn. Dit valt af te leiden uit de inscriptie op pijp C groot van de Octaaf 4 voet n.l.: J.S. Strümphler 1780. Blijkens deze inscriptie is J.S. Strümphler de maker van het orgel. Ons inziens is dit orgel oorspronkelijk een zaalorgel, zonder een vrij pedaal geweest. Een zeer groot gedeelte van het oude pijpwerk is nog aanwezig, terwijl slechts een enkele wijziging is aangebracht.'
Onderstaand de dispositiebeschrijving in het rapport.

Bourdon 16' discant vanaf c' Oud, Inscriptie: "Bordon 16 vt".
Prestant 8' Oud, groot octaaf is nieuw en van zink
Holpijp 8' Oud, Inscriptie: "Holpijp 8 voet".
Viola 8' Nieuw. Ipv. Quint 3'?
Octaaf 4' Oud. Inscriptie op C: "J.S. Strümpfler 1780"
Gemshoorn 4' Oud
Octaaf 2' Oud
Cornet III nieuw 1950
Mixtuur III-IV b/d Oud
Ventiel    
De windlade is oorspronkelijk maar verkeert in een slechte conditie. De winddruk is te hoog. 'Het toetsbeleg is slecht, en is dit orgel onwaardig'. Het is nog niet gelukt de herkomst van het orgel te achterhalen. De oorspronkelijke frontpijpen zijn binnen in het orgel nog aanwezig, maar dit biedt te weinig aanknopingspunten voor een reconstructie van het front.
De volgende werkzaamheden worden geadviseerd:
-Terugbrengen van de winddruk
-Restauratie van het pijpwerk en de Viola vervangen door een Quint.
-Het oude frontgedeelte zou op een nieuwe frontlade geplaatst moeten worden, waardoor ook het huidige front vervangen zou kunnen worden.
-Revisie van de windlade
-De achterwand van de orgelkas met de ontsierende registeropschriften zou eveneens hersteld kunnen worden.
De HOC adviseert om het orgel te laten restaureren door de firma van Vulpen uit Utrecht. Deze orgelmakers leverden onlangs een orgel af te Willemsoord (Ov.) (17)

Inventarisatiebriefjes (01, 02 en 03) in verschillende handschriften van het orgel van voor de restauratie.  (09)

