Anloo, Hervormde kerk
Informatie over de kerk.
Het orgel heeft een bewogen geschiedenis. In tegenstelling tot de meeste orgels speelt deze periode zich niet af in de negentiende of het begin van de twintigste eeuw, maar juist aan het einde van de twintigste eeuw. Tijdens de restauratie door Henk van Eeken en Gert van Buuren in hun werkplaats in Leusden breekt er brand uit. Vierhonderd orgelpijpen, pijpstokken, klaviatuur en enig houtsnijwerk gaan verloren. De oude kas en de windladen staan nog in de kerk en blijven gespaard. Gelukkig is het orgel op dat moment echter al verregaand gedocumenteerd, zodat de verloren delen kunnen worden gereconstrueerd. Het Garrels/Radeker-orgel in Anloo wordt evenals de zuster-orgels in Eelde en Zuidlaren gefinancierd door de plaatselijke adel, die elkaar waarschijnlijk de loef wilden afsteken. In de loop van de negentiende eeuw verdwijnen er enkele registers. Tijdens de Tweede Wereldoorlog wordt het orgel gerestaureerd door orgelmaker Mense Ruiter met als adviseur mr. Arie Bouman. In de jaren negentig wordt het orgel gerestaureerd en gereconstrueerd door Henk van Eeken. Het Göteborg Organ Art Center (GOArt) speelt een belangrijke rol als adviseur bij de reconstructie.

Foto: Dennis Wubs
1716-1723
In het archief van de Etstoel is een
map bewaard met daarin
documentatie over de bouw van het orgel.
In 1716 is de balkenzoldering vervangen door een houten
tongewelf. Dit kan worden afgeleid uit een opschrift gevonden bij de restauratie in 1936.
Op een balk uit het schip staat in gouden letters met blauw fond de volgende tekst: 'In t' jaar 1716 is
dese solderingh tot een gewelf verheven, wanneer predikant en kerkvoogden waren
U.D. de Vries, den ontvanger-generaal H. Jan Ellents ende Ette Barelt Homan'.
Deze
wijziging is nodig omdat men plannen heeft voor de bouw van een orgel.
Het orgel
is geschonken door de rijke
weduwe Anna Geertruyd Ellents, geboren Sichterman (1659-1727) en haar zonen Wolter Hendrik
(1683-1724), Gerard
Coenraad (1685-1737), Hendrik Jan (1690-1736) en Coenraad (1692-1761).
Op de orgelbalustrade
bevinden zich vijf uitgekapte
wapenschilden:
1.'H:J:Ellents/(raad en landschrijver)/Van de Lant-/schap
Drenthe'.
2.'W:H:Ellents/(Raat en Lantschrijver)der/landschap Dre-/nthe en
vrouwe/Roedolphina Anna/Ellents geboren/Lemker'
3.'A:G:Sichterman/wed:wijlen de
He/er C:Ellents(ontfanger Gene/raall)van de lantschap/Drenthe
1719'.
4.'G:C:Ellents/mede(Gedeputeerde State?)van de lantschap Drent/he en vrou
E:Ell/ents geboren Jullens'.
5.'C:Ellents sc-/holt van Anloo/Gieten en
suyd/L:Bank.scholt/int Oostermoer/en Rolderding-/spil'.
De bouw wordt
opgedragen aan de orgelmakers Jan Radeker en Rudolf
Garrels
Er wordt een
bestek en tekening gemaakt, gedateerd
op 5 maart 1717. (01)
De kosten worden volgens akte verdeeld tussen
de weduwe en haar zonen:
- Anna Geertruid Ellents-Sichterman 476,-
- Hendrik Jan Ellents 250,-
- Wolter Hendrik en
Roedolphina Anna Ellents-Lemker 250,-
-
Gerard Coenraad en Engelina Ellents-Jullens 250,-
- Coenraad Ellents 250,-

De wapenschilden van de weduwe
Ellents en haar 4 zonen. (Klik op de afbeeldingen voor een vergroting)
Transcriptie van het bestek:
Opstell van een Nieuw Orgel Soo tot Anloo sal werden gebouwt.
1. Nemen de Orgelmakers J. Radeker en R. Garls ande striktuir en het gesneden werk volgens dese afteikeninge te maken van goet eiken hout mits dat de Eede Heeren bestederen de solderinge en trappen tot haren lasten hebben te houden en de Orgelmakers de bekledinge van de trap sullen maken naer het fatsoen van de borst wering en het puisterhuis.
2. In 't manuael een geheel Nieuwe sleep wintlade met Registractuir en abstracktuir op welke lade navolgende stemmen te staen komen voeten
| 1. Principael 8 van claer Engels tin soo veele in het ge sighte te staen komen van groot C Cs etc. en soo voorts |
| 2. Quintadena 16 |
| 3. Hol oft roerpijp 8 |
| 4. Octav 4 |
| 5. Spitspijp 4 |
| 6. Quint 3 |
| 7. Super Octav 2 |
| 8. Sexquialter 2 sterk |
| 9. Mixtuir 4/5/6 sterk |
| 10. Trompet 8 |
| 11. Vox humana 8 |
3. In 't Borstpositijf een geheel Nieuw sleep wintlade met Registractuir en abstractuir,alwaer navolgen de stemmen op te staen komen voeten
| 1. Gedact 8 |
| 2. floit 4 |
| 3. Octav 2 |
| 4. Sijfloit 1 1 2 |
| 5. Scherp 3 sterk |
| 6. Dulciaen 8 voet |
4. Tot werk behoren 4 puisters van 8 voet langh en 5 voet breet
5. Hijr toe behoren 2 hant clavieren van C Cs D Ds F Gs tot c''' in alles 49 Claves
bveneffens een aenhenght pedael van C tot d' in alles 27 Claves
6. Tot jeder Clavier een speerventiel en een tremulant gemaeckt worden
7. Als mede dat de Orgelmakers het werk an't boort van 't schip moeten leveren en dan
vervolgens ten laste van de Eedele Heren bestederen blijft om schip en wagenvraght te
bekostigen
8. Als mede hebben de orgelmakers angenomen nae de leverantie van 't werk nogh drie
jaren te onderhouden en de defecten daer an komende te restitueren
9. De Capitelen van de pilaren onder 't orgel met sneden werk te leveren als mede
tusschen de beide pilaren an de borstweringe een geproportioneert loofwerk
10. Wanneer de orgelmakers hier toe alle materialen verschaffen als al het pijpwerk dat
voor in 't gesighte koomt(namelijk C Cs D Ds etc. en soo vervolgens) van goet Engels tin,
het ander pijpwerk van goet me tael,alle angehengen en veren van messingh en
messigh draet, en vervolgens alles eerlijk verveerdigen wanneer door Lieden hijr van
kennis hebbende is gevisiteert opgenomen en vervolgens geapprobeert mits dat de Eedele
Heren bestederen sullen leveren het hout tot de pilaren onder de borstweringe en de balken
onder het orgel mitsgaders de solderingh van 't orgel en geduirende het stemmen
an de Orgelmakers een puistertreder werde verschaft en wil het als dan kosten de somma
van etc.
Dit werk is bedongen en van de orgelmakers angenomen met de schilden al waer het loofwerk om zijn sal om de wapens op te staen voor de somma van Een Duisent vier hondert en vijftig Car. gld. Hijr van twie gelijkluidende gemaeckt en van werkanten getekent. Actum Zuidlaren den 5 Mart 1717.
(w.g.) A.G. Sichterman (w.g.) J. Raidker orgelmaker
weduwe Ellents Rudolph Garrels orgelmaker
voor mij en mijn sonen '.
Rekening
van fl 15-4-0 uit 1716 van de slotenmaker.
Rekening uit 1717 voor fl 0-16-8
door Albert Coops voor de levering van materiaal
Rekening voor de periode 1716-1718
van fl 49-8-0. Afgerekend in 1719.
Rekening voor geleverde materialen in
de periode augustus-oktober voor fl 46-9-8
Rekening voor geleverd materiaal en
arbeid in 1716 en 1717
Rekening
van Radeker over de periode 1717-1719 van fl 119-4-10
Rekening van fl 9-15-0 met
posten van 18 mei 1717 en uit 1719. Omschrijving voorzijde: '... voor Jan
Wolters? tot Anloo Ten last van de Orgelmakers'
Rekening van 1719 door Radeker en
Garrels voor leveranties en werk van de smid Lucas Jan uit Anloo.
Rekening uit 1719 van Radeker en
Garrels voor eten, drinken en slapen voor fl 15-14-0
Rekening uit augustus 1719 van fl
4-12-0 voor werkzaamheden aan het wapenbord.
Rekening voor tin en lood door Jans
Hooft? voor fl 94-10-4. Op 11 december 1719 stuurt Rudolf Garrels de
rekening voor tin en lood door.
Serie rekeningen genummerd 1 t/m 7
opgenomen in het orgeldossier.
Overzicht betalingen '1719 Mijn Soon de Ontvanger die landschriver? ...
Ellens heeft ongeveer voor mij an de Orgelmaekers betaalt' fl 205-0-0. De andere
posten op dit overzicht hebben betrekking op andere uitgaven. De post van fl
205-0-0 komt ook nog voor op een
notitiebriefje.
Overzicht van de
betalingen aan Radeker en Garrels 'Betalingen gedaan aan de Orgelmakers
Radeker en de Rudolph Garrels .... strekkende tot mindering van 't geen
haarlieden competeert voor het maken van het nieuwe orgel in de kerken van Anloo,
welk werk ingevolge accoort van den 17 bedongen voor eene Somme van Een Duizent
vier Hondert en Vijftig Gulden .. 1450-0-0'.
Door Engelbert van Zoonen geleverde
materialen in 1716 en 1717.
Arbeid en materiaal 1716-1718
Document uit 1717 met ontvangsten en
betalingen door de orgelmakers.
Uit 1717 is een document waar
Garrels en Radeker tekenen voor de ontvangst van bedragen van fl 150,- en fl 25,- en een niet te lezen bedrag. Ene Jan Peters tekent voor
fl 50-1-0
Ontvangsten in 1717 van 45,-, 45,- en
50,-
Op 24 oktober 1717 tekent
Radeker voor de ontvangst van fl 110,-
Van 1717 dateert een
document met geleverde materialen. De
eerste levering is op 11 mei 1717 en de laatste op 5 november? Er wordt geleverd
voor een bedrag van fl 247-14-0. Om onduidelijke redenen wordt er nog
een bedrag van fl 33-4-0 in mindering gebracht.