1950
Restauratie door van Vulpen.
Op 26 januari brengt Van Vulpen een offerte uit. De volgende werkzaamheden worden gespecificeerd:
 - Demontage en vervoer naar Utrecht.
 - Repareren van het pijpwerk. De Viola 8' vervangen door een Quint 3'
 - Restauratie van de  windlade
 - Klaviatuur restaureren en van nieuw ivoor voorzien. Nieuwe registerplaatsjes maken van coromandelhout met geschilderde letters.
 - De pneumatische lade verwijderen en de pijpen verplaatsen naar een nieuwe pijpenstok en door conducten verbinden met de gerestaureerde windlade.
 - Balgen en kanalen afdichten met schapenleer
 - Windmotor in een dempkist plaatsen.
 - Orgelkas vernieuwen in eikenhout.
De restauratiekosten worden geschat op f 3.225,-. Het aantal arbeidsuren wordt ingeschat op 952 a f 2,- per uur.
Op 30 januari schrijft de HOC dat akkoord zijn met de offerte van Van Vulpen. Besluit de kerkvoogdij om een opdracht aan van Vulpen te verstrekken?
Op 4 maart schrijft de kerkvoogdij dat in een vergadering van 2 maart is besloten het orgel door van Vulpen te laten restaureren. Kan de HOC een contract opstellen en toezicht houden? Verstrekt de HOC de opdracht of is dit een taak voor de kerkvoogdij?
Op 7 maart schrijft de HOC dat ze zullen zorgen voor de opdracht naar van Vulpen en een contract.
Op dezelfde datum schrijft de HOC aan van Vulpen dat ze door de kerkvoogdij zijn gemachtigd om de opdracht te verstrekken. Wanneer kan het werk aanvangen?
Op 14 april stuurt de HOC een concept-contract naar de kerkvoogdij. Graag ontvangt de HOIC het contract terug met eventuele opmerkingen. Daarna kan het definitieve contract worden opgemaakt.
Midden april schrijft de kerkvoogdij dat van Vulpen van plan is het orgel op 1 mei te demonteren. Kan het contract voor die tijd worden geregeld?
Op 14 april stuurt de HOC het concept-contract naar van Vulpen. Er zijn nog gegevens nodig voor de artikelen 3 en 11. Kan Van Vulpen met deze versie akkoord gaan?
Op 18 april stuurt de kerkvoogdij het concept-contract terug naar de HOC. 1e Exloërmond moet zijn 2e Exloërmond. Verder geen wijzigingen.
Op 19 april stuurt van Vulpen het concept-contract naar de HOC. Ze verwachten het orgel op 15 juli gereed te hebben. Een stemming zal f 120,- gaan kosten.
Op 20 april bevestigt de HOC de ontvangst van het concept-contract van de kerkvoogdij.
Op 20 april schrijft de HOC aan van Vulpen dat de kerkvoogdij akkoord gaat met het concept-contract.
Op 25 april meldt de HOC aan van Vulpen dat de contracten naar Exloërmond zijn verzonden.
Op 25 april schrijft de HOC aan de kerkvoogdij dat de contracten en 2 afschriften zijn verzonden. Graag tekenen doorsturen naar van Vulpen. Als het contract door van Vulpen is getekend krijgt de kerkvoogdij een getekend afschrift. Het gezegelde stuk komt in het archief van de HOC.
Het contract dateert van 29 april. In een bijlage van 18 april worden de uit te voeren werkzaamheden beschreven:
-Demontage en vervoer naar de werkplaats in Utrecht
-Restauratie pijpwerk. Viola vervangen door een Quint
-Windlade schoonmaken en restaureren
-Klaviatuur invoeren met kernvilt, opnieuw beleggen met ivoor, nieuw registerplaatsjes van coromandelhout met nieuwe registeropschriften, draadabstracten festoeneren.
-Inferieure pneumatische lade verwijderen en het pijpwerk plaatsen op een nieuwe pijpenstok met conducten naar de windlade.
-Balgen en kanalen dichten met schapenleder.
-dempkist voor de windmotor.
-De orgelkas geheel vernieuwen met eikenhout.
-Bij montage het binnenwerk dichter achter het front opstellen en daarna intoneren en stemmen.
Op 1 mei stuurt van Vulpen het getekende contract naar de HOC. De prijs voor een stembeurt wordt nu gesteld op f 110,-.
Op 4 mei stuurt de HOC een afschrift van het contract naar van Vulpen. Ook de kerkvoogdij krijgt op 4 mei een afschrift toegestuurd. De HOC vraagt om 3% van de aanneemsom te betalen voor de advieskosten.
Op 7 juli vraagt de HOC aan van Vulpen of het orgel volgens plan op 7 juli is opgeleverd.
Op 7 juli schrijft de HOC aan de kerkvoogdij dat er regelmatige voortgang plaats vindt van de restauratie. Het werk wordt tot volle tevredenheid uitgevoerd. Het orgel wordt op 28 juli naar Exloërmond vervoerd.
Het orgel wordt uitgebreid beschreven in het kerkblad van september 1950. Het orgel zal op 19 september in gebruik worden genomen met een bespeling door Lambert Erné.
Op 16 september wordt door de Hervormde Orgelcommissie het eindrapport uitgebracht. Ook wordt een eindafrekening gestuurd. Ten opzichte van de offerte zijn er een paar afwijkingen en aanvullingen:
 - De Viola is vervangen door een Cornet III in plaats van een Quint 3'
 - De oude registeropschriften zijn onder de oude verflaag vandaan gehaald. Er behoefden geen nieuwe registerplaatjes te worden gemaakt.
De HOC is zeer tevreden met het eindresultaat.
Van het eindrapport bleef in het archief van de HOC ook nog een kladversie bewaard. Na het concept volgens er nog wat aanvullingen: 'Dinsdag wordt het in gebruik genomen met veel ceremonieel. Ik ga er heen en hoop te spelen voor vacatie [vrijwilligersvergoeding GJP] en reisgeld tot maximum f 25,-. Dan houden ze van de collecte iets over. [...] Ze zijn buitengewoon tevreden.'
Van eind 1950 dateert een notitie van de HOC, waarin de datums staan vermeld van de belangrijkste stappen in het restauratieproces. (09) (17)

Geluidsfragmenten (MP3) van dit instrument door Gerrit Hoving:
Orgeldemonstratie met afgeroepen registraties.
Wie Schön leuchtet uns der Morgenstern Dietrich Buxtehude.