Op
14 december 1717 levert E. van Zoonen
materiaal voor de blaasbalgen van het orgel.
Uit 1718 dateert een
document met een nog te ontcijferen
tekst, getekend door Radeker.
Materialenijst van 1717 en 1718 voor een bedrag van fl 121-13-2.
Betaald op 16 jul 1719.
Op 2 mei 1718
tekent Garrels voor de ontvangst van
fl 100.
Het orgel
wordt in gebruik genomen op 16
oktober 1718 (02).
Op 15 november 1718
tekenen Radeker en Garrels voor de ontvangst van fl 50.
Op 28
januari 1719 tekenen Garrels en
Radeker voor de ontvangst van fl 35.
Van
9 februari dateert een rekening van
de kistenmaker Hermannus Niemeijer van 12-10-6
Op
7 maart 1719 declareert houtsnijder
Jan de Rijk aan Garrels fl 50 voor werkzaamheden.
Op
13 juni 1719 vragen Garrels en
Radeker om betaling van de laatste termijn van fl 60,-
Op 30 september 1719 tekent
Radeker voor de ontvangst van fl 20,-
Op een onduidelijke datum (mogelijk 11 november 1719) tekent
Radeker voor de ontvangst van het laatste bedrag van fl 65.
Kwitantie van Jan de Rijk voor H.J. Ellents; ondertekend op 22 oktober 1719 voor houtsnijwerk.
(01)
Transcriptie:
'Jan de Rijk heeft
‘door Jannes Ratie en Rudolf Garles ordere eenighe cirade gemackt aan
| het orgel tot Anloo voor de heren en mevrou Ellens en dat aan genoomen voor | f 75 gl |
| Op de borstwering de wapenschilden voor de heren en vrouwen | f 36-,,- |
| 373 letters voor | f 9-„- |
| 2 ronde ‘Jonicase Captieelen’ ieder 4 gl | f 8-„- |
Op 14 november 1719
wordt het orgel gekeurd door de organist van de Martinikerk in Groningen en zijn zoon
Gerardus Havingha, organist in Appingedam. (01)

Transcriptie:
'Door order van Haer Eedel Achtbaerheden/(Mevrouw A.G.Sichterman weduwe van de
Eedele Hr. Ontfanger Generael C.Ellents de Hr.Lantschriver W.H.Ellents de Hr.Gedeputeerde
G.Ellents de Hr. Ontfanger Generael H.I.Ellents de Hr.Schulte C.Ellents)geroepen zijnde om
het nieuwe Orgel tot Anloo, soo door de orgelmakers J.Radeker en R.Garrels is gemaekt te
visiteren en examineren, verklaren wij ondergeschreven mits desen,dat
wintladen registractuir en abstractuir, puisters, pijpen, canalen alle angehengen en
veeren van Messingh draet conform het bestek in alle stucken goet en dughtigh
gemaekt zijn, soo dat wij het selve in een goeje oodre gevonden hebbende en nae onse beste
geweten van stuk tot stuck nagesien,en in een goet accoort t'samen gestemt,dit de waerheit
zijnde,hebben desen met onse eigene handen verteikent, gegeven tot Zuitlaren in den jare
onses Heeren Een Duisent Seven Hondert en Negentien den 14 November 1719.
(w.g.) Pet organist in Groning
Gerh. Havingha organist in Appingadam 11-14-1719 '.
Zowel het bestek als het
keuringsrapport worden in Zuidlaren getekend, vermoedelijk bij Wolter Hendrik Ellents die
toen woonde in huize Laarwoud. (08)
De schoolmeester van Anloo
Evert Lans dient over de periode 1717-1719 een
rekening in van 29-4-0. Op deze
rekening komt een post voor van 0-12-0 met de omschrijving: 'En twee keer tot
dienst van 't orgel'.
Aan organist Pothof wordt in 1721 fl 20
uitbetaald.
De poestertreder
Roeles Harms krijgt in 1721 14-0-0
uitbetaald voor zijn werk in de afgelopen twee jaar. Op
29 november tekent hij voor
ontvangst.
In 1724 krijgt Harms
weer 7-0-0. In 1725 tekent hij voor
ontvangst voor twee jaar poestertreden. (17)
1738
Reparatie door A. A.
Hinsz voor f 230-0-0. (23)
1741
Drie
posten voor het orgel:
- 'De
orgelmaker Hinsz wegens extra ordinaris verdienst wegens de lekage van Puisters
36-0-'
- 'En wegens onderhoud van het orgel over de Jaren 1939 en 1740 de
Zomma van 30-0-'
- 'Nogh voor het onderhoud van het Orgel an de orgelmaker
Hinsz betaalt wegens het verschenene jaar 1741 de SSomma 15-0-' (23)
1743
'1743 de 19-januari volgens quitantie betaalt aan de
Orgelmaker Antonie Hintz voor twee jaren onderhoud van het orgel verstemmen dan
11-Julij 1742: in 1743 30-0-' (23)
1745
'1745 14 maij volgens quitantie
betaalt aan Mons. A. Hins Orgelmaker voor een Jaar onderhoud voor het Orgel te
Anloo verschenen den 11-Julij 1744 15-0-' (23)
Bijna
elk jaar komt de post van f 15-0- terug voor het stemmen van het orgel.
Regelmatig wordt als datum 11 juli genoemd.
In
1754 wordt f 60-0- in één keer
betaald voor de voorafgaande jaren.
Ook in
1761 wordt er in een keer
betaald voor 4 jaar stemmen.
In
1764 wordt f 90-0- betaald. Waarschijnlijk zijn er toen reparaties
verricht. Twee pagina's verder in het rekeningboek komt deze
post nog een keer voor. Is het een
dubbele boeking?
In 1765 f 30-0-
voor stemmingen op 11 juli in 1764 en 1765.
Op
12 mei 1766 f 30-0- voor 'onderhout'
aan het orgel.
1768 'Den 17 july
'An De orgelmaeker A. Hinsz voor onderhoud van t orgel volgens quitantie 30-0-'.
In 1770 weer een uitbetaling voor
twee jaar stemmen van f 30-0-. De stemming vindt nog steeds plaats op 11 juli.
In 1772 weer een betaling voor twee
jaar.
In 1774 voor twee jaar op
11 juli.
1774 'den 4 ....... guld
an jacoop Ruiter voor 2 jaar poestertreden betaelt'. (23)
1774
In Anloo vond op 4 december een bijeenkomst plaats ter
gelegenheid van de invoering van de nieuwe
psalmberijming van 1773. Ds. Henricus Hiller van Anloo sprak een rede uit. Deze psalmberijming werd in opdracht van de
Staten-Generaal vervaardigd.
Bericht uit Boekzaal der geleerde wereld januari 1775
Kort
daarna, op 13 januari 1775, worden psalmboeken aangeschaft. (23)
In
1777 wordt Hinsz betaald voor drie
jaren stemmen
In 1780 voor twee
jaar stemmen.
In 1782 voor drie
jaar stemmen.
In 1786 voor drie
jaar stemmen.
In 1787 '3 aug
Betaalt an Orgelmaker volgens Quitantie fl 15-0-0'
In
1788 een keer stemmen fl 15-0-0
In 1791 'Den 19 maart betaald aan
F.C. Snitger orgelmaker voor een jaar onderhoud van het orgel geweest in het
jaar 1786 15-0-0'
1794
'De KERKVOOGDEN van t Karspel
Anloo, zyn voorneemens aan de minst aaneemende Uittebesteeden: Eenige Reparatie
aan 't orgel tot Anloo. Die daar aan gadinge heeft koome op Donderdag den 12
Juny 1794 's agtermiddags om 1 uur, ten Huize van LUICAS HOLLANDER tot Anloo, en
neeme aan, op Conditiën als dan te hooren.'
Ommelander courant (23-05-1794)
en Groninger Courant (27-05-1794).
In 1794 '30 juni ‘Betaalt 3 st
Port van een Brief van R. Knol Orgelmaker 0-3-0', ‘In Julij Betaalt negen st
Port voor een Brief van R. Knol orgelmaker 0-9-0', 8 augustus: ‘Port Betaalt 11
st voor een Brief van R. Knol orgelmaker’ 0-11-0.
In
1795 '3 augustus Betaalt Rudolf Knol
orgelmaker voor het laagste schriven op het uit besteden van het orgel 2-16-0',
'7 september Betaalt an Hindrik Hollander doe wij de Orgelmaker Betaalt hebben
1-14-0', '7 september Betaalt an de Orgelmaker volgens Quitantij No 33 280-0-0
In 1806 '20 september ‘An Nicolaas
Anthonie Lohman Orgelmaker 122-13-6'. (03)
In
1814 '27 juni An Hindrik E(e)vers
Hambeek betaalt voor een Jaar treden der blaasbalgen volgens kwitanti No. 15
8-0-0' Deze betalingen lopen door tot 1840.
In
1815 '20 juni Aan J.R.B. Bruins een
Jaar organisten Tractement verschenen geweest den 1. January .. No. 2 60-0-0'
Deze betalingen lopen door tot 1832 over de periode dat Bruins organist was.
In
1816 '25 juni Aan J.C. Scheuër
orgelmaker te Koevorden volgens .. No. 1 40-0-0'.
In
1816 '27 juli aan Hindrik Everts te
Anloo voor Blaas Balke treden Kt No 8 8-7-0', 'Aan Gerryt Homborg voor vier
dagen blaasbalken treden 2-16-0' (Waarschijnlijk heeft Gerrut Homborg geholpen
bij de werkzaamheden van Scheuer).
In
1817 '30 juli ‘Betaalt an Hindrik Mulder te Anlo voor verschot an J.C.
Scheuer orgelmaker te Koevorden wegens Jaairliks onderhoud van het orgel in de
Kerk te Anloo fl 16,-'.
In 1818
Stembeurt Scheuer voor fl 16,-. Ook in 1820, 1821. Assistentie door Hindrik
Harms, Hindrik Schipper, Jan Roels Kors. (23)
In 1822'4 juny Aan B.J. Freytag
te Groningen voor het stemmen en repareren van het orgel No 7 15.00', ''16
novemberr: Aan de Wed. G. Schipper te Anloo voor het treden der blaasbalgen
bij het stemmen van het orgel 0,80'. Deze post komt elk jaar tot 1828 weer
terug..
Inn
18233'14 jul Betaald aan B.J.
Freijtag te Groningen voor gewoon onderhoud van het orgel en extra reparatie aan
hetzelve .. No. 7 36,-''14 jul Betaald aan B.J.
Freijtag te Groningen voor gewoon onderhoud van het orgel en extra reparatie aan
hetzelve .. No. 7 36,-'.
In 18244'3 september Betaald aan B.J. Freijtag te Groningen voor het kleuren .. No 15
34,-''3 september Betaald aan B.J. Freijtag te Groningen voor het kleuren .. No 15
34,-'.
In 18266'6 november Betaald
aan K&J Wilkens te Veendam voor een slot aan de deur van de orgelzolder .. No.
18 1,60''6 november Betaald
aan K&J Wilkens te Veendam voor een slot aan de deur van de orgelzolder .. No.
18 1,60'.
In 18277'31 januari
Betaald aan B.J. Freijtag voor twee nieuwe Klavieren op het Orgel in de kerk ..
No. 29 43,-''31 januari
Betaald aan B.J. Freijtag voor twee nieuwe Klavieren op het Orgel in de kerk ..
No. 29 43,-'.
In 18291829 '5
september Betaald aan H. E. Freijtag te Groningen het gewoon jaarlijks onderhoud
orgel in de kerk te Anlo .. No. 19 15,25'.
In
18311'30 juli Betaald aan N.A.
Lohman te Groningen voor het repareeren en stemmen van het Orgel’ 43,20''30 juli Betaald aan N.A.
Lohman te Groningen voor het repareeren en stemmen van het Orgel’ 43,20'.
In
18311'8 september Betaald aan R.E.
Mulder te Anloo voor wagenvragten tot het afhalen en terugbrengen van den
Schoolopziener bij gelegenheid van het vergelijkende examen der Sollicitanten
naar de vacante Kosters-plaats te Anloo 2,25''
oktoberrBetaald aan de orgeltrappers
Hambeek fl. 8,- salaris en aan D.. fl 4,-voor assistentie bij reparatie en
stemmen. Deze Hambeeks gaven dit beroep over van vader op zoon tot 1877..
Inn
18322'10 april Betaald aan J.H.
Bruins te Anloo, wegens tractement als Organist van 1e January tot 30 April 1831
No. 25 fl 20,-', '10 ditto Betaald aan L. Niemeijer Anloo dezelfde tractement
als Organist van 1 april tot 31 december No. 26 40,-''
Inn
18333'1 juni Betaald aan H.
Groenewoud te Groningen wegens het repareeren en stemmen van het Orgel 25,25''
Van 1834-1845 jaarlijks onderhoud van het orgel door H. Groenewoud uit Groningen
in 1834 fl. 15,255
Inn 18388'26
juli G. Boddens voor het verlakken van het orgel volgens kwitantie No. 5 11,-''
Inn 1839/18400'30 december Aan G.
Smit? vertering? bij het verhuren van de orgelzolder 2,07 1/2', '2 januari aan
L. Nijmeyer des zelfs traktement als organist f 60 en brood bij het avondmaal f
9,60 te .... f 69,60''
Inn 18411'29
juli Betaald aan de wed. H.E. Hambeek een jaar voor het orgeltrappen 9,20''
In
de periode tussenn 1842 en 18500wordt
de naam van de orgelmaker meestal niet genoemd. Kosten zijn f 12,- In 1845 wordt
Groenewoud genoemd..
Inn 18488'4
januari Aan J.H. van Veen en L. Nijmeijer voor het orgel bespeelen, als organist
60,-''
Inn 18488'J.H. van Veen als
organist 60,-''
Inn 18488'betaalt
voor het herstellen van het orgel aan G. Loman 65,-' ((244)
ca. 1850ca. 1850
Het orgel wordt vermeld in de
Orgelbeschrijvingen van Broekhuyzen:
'A 105. Anlo, Provintie Drenthe
Het orgel in de hervormde gemeente aldaar, is in 1728 gemaakt door Frans Casper
Schnitger, beroemd orgelmaker. In 1816 is het zelve gerepareerd door N.A. Lohman,
orgelmaker te Groningen. Het heeft 16 stemmen, twee handclavieren, aangehangen
pedaal en vier blaasbalgen.
| Manuaal | Borstwerk | ||
| Prestant | 8 vt | Gedakt | 8 vt |
| Holpijp | 8 vt | Fluit | 4 vt |
| Octaaf | 4 vt | Octaaf | 2' |
| Spitsfluit | 4 vt | Quint | 1 1/2 vt |
| Quintadena | 16 vt | Sexqualter | 2 st |
| Quint | 3 vt | Voxhuma | 8 vt |
| Octaaf | 2 vt | ||
| Mixtuur | 4-5 st | ||
| Cornet | 4 st | ||
| Trompet | 8 vt |
In
1851 '7 Aan G.W. Lohman als
orgelmaker 12,00 en 8,00 Aan J.A. van Veen als organist 60,00'.
In
1852 'No. 27 Aan G.W. Lohman als
orgelmaker 12,00 en No. 28 aan G.W. Lohman voor het maken der blaasbalg van het
orgel 15,00'.
In 1854 '8
orgelmaker voor het stemmen van het orgel 12.. en 10 J. Hambeek voor
buitengewone dienst van het orgel 1,80' In 1855 wordt Lohman genoemd voor f
12,00.
In 1856 '38 aan den heer
Lohman te Groningen voor het stemmen van het orgel 12,00'.
In
1856 '28 maart 3 aan de
heer Lohman te Assen voor het maken van een akte 7,10'.
In
1858 'Maart 21 Aan J. Schaaffelt
orgelmaker 12,00' (knecht van Lohman).
In 1860 'Aug 10
aan N.A. Lohman voor orgelmaken 24.00' 1863 idem. (24)
In 1862: 'Augustus 20 Betaald
aan Loman orgelmaker No. 10 12,00' Idem voor de periode 1863-1867.
In
1871 '6 januari ‘Betaald aan J.H.
van Veen voor briefje na orgelmaker’ 0,10.
In
1871 '27 mei Aan J.H. Nenwsticht?
orgelmaker’ 50,- .
In 1875 'Oktober
1 Aan J Doornbos voor het repareren en stemmen van het orgel volgens 12 16,-', 'Aan
J. Hambeek voor de bediening bij t Org 13 2, 25' .
Dit onderhoud van J. Doornbos
loopt door tot 1915 voor f 12,-. (25)
1876
De schilder Johannes
Bosboom (1817-1891) maakt een schets van het orgel

Blad 12 verso uit een schetsboek met 13 bladen Collectie Rijksmuseum
RP-T-1996-116-12(V) Klik op de afbeelding voor een vergroting
In 1878 'April 18 A J
Doornbos voor het stemmen Orgel No. 7 12,-', 'Mei 5 Aan J Akkerstaf? voor het
orgel trappen ... 10,-', 'den 1 Mei 1877 tot Mei 78 dito orgelt bij stemmen
1,50'
In 1885 '16 april Aan Gratema de Advertentie betaald voor het
oproepen van een Koster en Organist 5,20', '31
mei Aan J.H. van Veen aftredend koster en organist te Anloo het Traktement
van den 1 Jan 1885 tot den 1 Juny 1885 --- Volg kwitantie No. 11 25' (25)
1885
De gemeente plaatst een advertentie voor een nieuw
schoolhoofd en de kerk plaatslak daarna een advertentie voor een koster en organist.
Hoofdonderwijzer J. van Veen is 45 jaar in Anloo onderwijzer geweest. Er melden
zich 15 sollicitanten voor de functie. Zie Provinciale Drentsche en Asser courant
(28-02-1885), (05-03-1885),
(05-03-1885), (10-03-1885)
en (07-04-1885)
1886
'21
Febr Betaald aan J.H.
Veltmeijer het traktement als Koster en organist te Anloo van den 1885 1 Juny
tot den 1 January 1886 Vijfendertig gulden benevens Zes Gulden vijfentwintig voor
vergoeding van de Roggepacht van den 1 juny 1885 tot den 1 November 1885
tezamenlijk volg Kwit No. 30 41,25' (25)
Op 15 april 1886
is er een
Akte van benoeming door het
Provinciaal College van Toezicht op de Hervormde kerk van J.H. Veltmeijer tot
koster en organist naast zijn functie als hoofd der school te Anloo. (21)
Deze benoeming komt in verbaal 10/3
in het College van Toezicht aan de orde. (35)
1887
Het orgel wordt genoemd in de Nieuwe Drentsche Volksalmanak van 1887 in
het artikel (blz. 41) De kerk te Anloo door Mr. W.L. van den Biesheuvel Schiffer.
1889
In de Nieuwe
Drentsche Volksalmanak worden de wapenborden beschreven in een
artikel
door J.M. van Kuyk 'Grafschriften, wapens enz. voorkomende in eenige kerken van
Drenthe'.
In 1893 'februari Betaald aan
Doornbos voor het herstellen en stemmen van het orgel volg. kwit no. 21 25,00',
'Betaald voor reiskosten 1,30'
In 1898
'14 februari Aan v/d Glas
orgelverven, glas enz. 41,20'
In 1899 wordt het traktement van de organist
verhoogd van f 60,- naar f 75,-
In 1901
'15 augustus Voor orgelstemmen enz. aan de Clercq 12,50' (25)
1906
In de
kerkvoogdijvergadering van 8 april
komt een voorstel van orgelmaker Jan Doornbos aan de orde voor een herstelling, begroot
op f 400,-. Men besluit deze werkzaamheden te laten uitvoeren. De kosten mogen
niet worden overschreden. Er zal niet voor worden gecollecteerd.
Op
28 september wordt vermeld dat de
werkzaamheden aan Doornbos zijn gegund. Doornbos geeft twee jaar garantie. (20)
Op 3 februari wordt een brief
behandeld van het classicaal bestuur te
Assen dat er een polis voor de verzekering van het kerkgebouw
voor f 11.500,- en een polis voor de verzekering van orgel en inventaris voor f
3.000,- zijn binnen gekomen. De documenten worden doorgestuurd naar de Algemene Synodale
Commissie. (21)
Op 23 augustus wordt het orgel na de
restauratie door Doornbos weer in gebruik genomen. Zie Nieuwsblad van het
Noorden (25-08-1906).