195x
Predikant H. de Noo schrijft op 20 juni aan Lambert Erné dat het orgel tot nu toe wordt gestemd door Van Vulpen uit Utrecht.
De kosten zijn voor de kerkvoogdij eigenlijk te hoog vanwege het in rekening brengen van de reiskosten tussen Utrecht en 2e-Exloërmond.
Men wil nu weer zijn toevlucht nemen tot stemmers, die met weinig kennis van zaken de stemming uitvoeren. De predikant heeft dit tot nu toe weten te voorkomen.
Weet Erné misschien een goede stemmer meer in de buurt? (09)


Tekening door Jan Vissering (1933-2017) (11)

1970
De kerkvoogdij vraagt op 11 maart advies aan de HOC omdat het orgel een aantal mankementen heeft. Men spreekt zijn voorkeur uit voor Van Vulpen als restaurateur en Lambert Erné als adviseur.
Op 26 maart antwoordt de HOC dat ze akkoord gaan met Lambert Erné als adviseur en van Vulpen als restaurateur. (09) (17)


Foto André van Dijk (03)

1971
Op 3 juni schrijft de HOC dat er overleg is gevoerd wie de taken van de overleden Lambert Erné kan overnemen. Exloërmond wordt overgenomen door W.R. Talsma.
Op 20 september schrijft de kerkvoogdij dat ze hebben overlegd met hun organist dhr. Hoving en dat ze de voorkeur geven aan Klaas Bolt.
Op 24 september komt er een antwoord van de HOC. De HOC heeft geprobeerd de werkzaamheden van Erné evenredig te verdelen en is zo tot de keuze van Talsma gekomen. Klaas Bolt is op dit moment zeer bezet. Het staat de kerkvoogdij vrij om toch voor Bolt te kiezen.
Op 2 oktober schrijft de kerkvoogdij dat ze na overleg met hun organist blijven bij de keuze voor Bolt.
Op 8 oktober schrijft de HOC dat Klaas Bolt als adviseur zal optreden.
Op 19 oktober schrijft de HOC dat er na het overlijden van Lambert Erné er geen verrekening van kosten behoeft plaats te vinden. (17)

1974
Op 14 juni schrijft Reil aan organist Gerrit Hoving een brief met daarin een beschrijving van het huidige Strümphler-orgel.
Prestant 8' Van groot C tot dis zinken pijpen op conducten, rest oude frontpijpen (1/2 toon opgeschoven achter het front) en binnenpijpen
Bourdon 16' Diskant oud pijpwerk
Holpijp 8' Oud pijpwerk (groot octaaf van hout)
Octaaf 4' Oud pijpwerk, 1/2 toon opgeschoven
Cornet II 1950
Gemshoorn 4' Oud pijpwerk
Octaaf 2' Oud pijpwerk, 1/2 toon opgeschoven

Reil stelt de volgende werkzaamheden voor:
 - Restauratie windlade
 - Nalopen mechanieken
 - Windvoorziening winddicht maken
 - Pijpwerk weer in oude staat terugbrengen. Ingrepen voetopeningen weer ongedaan maken
 - Cornet III vervangen door een Quint 3'
 - Generale stemming
De kosten van de restauratie worden begroot op f 23.400,-
Reil ontraadt het orgel te vergroten tot een 2-klaviers instrument.
De huidige locatie boven de preekstoel is ongunstig. Beter is het orgel te verplaatsen naar het balkon aan de overkant. Er moet dan wel een nieuwe orgelkas gemaakt worden.
Op 17 september schrijft de kerkvoogdij aan Klaas Bolt dat op de gemeenteavond van 11 september de grote meerderheid van de gemeente zich heeft uitgesproken voor de aanschaf van een nieuw orgel. Een orgelcommissie is opgericht om het benodigde geld bijeen te brengen. Wil Klaas Bolt optreden als adviseur en contact opnemen met de HOC en orgelmaker Reil?
Op 1 oktober schrijft Reil dat ze van Klaas Bolt hebben vernomen dat de kerkvoogdij ingaat op de offerte van 14 juni inclusief de aanvulling van 18 juni. De kosten bedragen f 42.833,-.
De dispositie wordt dan als volgt:
Manuaal I   Manuaal II   Pedaal  
Prestant 8' discant Holpijp 8' (transmissie) Fagot 16'
Holpijp 8' b/d Prestant 4'    
Fluit 4'        
Octaaf 2'        
Mixtuur II-III b/d        
Cornet III disc.        
Trompet 8' b/d        