1909
In de Provinciale
Drentsche en Asser courant van 11
januari wordt het aantal
orgels (zeven) in Drenthe in 1792 vermeld en de restauratie van de kerk in 1859.
Het artikel is het zesde deel van de artikelenserie
Oostermoersche herinneringen en beschouwingen.
Het aantal
aanwezige orgels in 1792 wordt correct met zeven vermeld.
In
1906 '20 augustus Aan
den Orgelmaker van Herstellingen 200,-', 'Aan den Orgelmaker
voor Vervoer 6,-' In de periode daarna regelmatig stemming door Doornbos,
'Dorenbos', 'Doornbosch' voor doorgaans f 12,50, vanaf 1918 voor f 17,50.
In
1907 'Jan. 26 Aan B. van Bergen
terugbetaald de f 200,- voor 't orgel geleend met rente 212,00'.
In
1917 '31 december H. Frankena voor
’t orgelspelen f 10,-'. (25)
1922-1940 Kasboek
In
het kasboek voor de periode van 1922
tot 1940 vinden we betalingen aan organisten, orgeltrappers en orgelmakers.
Orgelstemmingen door Doornbos in 1922, Vegter in 1924, Thijs in 1931, P. van Dam
vanaf 1933 tot 1940. De bedragen zijn meestal rond de f 15,- In 1939 door Steenhuis.
Herstellingen door Jan Doornbos in 1921 voor f 300,-, Meek in 1928 voor f 10,-,
Thijs in 1928 voor f 24,-
Er wordt een muziekboek gekocht bij Meek in Assen voor f 3,55
Organisten Van
der Werff, Westrup en Bol voor een salaris van f 150,- per jaar.
In 1940 wordt
orgeltrapper Matthijssen genoemd. Hij is tevens koster en ontvangt f 100,- (22)
1922
In de
kerkvoogdijvergadering van 11 april
komt het vertrek van organist Veltmeijer aan de orde. Er zal met de gemeente
worden overlegd omtrent zijn opvolging.
In de vergadering van
27 mei is Veltmeijer in de
vergadering aanwezig en wordt hij bedankt voor zijn taak als organist en koster.
(20)
In de advertentie van de gemeente voor een schoolhoofd
worden ook de functie van koster/organist genoemd. Zie Provinciale Drentsche
en Asser courant (04-04-1922).
1926
In de
kerkvoogdijvergadering van 13 februari
komt het vertrek van organist Van der Werff aan de orde. Voor zijn opvolging
zijn er de volgende kandidaten: L.P. Bol uit Annerveen (schoolhoofd in Anloo),
Westrup uit Annen en Van der Glas uit Annerveenschekanaal. Met algemene stemmen
wordt dhr. Bol benoemd. Tot het moment dat hij capabel genoeg is dient hij
echter voor een vervangend organist te zorgen. Het traktement is f 200,- per
jaar. Hij wordt voor een jaar benoemd. (20) Zie ook Provinciale Drentsche en Asser courant
(19-02-1926).
1927
Kennelijk bereikt dhr. Bol niet het gewenste niveau en wordt dhr.
Westrup benoemd als organist. Zie Provinciale Drentsche
en Asser courant (10-05-1927)
1936-1944
De kerk wordt in fases
gerestaureerd. Eerst het koor en daarna schip en toren. Zie
Provinciale Drentsche en Asser courant (26-10-1936)

Tekening uit 1931.
(33) Klik op de afbeelding voor een
vergroting
Provinciale Drentsche en Asser courant
26-10-1936
1936
Op 10 oktober schrijft orgeladviseur J.M. Luijten op verzoek van de kerkvoogdij
een rapport over het orgel. Hij heeft
het orgel bezocht op 29 september. (18)
Hij stelt de
volgende werkzaamheden voor:
- Alle onderdelen reinigen inclusief
pijpwerk in- en uitwendig.
- Verlagen van de stemming door pijpen te
verplaatsen en/of te verlengen. Het orgel staat nu 1 toon te hoog. Stemkrullen
aanbrengen om makkelijker te kunnen stemmen. Pijpwerk is erg beschadigd.
-
Windladen zijn zeer lek. Deze restaureren en pulpeten vervangen door koperplaten
met leer.
- Koperdraad is in slechte toestand. Dit vervangen door
phosphorbronsdraad.
- Winkelhaken en walsarmen vervangen door nieuwe met
bevoerde ogen.
- Speling in speel- en registertractuur weghalen.
Registers zo mogelijk dichter bij de klaviatuur plaatsen. Registers zitten nu te
ver weg.
Bovenstaande werkzaamheden zijn beslist nodig. De kosten daarvan
schat Luijten op f 1.600,- Daarnaast zou nog het volgende kunnen gebeuren:
-
Trompet en Vox Humana zijn oud en zeer slecht. Deze vervangen door nieuw pijpwerk.
Kosten geschat op f 500,-.
- Aanbrengen van een windmotor, waardoor er een
meer stabiele wind ontstaat.
- De klank van het orgel is zeer scherp.
Dit kan door herintonatie worden verbeterd. Het is aan te raden een Bourdon 16' toe te voegen en deze via
een transmissie op het pedaal bespeelbaar te
maken. Het pedaalklavier vervangen en koppelen aan
het eerste manuaal. Kosten worden geschat op f 500,-.
- Er zijn een
aantal registers verdwenen. Deze zouden moeten worden herplaatst, maar daar is
eerst onderzoek voor nodig.
- De orgelkas is in slechte staat en dient
te worden hersteld. De verf dient te worden verwijderd. De folie van de grote
frontpijpen verwijderen en de kleine frontpijpen vervangen. Dat is eenvoudiger
dan herstel. Daarna het front met aluminium zijdeglans bespuiten.
Luijten
schat een totale restauratie op f 4.000,- Hij is graag bereid de restauratie
te begeleiden en er voor te zorgen dat de posten apart worden ingeschat zodat er
beslist kan worden wat wel en niet wordt uitgevoerd.
Op
26 oktober schrijft Luijten aan
predikant Beek. Hij kan zich indenken dat men is geschrokken van de kosten. Het
orgel kan het beste worden gerestaureerd na het gereedkomen van de
kerkrestauratie. Als dit te lang duurt zou eerst het orgel gerestaureerd kunnen
worden. Bij de kerkrestauratie dient het orgel goed te worden afgedekt. (18)
1937
Op 23 juni schrijft het College van Toezicht dat bij
het bezoek van een fotograaf om het kopstuk van het herengestoelte te
fotograferen bleek dat het interieur van de kerk in zeer slechte staat
verkeert. Er zijn zelfs plannen om het herengestoelte te verkopen. Dit is cultureel
erfgoed en dient in goede staat te worden gehouden. (21)
In het boek Genealogische en
heraldische gedenkwaardigheden in en uit de kerken der provincie Drenthe
uit 1937 staat een toelichting op de wapenschilden op de balustrade voor het
orgel
1938
In november
schrijft de Vereniging van Kerkvoogdijen van de Nederlands Hervormde Kerk
afdeling Drenthe dat orgeladviseur K.M. Luijten op donderdag 19 januari het
orgel zal bezoeken. Verzocht wordt het volgende te regelen:
- Inzage in de
brandverzekering.
- Kerk open op het afgesproken tijdstip.
-
Orgeltrapper aanwezig als er geen windmachine aanwezig is.
- Overzicht
beschikbaar welke werkzaamheden er de laatste tien à twintig jaar voor onderhoud zijn gepleegd
en inzage in de desbetreffende documenten.
- Hoe vaak wordt er gestemd,
hoeveel uur wordt daaraan besteed en wat waren de kosten? (18)
1939
Op 22 april komt Luijten met een tweede
rapport. De inhoud van dit rapport komt grotendeels overeen met het eerste
rapport. De noodzakelijke werkzaamheden schat hij in op circa f 1.500,- en hij
noemt een stelpost voor het herstellen van de orgelkas van f 500,- De
nieuwwaarde schat Luijten op f 6.500,- en de huidige waarde op f 3.000,- Stemmen
gebeurt door Bliek voor de firma Van Dam uit Leeuwarden. Stemmen één keer per jaar
voor f 15,-. Aantal uren voor een stemming schat hij op tien tot twaalf. (18)
Genoteerde dispositie
| Hoofdwerk | Borstwerk | Pedaal |
| Prestant 8' | Holpijp 8' | aangehangen |
| Roerfluit 8' | Fluit 4' | |
| Quintadeen 8' | Octaaf 2' | |
| Octaaf 4' | Spitsfluit 1 1/3' | |
| Spitsfluit 4' | Vox Humana 8' | |
| Quint 3' | ||
| Octaaf 2' | ||
| Trompet 8' |


1944
Van 1944 tot 1948 vindt de restauratie
plaats onder toezicht van de Nederlandse Klokken- en Orgelraad (NKO) met als adviseur Mr. Arie
Bouman. Op 15 maart 1944 wordt een overeenkomst gesloten met orgelmaker Mense
Ruiter (MR).
Zowel op het Hoofdwerk als het Borstwerk zijn registers
verdwenen. Op het Hoofdwerk ontbreken de Mixtuur 4-5 sterk
en de Cornet 4 sterk en op het Borstwerk ontbreekt de Sexquialter 2 sterk. Voor
de Sifflet 1 1/3' moet gelezen worden Quint(fluit) 1 1/2'. Wanneer deze
registers zijn verwijderd is niet bekend. MR constateert een aantal
gebreken aan het orgel. Een aantal pijpen van de Quintadena 8' zijn ingezakt. De
orgelkas
vertoont een knik naar voren op de overgang van de onder- naar de bovenkast. De
borstwerklade is een chromatische lade, die misschien niet uit de bouwtijd is. Het pijpwerk van deze
lade is moeilijk bereikbaar vanwege de
registerwellen van het Hoofdwerk. In het rapport worden achttien verbeterpunten
opgesomd.
De voornaamste punten waren:
Het contract met MR dateert van 15 maart 1944 en luidt als volgt:
Overeenkomst betreffende de restauratie van het orgel in de Hervormde kerk te Anloo.
Op heden den vijftienden Maart 1900 vier en veertig zijn de Kerkvoogdij der Ned.
Hervormde Gemeente te Anloo, in deze overeenkomst aangeduid met 'de
aanbesteder', contractant ter eene zijde en Mense Ruiter, orgelbouwer, gevestigd te
Groningen aan de Bankastraat nr.9a, in deze overeenkomst aangeduid met 'de
aannemer', contractant ter andere zijde, overeengekomen als volgt:
Art.1. De aanbesteder heeft aanbesteed aan den aannemer, gelijk de aannemer verklaart
van den aanbesteder te hebben aangenomen, het restaureeren en geheel voltooid en
speelklaar opleveren van het orgel met 14 stemmen in het kerkgebouw van den aanbesteder,
te weten in de Hervormde kerk te Anloo.
Art.2. Dit orgel zal worden gerestaureerd geheel overeenkomstig onderstaande
voorschriften en voor de eindkeuring geheel voltooid worden opgeleverd op vrijdag 16
Februari 1900 vijf en veertig. Voor de goede uitvoering der werkzaamheden zal de aannemer
ontvangen een bedrag van f 3.300,- (zegge drie duizend drie honderd gulden), na schriftelijke
goedkeuring door den Nederlandschen Klokken- en Orgelraad, gevestigd te Amsterdam aan de
Reguliersgracht 114, die met de Directie van het werk is belast.
Art.3. De restauratiewerkzaamheden zijn de volgende:
a. algeheele demontage, schoonmaak, herstel en waar noodig vernieuwing van onbruikbare
onderdeelen in dezelfde materialen, montage en speelklare afstelling.
b. deugdelijk wegnemen van door- en bijspraak uit de windladen, door demontage,
vlakschaven, waar noodig vernieuwen van gescheurde sponsels, hard leer en pulpeetdraden,
potlooden der sleepen, montage en zuivere afregeling.
c. bijmaken in dezelfde materialen van nieuwe sleeplaadjes voor cis3 t/m f3.
d. uitbreiden van de manualen en bijbehoorende mechaniek in dezelfde materialen en vorm
tot f3(54 toetsen),inclusief herstellen van de bestaande manuaaltoetsen met hun beleg.
e. omwerken van het pedaal tot een indeeling van 99,6, inclusief het wijzigen van het
welbord in verband hiermede, en het vernieuwen van kromgetrokken wellen.
f. wegnemen van rammelen of kloppen van de toetsen en het mechaniek, door het
aanbrengen van nieuwe stiften en opnieuw invoeren van de draaipunten en het bevilten der
toetsen. Zwak geworden draadwerk wordt vernieuwd met roodkoper. De toetsaanslag zal zoo
licht mogelijk zijn en de diepgang der manuaaltoetsen ongeveer 10 mm.
g. ombouwen van de registratuur, zoodat de registerknoppen ongeveer 20 cm. dichter bij
de manualen komen. Onder de knoppen worden langwerpige zwartgelakte houten plankjes
aangebracht, waarop in vergulde barokletters de volgende registernamen worden
geschilderd (het schilderen buiten de aanneemsom): Quintadena 16', Praestant 8', Roerfluit
8', Octaav 4', Spitsfluyt 4', Nassat 3', Super-octaav 2', Mixtuur 4 à 5 sterk, Trompet
8', Holpijp 8', Gedaktfluyt 4', Octaav 2', Quintfluyt 1 1/2', Vox humana 8', Coppeling. Een
nieuwe eikenhouten manuaalkoppel wordt aangebracht.
h. aanleggen van grenenhouten windkanalen (inwendig met lijmverf, uitwendig met lak
bestreken) tusschen balg en windladen waarin de bochten verkropt zullen zijn. De winddruk
wordt op 70 mm. waterdruk afgesteld.
i. schoonmaken en keurig in de oorspronkelijke vorm herstellen van het pijpwerk,
waarbij te hooge opsneden zullen worden verlaagd.
j. de bestaande frontpijpen worden van de aluminiumverflaag ontdaan, opnieuw gepolijst
en met matte zaponlak gelakt.
k. De grootste 5 of 6 pijpen der Quintadena 16' worden versmolten en onder bijvoeging
van orgelmetaal van voldoende wanddikte in dezelfde mensuren hermaakt en op een nieuwe
pneumatische lade terzijde in de orgelkast geplaatst. Indien geen orgelmetaal hiervoor
beschikbaar wordt gesteld, worden deze pijpen hermaakt van zwaar glanzend gelakt zink, in
welk geval de aanneemsom met f.50,-(zegge vijftig gulden) zal worden verminderd. De
opsneden van dit register worden verlaagd.
l. De opsneden der Gedaktfluyt 4' worden verlaagd en nieuwe metaalhoeden aangebracht,
die met stevig papier op de corpora worden bevestigd.
m. De hoogste pijpen der Quintfluyt 1 1/2', die te wijd van mensuur zijn, worden door
nieuwe engere in aansluitende mensuren vervangen.
n. De stevels der Trompet 8' en Vox humana 8' worden met Xylamon tegen houtworm
geprepareerd.
o. De Trompet 8' wordt vooraan op de lade geplaatst, en op de vrij gekomen plaats komt
een nieuwe Mixtuur 4-5 sterk van 33% tin, met breede steminsnijdingen tot aan de 1/4 voet,
van de samenstelling:
| C : | 1 1/3 | 1 | 2/3 | 1/2 | |
| c : | 2 | 1 1/3 | 1 | 2/3 | |
| c1: | 4 | 2 2/3 | 2 | 1 1/3 | 1 |
| c2: | 5 1/3 | 4 | 2 2/3 | 2 | 1 1/3 |
| C | c | c1 | c2 | c3 | |
| Æ | 32,1 | 26,5 | 25,5 | 19,8 | 11,4 |
| lbr. | 28,6 | 23,1 | 22 | 17,3 | 10 |
| Æ | 24 | 18,6 | 19,1 | 14,6 | 8,5 |
| lbr. | 20,9 | 16,3 | 17 | 12,8 | 7,4 |
| Æ | 18 | 13,9 | 15,4 | 11,1 | 6,4 |
| lbr. | 16 | 12,1 | 13,4 | 9,7 | 5,6 |
| Æ | 13,4 | 10,4 | 10,7 | 8,9 | 5,2 |
| lbr. | 11,7 | 9,3 | 9,5 | 8 | 4,7 |
| Æ | 8 | 6,2 | 3,7 | ||
| lbr. | 7,1 | 5,5 | 3,3 |
p. Voor elke stem worden in aansluitende mensuren en gelijke constructie vijf pijpen
bijgemaakt voor cis3, d3, dis3, e3, f3.
q. De intonatie van het pijpwerk geschiedt in het Barokkarakter en zal draagkracht aan
duidelijkheid paren. Voor afzonderlijke stemmen wordt deze als volgt:
| Quintadeen 16' | vooral in de bas vrij volle Quintadena, met snuivende quintboventoon. |
| Praestant 8' | vrij volle, verzadigde, zangerige, doch nergens fluitachtige Praestant 8'. |
| Roerfluit 8' | vrij volle en heldere, weeke Roerfluit. |
| Octaav 4' | als Praestant 8', doch iets strijkender. |
| Spitsfluit 4' | vrij volle en zangerige Baarpijp. |
| Nassat 3' | weeke, goed versmeltende Gemshoornquint. |
| Superoctaav 2' | als Octaav 4', doch iets strijkender. |
| Trompet 8' | vrij volle, doch steeds heldere en snaterende Trompet. |
| Holpijp 8' | weeke, doch heldere Gedekt. |
| Gedaktfluyt 4' | ronder dan Holpijp 8'. |
| Octaav 2' | als Praestant 8'. |
| Quintfluyt 1 1/3' | heldere, ronde Open fluit. |
| Vox humana 8' | zangerige, strijkende kegelregaal. |
r. de stemming van het pijpwerk zal geschieden in de gelijkzwevende temperatuur a van de Octaav 4' ingesteld op 870 trillingen bij 15 graden Celsius.
Art.4. Buiten de aanneemsom vallen de volgende werkzaamheden, die voor rekening van den
besteder naar aanwijzingen van den aannemer zullen worden verricht:
a. het schilderen van de registernamen volgens art.3 sub. g.
b. het 8 cm. hooger plaatsen van de geheele kast, en het ongeveer evenveel onderuit
brengen van de regel, waarop de manualen rusten.
c. het verplaatsen van de stijlen naast de manualen en het aanvullen daarvan naast het
pedaal, met inbegrip van een vergrooting van de lessenaar en het dichtmaken van de oude
registertrekgaten.
d. het draaibaar of uitneembaar maken van een paneel rechts van de manualen op de
hoogte van de borstwerklade voor het nieuwe ladegedeelte.
e. de opstelling van de blaasbalg en het maken van een geluiddempende omkisting voor
een toekomstige electrische ventilator met aanleg van kabels en schakelaar.
f. het maken van een opklapbare stemloopplank aan de achterzijde van het orgel met
bijbehoorend trapje.
Art.5. De aannemer zal gedurende de werkzaamheden aan aanbesteder kosteloos een
kabinetorgel in bruikleen verschaffen.
Art.6. Tenzij de aannemer overmacht kan aantoonen, zal een boet van f.5,- worden
afgehouden van de aanneemsom voor elke dag overschrijding na de opleveringstermijn. De
aannemer ontvangt een derde van de aanneemsom bij den aanvang van het werk en twee derde
na algeheele schriftelijke goedkeuring door den Ned. Klokken- en Orgelraad. Bij afkeuring
worden van de aanneemsom afgehouden de vergeefs veroorzaakte reiskosten van de
keurmeesters, naar een maatstaf van f.7,50 per uur. Mocht de aannemer en binnen een door
de directie naar redelijkheid vast te stellen termijn niet in slagen, de geconstateerde
gebreken weg te nemen, dan zal een andere orgelbouwer in de gelegenheid worden gesteld,
dit op zijn kosten te doen.
Art.7. De aannemer verbindt zich tot het geven van een garantie na de
restauratie-voltooiing gedurende tien jaren. Hij verplicht zich, alle fouten of gebreken
in het orgel of zijn onderdeelen, voortkomende uit materiaal, constructie of afwerking, op
eerste aanmaning geheel kostloos en afdoende te herstellen. Gebreken, klaarblijkelijk
veroorzaakt door verkeerde of ondeskundige behandeling van derden, natuurlijke slijting,
onvoldoende zorg tot onderhoud vanwege de aanbesteder, stof ongedierte of uiterlijk
geweld, vallen buiten deze garantie. Deze garantie-verplichting vervalt, wanneer tusschen
den aanbesteder en den aannemer geen onderhoudsovereenkomst bestaat, die tenminste een
algeheele revisie en stemming per jaar omvat, berekend naar een tarief, dat het tarief van
den Bond van orgelbouwers in Nederland niet te boven gaat.