De Trompet heeft houten stevels en koppen. De uiteinden van de grootste bekers zijn verkropt.
De Cornet staat op een verhoogde stok.
Op 1 oktober schrijft Klaas Bolt dat hij graag wil optreden als adviseur. Bolt heeft de HOC al op de hoogte gesteld. De offerte van Reil is akkoord. Het binnenwerk van het historische Strümphler-orgel uit 1780 staat nog niet op de monumentenlijst, zodat er geen goedkeuring van monumentenzorg nodig is. Binnenkort dient er een overleg plaats te vinden tussen alle betrokken partijen.
Op 14 oktober schrijft de kerkvoogdij aan de HOC dat er in principe besloten is een nieuw orgel aan te schaffen. Om dit te kunnen realiseren is het noodzakelijk dat de HOC een advies stuurt naar het College van Toezicht.
Op 1 november schrijft de HOC aan de kerkvoogdij dat ze overleg hebben gehad met het College van Toezicht. De offerte van Reil is akkoord. De HOC stuurt ook een brief naar het College van Toezicht.
Op 12 november stuurt de kerkvoogdij een brief en het getekende contract naar Reil. Klaas Bolt wordt op dezelfde dag per brief geïnformeerd. Ook de HOC krijgt een brief. (17)

1975
Op 24 februari geeft Reil antwoord op de vraag of op het orgel een "kuif" geplaatst kan worden en wat de kosten zijn. Ook doet hij een voorstel voor het aanbrengen van bladgoud op de labia van de frontpijpen.
Op 14 maart gaat de kerkvoogdij akkoord met beide voorstellen.
Op 24 maart vraagt de HOC aan de kerkvoogdij of ze een doorslag van de opdracht aan Reil mogen ontvangen.
Op 17 mei vraagt de kerkvoogdij of ze een bezoek kunnen brengen aan de werkplaats van Reil.
Op 22 mei schrijft Reil aan de kerk dat men op bezoek kan komen in de werkplaats, maar dat men beter een week of zes kan wachten, omdat er dan meer te zien is. (17)

1976
Op 11 februari geeft Reil de maten door van het orgel, zodat op het balkon ruimte voor het orgel gemaakt kan worden. (08)
Op 8 september wenst de HOC de kerkvoogdij een goede ingebruikname van het orgel op 18 september. Het eindrapport zal nog verschijnen. (17)
Orgelmaker Henk Heideveld is nog maar kort in dienst bij Reil en herinnert zich de problemen die zich voordeden toen een deur niet breed genoeg bleek te zijn. Hij kon een eenvoudige oplossing voorstellen vanuit zijn achtergrond in de bouw.
Klaas Bolt verzorgt het ingebruikname concert op 18 september 1976. Zie de uitnodiging voor de ingebruikname. Bij de ingebruikname werd een boekje uitgereikt met het programma en wat achtergronden. (08)
Zie  Het orgel (1976/10), Nieuwsblad van het Noorden (20-09-1976), Onbekende krant (10)


Geluidsbestanden ingebruikname:
Toespraak door de organist van de kerk Gerrit Hoving (†1994)
Demonstratie van het nieuwe orgel door Klaas Bolt (1927-1990)
Preludium en fuga in C, Georg Böhm door Klaas Bolt.

Dit instrument is het derde exemplaar van een type dat in drie verschillende versies werd gemaakt.
Andere instrumenten zijn te vinden in Lochem en Heerenveen.
Het front uit 1938 is blijven staan. Het binnenwerk is door Reil ingenomen en is in 1983 geplaatst in de Doopsgezinde kerk te Krommenie achter een Teves-front uit 1830.