Art.8. Geschillen over de uitlegging of uitvoering van deze overeenkomst worden in
eerste en hoogste instantie beslist door den Ned. Klokken- en Orgelraad, behoudens het
beroep van partijen op de bevoegde instanties der rechterlijke macht, op grond, dat de
gegeven uitspraak in strijd is met de redelijkheid, billijkheid en goede trouw, die bij de
tenuitvoerlegging van overeenkomsten moet worden in acht genomen. Aldus overeengekomen en
in tweevoud geteekend te Anloo/Groningen, op 15 Maart 1944.
De aanbesteder, De aannemer,
Kerkvoogdij der Ned. Hervormde Gemeente te Anloo. Mense Ruiter, orgelmaker te
Groningen.
Voorzitter:
Secretaris: Gezien door de Directie,
Nederlandsche Klokken- en Orgelraad
secretaris: Mr. A. Bouman
Op 19 december komt het orgel
weer ter sprake in de kerkvoogdijvergadering. De restauratie wordt nu geschat op f 5.000,-. Door een subsidie
van 50% zal de kerk f 2.500,- moeten financieren. Er wordt voorgesteld intekenlijsten te
laten rondgaan. De kerkvoogden wordt gevraagd om als eersten op de lijsten in te tekenen.
In november krijgt de kerkvoogdij
toestemming voor het houden van een inzameling voor de restauratie van het
orgel. In het eindrapport van de Marechaussee van 13 maart
1945 blijkt dat er f 3.450,75 is opgehaald. (29)
Door de oorlogsomstandigheden kan de opleveringstermijn van 16 februari 1945 niet
gehaald worden. (30)
1945
Op
29 juni komt het orgel weer ter
sprake. De 'aannemer' (MR) heeft toegezegd dat er kisten zullen komen
om onderdelen naar de werkplaats te kunnen vervoeren.
Op
24 december wordt besloten het
salaris van de organist met f 50,- per jaar te verhogen. (30)
1946
Op 16 april 1946
schrijft MR dat de restauratie van het orgel niet voor de Paasdagen kan worden
voltooid. Het personeelslid dat over de windladen gaat heeft ontslag
genomen. Hij heeft wel een vervanger gevonden, maar die bleek niet geschikt.
Ruiter gaat zelf met de windladen bezig, maar moet eerst de administratie reorganiseren. Het pijpwerk is grotendeels al hersteld. Nu blijkt dat het
orgel een halve toon te hoog staat. Dit wordt in het bestek niet genoemd. Voor
groot C en d3-f3 worden nieuwe pijpen bijgemaakt. De
pijpenmaker schat dat de nieuwe pijpen over twee tot drie maanden geleverd kunnen worden.
MR probeert het orgel zo snel mogelijk weer in de kerk op te stellen. Het staat
al te lang in de werkplaats. Hij verwacht over zes weken met het binnenwerk in de
kerk te kunnen opstellen.
De windladen hebben vier onbezette plekken die gedeeltelijk
weggetimmerd zijn. Hij stelt voor om op het hoofdwerk een Sexquialter 2 sterk en
een Mixtuur 4-6 sterk te plaatsen en op het borstwerk een Cymbel of Scherp 3
sterk en een cilindrisch tongwerk. De Vox Humana moet naar zijn oorspronkelijke
plaats terug op het Hoofdwerk: Het bijmaken van de 550 pijpen vergt een bedrag
van f 1.200,-.
MR stelt een lijst
op met de benodigde houten materialen.
Op 10
mei schrijft de NKO dat Mr. Arie Bouman de vragen van 7 mei vanuit Anloo nog niet
direct kan beantwoorden. Hij zit op dit moment in Zwitserland.
Op
24 juni schrijft de NKO dat een
uitbreiding met een Mixtuur 4-5 sterk noodzakelijk is, maar dat de andere
uitbreidingen niet direct hoeven. De aanneemsom van f 3.300,- is eigenlijk te
laag. Een bedrag van f 5.000,- is realistischer. Een prijsverhoging dient
te worden overwogen. Een restauratie door MR loopt vaak uit. De
kwaliteit van zijn werk is echter uitstekend. Ook vindt het Bouman het
eigenaardig dat er geen
overleg meer is met Ruiter over technische kwesties. (18)
1948
Op 24 maart
schrijft Johannes Legène naar MR dat hij en Lambert Erné weer in Groningen en
Drenthe zijn. Ze willen op woensdag 31 maart Anloo bezoeken. (32)
Het orgel wordt op zondag 24 oktober om
drie uur 's middags weer in gebruik genomen met een bespeling door Aart Smink
(1906-1971), organist van de Houtrustkerk in Den Haag.
Zie de PDF van het ingebruiknameboekje. (16)
In het boekje is een korte geschiedenis van het orgel opgenomen. Volgens
het boekje zouden er maar drie orgels van Garrels bewaard zijn gebleven: Anloo, Purmerend
en Maassluis.
De volgende werkzaamheden worden genoemd:
- De klavieromvang
is vergroot van 49 naar 54 toetsen.
- Mechaniek en pijpwerk zijn daarom
uitgebreid en gewijzigd.
- 90% van de pijpen hebben nieuwe bekken
gekregen.
- Een aantal pijpen zijn door nieuwe exemplaren vervangen.
-
Van de drie vulstemmen is er één weer herplaatst.
- Het labiaal pijpwerk is
opnieuw geïntoneerd.
- De registertrekkers zijn naast de klavieren geplaatst,
waardoor ze beter bereikbaar zijn.
- De toonhoogte was 3/4 toon te hoog. Deze
is met een halve toon verlaagd.
In de
Provinciale Drentsche en Asser courant
25-10-1948 wordt uitgebreid verslag
gedaan van de ingebruikname. In het verslag wordt abusievelijk vermeld dat 90%
van het oude pijpwerk is vervangen.
Op
23 november schrijft de NKO een
eindkeuringsrapport. De restauratie is uitgevoerd conform de
overeenkomst. In constructief opzicht laat deze restauratie niets te wensen
over. De registeropschriften in oud schrift zijn nog niet aangebracht. Deze
vallen echter buiten de aanneemsom. De intonatie voldoet aan redelijke eisen.
Ruiter heeft de winddruk teruggebracht tot 59 mm. Hierdoor is vooral de Prestant
8' intiem en enigszins strijkend. Hierdoor moest de opsnede
worden verlaagd wat niet nodig was geweest. Er zijn nog twee lege plaatsen: de
Sexquialter II op het Hoofdwerk en de Cymbel III op het Borstwerk. Echter ook zonder
deze stemmen is het orgel berekend op zijn taak.(32)
Dispositie na de restauratie volgens het ingebruiknameprogramma
| Hoofdwerk. | C-f3 | Borstwerk. | C-f3 |
| Quintadena | 16' | Holpijp | 8' |
| Prestant | 8' | Fluit | 4' |
| Roerfluit | 8' | Octaaf | 2'. |
| Octaaf | 4' | Quint | 1 1/3' |
| Speelfluit | 4' | Vox Humana | 8' |
| Quint | 2 2/3' | ||
| Octaaf | 2' | ||
| Mixtuur | IV-V | ||
| Trompet | 8' |
Samenstelling vulstemmen:
Sexquialter 2 sterk:
| c : | 1 1/3 | 4/5 |
| c1: | 2 2/3 | 1 3/5 |
Mixtuur 4-5 sterk:
| C : | 1 | 1 1/3 | 2/3 | 1/2 | ||||||
| c : | 2 | 1 1/3 | 1 | 2/3 | ||||||
| c1 : | 4 | 2 2/3 | 2 | 1 | 1 1/3 | 1 | ||||
| c2 : | 5 1/3 | 4 | 2 2/3 | 2 | 1 | 1 1/3 |
Tremulant; aangehangen pedaal C-d1; 4 blaasbalgen; koppeling Hoofdwerk-Bovenwerk als trede; 2 afsluitingen; ventiel.


Foto vanuit het Archief van http://www.kerkeninbeeld.nl
1949
In de kerkvoogdijvergadering van 25
oktober wordt de eindafrekening van de orgelrestauratie behandeld. De
ontvangsten bedragen f 6.526,75, terwijl de kosten f 6.434,38 waren. Er is een
voordelig saldo van f 92,37. (30)
1950
L. van der Glas uit Zuidlaren schrijft
dat hij een orgel (zo goed als zeker een harmonium) heeft gerepareerd voor f 75,-
en dat het de dag daarna per Scheffers naar Anloo is vervoerd. Hij beschrijft
hoe het instrument onderhouden moet worden. (21)
Op
23 november wordt in de kerkvoogdij
de afloop besproken van een verloting, waarvan de opbrengst besteed zal worden
aan de aanschaf van een windmachine. Van de 1.000 loten van f 1,- zijn er
700 verkocht. In het dorp Annen is de deelname zeer matig. Geprobeerd zal worden
daar nog wat meer loten te verkopen. Er ligt een aanbieding van orgelmaker
Vegter voor de levering van een windmotor. Men stelt voor de installatie daarvan
over te laten aan plaatselijke 'neringdoenden'.
De windmachine wordt in dit
jaar geïnstalleerd.
Kasboek 1941-1954 (26)
1950 17 juli Herstel orgel kerkkoor
f 50,-
1951 19 mei M. Ruiter orgelstemmen f 35,-
1951
Op
24 april wordt weer gesproken
over het resultaat van de verloting voor de kosten van de windmachine. Annen is nog steeds een
probleem. De windmachine heeft f 697,- gekosten.
Kasboek 1941-1954 (26)
1952 8 september H.
Mulder orgelspeler f 12,-
1952 31 december Mense Ruiter orgelbouwer Groningen
f 56,-
1953 17 oktober Mense Ruiter orgelstemmen f 59,02
1954 1 juli Mense
Ruiter Groningen f 54,65
1954 6 september Mense Ruiter orgelstemmen f 29,35
1955
In het
Nieuwsblad van het Noorden van 19 maart
verschijnt een kort artikel over het orgel in Anloo. Van Peize wordt de
dispositie vermeld.
Kasboek 1955-1962 (27)
1955 28 april Mense Ruiter
Groningen f 51,15
1955 15 augustus Mense Ruiter Groningen f 23,25
1956 26
juni Mense Ruiter Groningen f 31,18
1957 5 juli Mense Ruiter Groningen f 44,-
1957 7 december Orgelspelen bij vakantie Westrup f 7,-
1958 1 mei Mense
Ruiter Orgelbouwer f 34,25
1958 30 juni Mense Ruiter orgelstemmen f 47,75
1959 14 februari J. Welmers Zuidlaren f 10,-
1959 23 november Mense Ruiter
orgelstemmen en rep. f 83,85
1959 31 december Orgelspelen 12 juli J.H.
Vlietstra f 10,-
1959 31 december Orgelspelen Dankdag J. Welmers f 10,-
1960 31 december Mense Ruiter onderhoud kerkorgel f 89,50
1960
Op 31 oktober
schrijft organist Westrup dat hij om gezondheidsredenen ontslag neemt als
organist. (21)
1961
Er wordt een advertentie geplaatst voor een organist.
Een viertal sollicitatiebrieven bleven in het kerkarchief bewaard. Zie Nieuwsblad van het Noorden
(17-06-1961).
Op 27 september
schrijft MR aan de kerkvoogdij dat er deze keer bij het stemmen tijd
moest worden besteed aan het losmaken van de draaipunten. Dit wordt veroorzaakt
door de hoge vochtigheidsgraad in de kerk. Er zou meer geventileerd moeten worden.
In een aparte brief van dezelfde
datum meldt Ruiter dat het orgel eigenlijk schoongemaakt moet worden. Deze
werkzaamheden kosten circa f 1.650,- inclusief het bijwerken van de intonatie en
een stemming. (32)
Na de restauratie van 1948 zijn er nog wat openstaande punten:
- Maken van registerplaatjes in oud schrift f 100,-.
- Toevoegen van een
Cymbel of Scherp op het borstwerk f 1.000,-.
- Toevoegen van een Sexquialter op
het Hoofdwerk f 750,-.
- Maken van een afneembare stemloopplank achter
het Hoofdwerk.
Deze
werkzaamheden kunnen worden gecombineerd met de schoonmaak.
Op
16 oktober antwoordt de kerkvoogdij
MR. Men geeft toestemming voor de schoonmaak. Het nut van de overige
punten ziet men niet in. 'Het orgel had het sinds de restauratie van '48 toch
best goed gedaan?'
Op 23 oktober
bedankt MR voor de opdracht voor het schoonmaken van het orgel. De
werkzaamheden worden uitgevoerd in het voorjaar of de zomer van 1962. Hij wijst
nog een keer op het ventileren. (18) (32)
Kasboek 1955-1962 (27)
1961 11 juni Gez. organisten
restant 1960 f 136,70.
1961 15 juni Nota A.H. Vlietsra organist f 138,-.
1961 17 juli Advertentie voor organist f 7,20.
1961 15 november Verg. onkosten
3 sollicitanten f 20,- Idem Portokosten f 0,75.
1961 17 november
Vervanging organist J. Welmers f 10,-.
1961 17 november idem Vlietstra en
koster f 130,-.
1961 20 november Achterstallig salaris organist f 187,50.
1961 6 december Nota Mense Ruiter f 228,55 (extra werk mechaniek).
1961 7
december organist november f 40,- idem 30 december.
1962 maandelijkse betaling
organist f 40,-.
1962 17 december Mense Ruiter Groningen f 2.140,-. Groot
onderhoud met schoonmaak, houtworm bestrijding, vererende constructie onder
slepen, intonatie en stemming.
1962
Op 9 oktober stuurt
MR een
rekening voor de schoonmaak van het
orgel. Er zijn extra werkzaamheden
uitgevoerd voor het bestrijden van houtworm,
maken van een verende constructie voor de slepen, bijintonatie en stemming. (32)
1982
Het orgel
loopt roetschade op door een oververhitte oliekachel. De totale brandschade
bedraagt f
11.069,- (31)
De concertserie van 1982/1983 heeft 15
concerten. Zie programmaboekje. (33)
1983
De kerkvoogdij probeert om tot een reconstructie van het orgel te komen. Een inmiddels opgerichte orgelcommissie
heeft Klaas Bolt als adviseur aangetrokken.
Op
17 februari beantwoordt het
gemeentebestuur van Anloo een brief van de orgelcommissie. Men staat sympathiek
tegenover de plannen voor een restauratie. Men wil graag een gespecificeerde
kostencalculatie.
Op 20 maart
schrijft de orgelcommissie naar de Hervormde orgelcommissie (HOC). Het orgel is inmiddels onderzocht door
Klaas Bolt en Stef Tuinstra. Een tweede onderzoek zal plaatsvinden met MR. Op grond daarvan
zal een rapport worden geschreven. Er zijn drie
mogelijkheden:
- Totale restauratie en terug naar Garrels.
- Restauratie
zoals het nu is.
- Groot onderhoud.
De keuze is afhankelijk van de te verlenen
subsidie.
Op 30 maart meldt de
orgelcommissie aan de gemeente Anloo dat het orgel onlangs is onderzocht
door orgeladviseurs Bolt en Tuinstra. Het orgel dient dringend te worden
gerestaureerd. Het orgel zou gedeeltelijk moeten worden teruggebracht in de
oorspronkelijke toestand. De kosten daarvan bedragen circa f 200.000,-.
Bijgevoegd is de voorlopige
kostencalculatie van 29 maart.
Op
18 augustus schrijft de orgelcommissie naar de gemeente Anloo over een
gesprek met Zoetemeier en Jans van het Bureau
Monumentenzorg in Assen. Als de subsidieaanvraag via de gemeente bij de
rijksdienst in Assen komt zal de rijksdienst dit met een gunstig advies doorsturen.
Bijgesloten is een bijgewerkte offerte.
De kosten worden nu geschat op f 260.000,-
Op 29
augustus stuurt de gemeente Anloo een brief naar het Bureau Monumentenzorg
dat er een subsidieaanvraag naar het ministerie is gestuurd. De dienst kan
dan het ministerie adviseren.
Op 23
september stuurt het Bureau Monumentenzorg de subsidieaanvraag door naar de
provincie met een positief advies. Een restauratie is zeer noodzakelijk.
Op
21 november schrijft de provincie
aan de orgelcommissie dat zij 10% subsidie zal verstrekken, mits het ministerie
ook een subsidietoezegging doet
Eind november schrijft het
ministerie aan de gemeente Anloo dat het ministerie geen subsidie kan verlenen op grond
van de tijdelijke bijdrageregeling restauratie monumenten van 1983. De restauratie
komt echter wel voor subsidie in aanmerking. Hiervoor dient er een historisch
rapport te worden ingediend.
Uit deze tijd dateert ook een
folder met gegevens over het orgel
en hoe men kan bijdragen aan het restauratiefonds. (33)
In de pers wordt frequent gepubliceerd over de
voortgang van het proces. Zie voor de krantenberichten, die tijdens de
restauratie verschijnen, een
aparte pagina.
1984
Op
15 mei stuurt de orgelcommissie een
akte van aanbesteding naar het Bureau Monumentenzorg. Het archiefonderzoek is
inmiddels gevorderd. Binnenkort komt er een overzicht.
Op
13 juni stuurt de orgelcommissie een
overzicht van gevonden
archiefstukken over de bouw van het orgel naar het bureau Monumentenzorg.
Afschriften gaan naar orgeladviseur Bolt en dhr. De Olde uit Zuidlaren.
In juli verschijnt een uitgebreid
onderzoek van Ed Panman met de historie van kerk, orgels en de familie Ellents. Vanaf paragraaf 6.1 wordt de
familie Ellents en het orgel beschreven.
Op
24 juli reageert het Bureau
Monumentenzorg op het onderzoek van Panman. Men heeft
grote waardering voor het verrichte werk. Via nummers in de tekst worden
op- en aanmerkingen gemaakt.
De in november 1984 opgerichte Stichting Vrienden
van het Kerkgebouw te Anloo brengt een
brochure uit om ondersteuners te werven. (33)
1985
Op 1 februari schrijft het
Bureau
Monumentenzorg ann het Anjerfonds. Het belang van het orgel wordt uitgelegd en
het Anjerfonds wordt gevraagd om een bijdrage te leveren aan de kosten van de
restauratie.
Op 8 mei schrijft
het gemeentebestuur van Anloo aan de provincie. De provincie heeft subsidie
toegezegd als het ministerie dat ook doet. De eerste aanvraag door de gemeente
Anloo bij het rijk wordt afgewezen. Het ministerie is middels een
brief opnieuw op het belang van het
orgel gewezen. Het rapport van Klaas Bolt zal binnenkort worden
toegestuurd. Ook wordt gewezen op de oprichting van de Stichting Vrienden van het
Kerkgebouw te Anloo.Uit contact met het Bureau Monumentenzorg blijkt dat subsidie pas wordt
verleend als er een historisch rapport aanwezig is.
Op
20 mei bevestigt de provincie
Drenthe de subsidieaanvraag via de gemeente Anloo. Binnenkort zal een deskundige
ter plaatse een onderzoek instellen.
Op
10 juli schrijft het Bureau
Monumentenzorg aan de provincie. Een subsidie is pas te verwachten na een
historisch rapport en een offerte van een orgelmaker. Het is nu nog te vroeg
voor een subsidieverzoek.
Op 23 juli
schrijft de provincie dat ze hun toezegging van 10% handhaven mits het rijk
subsidie geeft en er een goedgekeurd restauratieplan en offerte van een
orgelmaker is.
De orgelcommissie van Anloo richt zich met een
dringend verzoek tot de minister of er toch
nog geen mogelijkheid is om vanuit het ministerie een subsidie toe te kennen.
Provincie en gemeente kunnen dan ook subsidie verlenen. (33)
1986
Op 21 april
schrijft de orgelcommissie aan het bureau Monumentenzorg dat er zorgen zijn of
de subsidie wel door gaat vanwege een wijziging in de subsidieregeling. Het is
onzeker of de restauratie in 1987 door kan gaan.
In
augustus stuurt de kerkvoogdij
van Anloo een nieuwe kostenbegroting
naar de provincie. De kosten van de restauratie worden nu geschat op f
350.000,-. De rijksadviseur voor orgels dhr. O.B. Wiersma gaat akkoord met de
opgestelde begroting.
Op 15 augustus
beantwoordt het Bureau Monumentenzorg de brief. Voor subsidie is ook een offerte van
een orgelmaker noodzakelijk.