Links: foto André van Dijk (03) rechts: foto Geert Jan Pottjewijd

Dispositie
Manuaal I   Manuaal II   Pedaal  
Prestant 8' discant Holpijp 8' (transmissie) Fagot 16'
Holpijp 8' b/d Prestant 4'    
Fluit 4'        
Octaaf 2'        
Mixtuur II-III b/d        
Cornet III disc.        
Trompet 8' b/d        

Op 15 oktober schrijft de kerkvoogdij aan de HOC dat ze op 6 oktober een rekening van Reil hebben ontvangen voor de vijfde termijn van f 8.566,60 en daarnaast een narekening van f 11.220,82. 'De kerkvoogdij is over deze narekening geschokt en verbijsterd en maakt dan ook ernstig bezwaar tegen deze gang van zaken in dezen!'
Er is telefonisch contact geweest met de firma Reil en daar is meegedeeld dat de kerkvoogdij niet akkoord gaat met deze rekening en de zaak zal gaan voorleggen aan de HOC. De discussie spitst zich toe op de inhoud van artikel 4 van het contract in combinatie met loonrondes voor de CAO voor orgelmakers. Oorspronkelijk was afgesproken dat er f 2.000,- zou worden gereserveerd voor loonstijgingen. Daarvan is toen afgezien, omdat het bedrag waarschijnlijk te hoog zou zijn en nu wordt men geconfronteerd met een veel hogere rekening. Een oorzaak van de hoge rekening is de vertraging in de bouw van minstens een jaar.
Op 9 november schrijft de kerkvoogdij aan Willem Hülsmann van de HOC over het gevoerde gesprek op 5 november over de loonstijgingen tijdens het bouwtraject. Een compromisvoorstel van de kerkvoogdij is nog niet geaccepteerd.
Op 8 december schrijft de HOC over het overleg van 5 november tussen kerkvoogdij Reil en de HOC. De HOC stelt dat de laatste loonstijging van 1-1-76 niet doorberekend had mogen worden vanwege de te late oplevering. Doorrekening van de loonstijgingen per 1-1-75 en 1-7-75 is wel billijk. De loonstijging per 1-7-74 ligt gecompliceerd, omdat deze tussen de offerte en de afsluiting van het contract viel. Reil zal hier f 800,- voor eigen rekening nemen. De stijging per 1-1-76 wordt niet in rekening gebracht. Op basis van een berekening wordt de narekening nu vastgesteld op f 7.275,57. (17)

1977
Op 6 januari schrijft de Generale Financiële Raad der Nederlandse Hervormde Kerk aan de HOC dat de kerkvoogdij een subsidieaanvraag voor de bouw van het orgel kan indienen.
Op 13 januari schrijft de HOC aan de kerkvoogdij dat er mogelijkheden zijn om subsidie aan te vragen bij de Generale Financiële Raad der Nederlandse Hervormde Kerk.
Op 31 januari dankt de kerkvoogdij de HOC voor de bemiddeling met Reil en de Financiële Raad van de Hervormde Kerk. Toch zijn ze teleurgesteld over het bereikte resultaat. De kerkvoogdij zal een subsidieaanvraag bij de raad gaan indienen. De denkwijze van de kerkvoogdij wordt in de brief nog een keer uitvoerig beschreven.
Op 23 februari schrijft de HOC aan de kerkvoogdij dat ze alles zo goed mogelijk hebben overwogen. De HOC is bereid nogmaals met de partijen te overleggen.
Op 16 maart stuurt de HOC na overleg met orgelmaker Reil een compromisvoorstel naar de kerkvoogdij. De nota van de eindafrekening wordt beperkt tot f 5.000,-. De narekening kan worden betaald in vier termijnen van elk f 2.000,- tot en met 1 december 1979.
Op 24 maart stuurt Klaas Bolt een rekening voor zijn advieswerk. (17)

1978
Op 19 april schrijft de HOC aan het Provinciaal College van Toezicht dat het voorstel van Reil zeer redelijk genoemd kan worden. Het is nu een zaak tussen de orgelbouwer en de kerkvoogdij. De HOC heeft zich zeer ingespannen om het financiële geschil tussen de kerkvoogdij en de orgelbouwer op te lossen.
Op 25 april schrijft het College van Toezicht dat de HOC nog meer had kunnen doen om de kerkvoogdij van Exloërmond bij te staan.
Op 31 oktober komt  de HOC terug op het slotgesprek over de gehele kwestie. Jammer dat de voorzitter van de HOC dhr. Engels niet aanwezig kon zijn. In de toekomst zal er nadruk op gelegd worden dat adviseurs ook nauw betrokken worden bij de financiële afhandeling en het te sluiten contract. (17)

1980
Brief van Reil d.d. 18 april, waarin wordt gewaarschuwd dat het kerkgebouw te vochtig is; verzocht wordt om te gaan ventileren.

2013
Groot onderhoud door Reil (02) (08)
De volgende werkzaamheden werden uitgevoerd:
 -Algehele reiniging inclusief het pijpwerk
 -Nazien en afregelen van de mechanieken
 -Opnieuw afregelen van de windlade
 -Vervangen van de garde-ringen door Liegelind-ringen op de stokken.
 -Opnieuw beleren van de ventielen
 -Licht polijsten van de frontpijpen
 -Nalopen van de intonatie
Het orgel wordt op 7 juni 2013 weer in gebruik genomen met een concert door Sietze de Vries. Zie het programmaboekje. (08)


Bronvermelding:
  1. Victor Timmer en Ton van Eck, Het Orgel 1993/03, Gebruikte orgels, geleverd door de fa. A.S.J. Dekker Waar zijn ze gebleven ....? Deel 1
  2. Website Reil www.reil.nl d.d. 23-06-2013
  3. www: https://reliwiki.nl/index.php/Tweede_Exlo%C3%ABrmond,_Zuiderdiep_150_-_Protestantse_Kerk (19-06-2025)
  4. Tijdschrift: Het orgel 1976/10  Nieuwe en gerestaureerde orgels door Jan Jongepier
  5. Tijdschrift: De Tijd 21-11-1883
  6. Tijdschrift: de Mixtuur 45 april 1984 Kroniek 615 en 617
  7. www: http://reliwiki.nl/index.php?title=Krommenie,_Noorderhoofdstraat_46_-_Doopsgezinde_Vermaning (Krommenie) (19-06-2025)
  8. Archief Reil
  9. Utrecht Universiteitsbibliotheek Archief Lambert Erné 8169-2e-Exloërmond-HK Dossier 2942
  10. E-Mail en toegestuurde envelop van Gerco Schaap d.d. 21-08-2021
  11. Archief Jaap Brouwer
  12. Boek: 100 jaar Dorpsbelang 2e Exloërmond 1909-2009: een dorpsgeschiedenis / [samenst.: Jantje Schuurman, Geert Schuurman, Dina Stavast ; eindred.: B.J. Mensingh]. - 2010
  13. www: Facebook Ralf Nagelkerke ((14-01-2024)
  14. Boek: Arend Jan Gierveld, George Hendricus Broekhuyzen Sr., Orgelbeschrijvingen 1850-1862, Amsterdam: Vereniging voor Nederlandse Muziekgeschiedenis, 1986. 146
  15. Eerder onderzoek W.D. van der Kleij. Het kerkarchief ter plaatse dient nog te worden onderzocht.
  16. Boek: Jaap Brouwer, Johan van Meurs – Een studie over een pionierend orgeladviseur, Groningen: Philip Elchers, 2017 130-131
  17. Utrecht, Het Utrechts Archief, 1445 Orgelcommissie, 1255. Tweede Exloërmond, 1947-1978
  18. www: https://reliwiki.nl/index.php/Tweede_Exlo%C3%ABrmond,_Zuiderdiep_-_Hervormde_Kerk_(1894_-_1938)

Krommenie:
Het Strümphler-pijpwerk uit Exloërmond staat nu achter het P.J. Teves front van de Doopsgezinde kerk te Krommenie. (Teves was een leerling van Strümphler)
Zie ook het ingebruiknameboekje uit Krommenie van 1983 (08)
Zie Kerk en Muziek 1984 (nr. 7 september/oktober).


Foto: Marcel Pelt (2003)





Foto: Facebook Oud Drenthe in woord en beeld


Drents Archief, Og02815, 2e Exloërmond. Nederlands Hervormde Kerk en Pastorie aan het Zuiderdiep 150 in ca. 1914. (klik op de foto voor een vergroting)



De nieuwe kerk van 1939. Ansichtkaart, jaren '70 van de 20e eeuw,



Foto kerk te 2e Exloërmond door André van Dijk (03)