Op 20
augustus schrijft het Bureau Monumentenzorg aan de provincie dat de nieuwe
aanvraag geen invloed heeft op de reeds door de provincie gedane toezegging.
Op
20 augustus schrijft het ministerie
dat er voorlopig nog geen ruimte is voor het verlenen van subsidie.
Op
1 september zegt de provincie
nogmaals toe dat ze in principe bereid zijn subsidie te verlenen op basis van de
begroting van f 350.158,-. (33)
1987
Op 18 januari vraagt de
orgelcommissie van Anloo aan het Bureau Monumentenzorg of er inderdaad in 1992 een
subsidie beschikbaar komt voor de restauratie.
Op
18 januari antwoordt het Bureau
Monumentenzorg dat deze zekerheid niet te geven is.
Op
24 juni vraagt de gemeente Anloo de
aandacht van de Rijksdienst voor Monumentenzorg voor de restauratie van het
orgel.
Op 3 augustus schrijft het
ministerie dat de gevraagde onderhoudssubsidie voor de onderhoudskosten van f
882,- wordt toegekend. Er wordt 40% van f 600,- uitgekeerd. (33)
1988
Het onderhoud van het orgel wordt gegund aan de
orgelmakers Henk van Eeken en Gert van Buuren.
Klaas Bolt schrijft een
rapport over het orgel, op basis van onderzoeken aan het orgel op 13 juni, 6 juli
en 14 november. (33)
1989
Het
rapport van Henk van Eeken en Gert van Buuren is van 18 augustus 1989. Een
beschrijving is te vinden op de pagina's 83-87 van het
boek Opus Magnum. (31)
1990
Op 17 maart wordt het restauratiecontract ondertekend
tussen de orgelmakers Henk van Eeken en Gert van Buuren en de Stichting 'Muziek
in Anloo'. (31)
Adviseur Klaas Bolt overlijdt in 1990 en wordt opgevolgd door Stef Tuinstra en Harald
Vogel.
1991
Op 16 september
starten de restauratiewerkzaamheden.
Op 1 oktober wordt de intentieverklaring
tussen de Stichting en de kerkvoogdij van Anloo getekend waarin de verhouding
tussen beide partijen wordt geregeld. Ook wordt besloten dat er een zelfstandig
Pedaal
wordt toegevoegd.
(31)
1993
Op 23 oktober wordt een
contract afgesloten met Henk van Eeken voor de restauratie van het pijpwerk. (31)
1995
In de nacht van 11 op 12 april breekt er brand uit in
de werkplaats van Van Eeken in Leusden. Vierhonderd orgelpijpen verbrandden. Ook pijpstokken, klaviatuur en enig houtsnijwerk
gaat verloren. (05)
(31)
De oude kas en de windladen, die nog in de kerk
staan, blijven gespaard. Het orgel is op dat moment
al verregaand gedocumenteerd zodat de verloren delen kunnen worden
gereconstrueerd. Na lang onderhandelen met de
verzekeringsmaatschappij kan de restauratie worden voortgezet. Het
restauratieproject wordt ondersteund vanuit Zweden door het North German Organ Research Project van de universiteit van Göteborg.
De restauratie door Van
Eeken staat uiutgebreid beschreven in hoofdstuk 2 'De restauratie van het orgel
1990-2002' van het boek Opus Magnum en wordt hier verder niet beschreven. (31)
1997
Op 9 juni wordt er gestart met de opbouw van het orgel in
de kerk.
Op 9 november wordt het orgel voor het eerst in de eredienst
gebruikt. (31)
1999
Op 26 juni wordt
het orgel in gebruik genomen met een concert door Harald Vogel en Stef Tuinstra.
(31)
2000
Henk van Eeken schrijft een
artikel over de restauratie in het boek
Het orgel een historisch document - Vier lezingen over historiserende orgelbouw. (36)
2002
Harald
Vogel verricht de eindkeuring op 15 maart. Een toelichting op het keuringsrapport is te vinden op de
pagina's 64-67 van het boek Opus Magnum. (31)
Dispositie van het Radeker-Garrelsorgel in de Magnuskerk van Anloo, maart 2002 (31)
o origineel, Johannes Radeker en Rudolph Garrels 1717-1719
r gereconstrueerd, Henk van Eeken 1991-2002
n nieuw, Henk van Eeken 2000 - 2002
|
Manuael (Manuaal I, C-c”’) | ||
|
Principael |
8’ |
C-fs’ o, overig r |
|
Quintadena |
16’ |
F-c” en d”-c’” o, overig r, metaal, gedekt met beweegbare hoeden |
|
Roerpijp |
8’ |
C-Fs o, overig r |
|
Octav |
4’ |
C-Fs o, overig r |
|
Spitspijp |
4’ |
C-F o, overig r |
|
Quint |
3’ |
r, conisch |
|
Super Octav |
2‘ |
r |
|
Sexquialter |
2 sterk |
r |
|
Mixtuir |
4-5-6 st. |
r |
|
Trompet |
8’ |
o, b° r |
|
Vox Humana |
8’ |
o, C r |
|
Borstpositiff (Manuaal II, C-c’”) | ||
|
Gedackt |
8’ |
C-Fs o, overig r, metaal, gedekt met beweegbare hoeden |
|
Floit |
4’ |
r, metaal, dicht gesoldeerd |
|
Octav |
2’ |
r |
|
Sijfloit |
lW |
r, cilindrisch open |
|
Scherp |
3 sterk |
r |
|
Dulciaen |
8’ |
r, in houten stevelblok, koppen hout, kelen C-a met metaalbeleg |
|
Pedael (C-d’) | ||
|
Bardon |
16’ |
n, metaal, gedekt met beweegbare hoeden, groot octaaf op vervoer-stok |
|
Octaaf |
8’ |
n |
|
Basuyn |
16’ |
n, stevels en koppen hout |
|
Cornet |
4’ |
n, stevels en koppen hout |
Nevenregisters:
Koppel Borstpositiff / Manuael Koppel Manuael / Pedael Tremulant
Speerventiel Manuael Speerventiel Borstpositiff Speerventiel Pedael
Winddruk: 66 mm waterkolom gemeten aan windkanaal.
Toonhoogte: a = 469 Hz bij 18° C.
Stemming: gemodificeerde middentoonstemming, naar Stade, St. Cosmae.
2015
Reportage 11 mei 2015
Orgeldag Noord-Nederland door RTV Drenthe:
http://www.rtvdrenthe.nl/nieuws/94961/Trillende-kerkbanken-tijdens-de-orgeldag-Noord-Nederland
(03-02-2026)
2018
Viering van het 300-jarig bestaan van het orgel
op 20 oktober 2018. Zie Nederlands Dagblad (16-10-2018).
Organisten:
1718-1754: D. J. Pothof. De kerk profiteert van de in 1649 in het leven geroepen regeling, dat zodra een orgel speelvaardig in de kerk staat, de organist een salaris uit de landschapskas ontvangt van fl 60. Op 17 oktober 1718 wordt hiertoe dan ook besloten. (06) D.J. Pothof overlijdt op 16 juni 1754 .
1754-1803: Jannes Bruins. Deze organist is tevens schoolmeester en koster. In 1757 wordt hem een bedrag van fl 127-16-0 uitbetaald, maar het is niet bekend waarvoor hij dit bedrag ontving. (07).
1803-1831: Jan Roelof Bruins Hij is een zoon van de vorige organist. Hij wordt geboren in Anloo op 24 oktober 1768 en overlijdt op 2 februari 1861. In 1830 verschijnt in de Drentsche Courant een oproep voor de betrekking van schoolmeester, koster en organist voor een salaris van f 450,-, echter onder voorwaarde, dat er een pensioen voor de aftredende organist van f 100,- per jaar moet worden betaald. Jan Roelof Bruins overlijdt pas in 1861 en profiteert dus nog ruim dertig jaar van deze bepaling. (08) Zie Drentsche courant (07-09-1830), (14-09-1830), (05-02-1861), Nieuwe Drentsche Volksalmanak 1930 blz.46.
1832-1848: Lambert Niemeijer. Hij wordt per 1 mei 1832 benoemd. Dit is af te
lezen uit
de betaling van f 20,- salaris aan J. R. Bruins voor 1 januari tot 30 april en
per 1 mei 1832 f. 40,- aan Niemeijer. (09)
In 1847 wordt
er een advertentie geplaatst voor een nieuwe organist omdat Lambert Niemeijer
vertrekt. Zie Drentsche
courant (12-03-1847, 16-03-1847)
(twee gelijke advetrtenties)
1848-1885: Jan Hendrik van Veen: Vanaf 2 november 1848 wordt hij als organist genoemd hij is koster en onderwijzer (09). Hij overlijdt in 1902. Zie Provinciale Drentsche en Asser courant (03-07-1902).
1885-1922: J. H. Veltmeijer: Hij is schoolmeester, koster, organist en voorlezer (09).
1922-1926: K. v.d. Werff: Volgens Het Orgel (1922-1923) is hij lid van de Nederlandse Organisten Vereniging (10).
1926-1927: L. P. Bol: In de vergadering van de kerkvoogdij 13 februari 1926 wordt hij uit een drietal: de heren L. v. d. Glas van Annerveenschekanaal, I. F. Westrup van Annen en L. P. Bol gekozen op een salaris van f. 200,- voor één jaar met de mogelijkheid tot verlenging. Hij is tevens schoolmeester en koster of is echtgenote Mevr. Bol-Eertmans de organiste? (11).
1927-1961: I. F. Westrup: Deze organist komt voor onder het drietal uit 1926. In deze periode wordt ook de heer Friese als organist genoemd (12).
1961-1969: A.H. Vlietstra: Deze organist, later arts te Nieuwe Pekela liet zich soms vervangen door Jan Welmers, de bekende componist en organist van de Grote kerk te Nijmegen, zoon van S. Welmers, organist van de Gereformeerde kerk te Zuidlaren (13).
1969-1971 Interim-periode: In deze periode was er geen vaste organist aangesteld.
1971-19?? Ben Kleefstra: Naast deze organist treden als zodanig sinds 1984 op: de heren Wim van der Laar en Harry Slot (14)
1984-heden: Wim van de Laar en Douwe Kraster.
Bronvermelding:
Boek: Hans Fidom (redactie), Het orgel een historisch document - Vier lezingen over historiserende orgelbouw, Stichting Groningen Orgelland, 2000

Foto uit de beeldbank van het Drents Archief.
Jaar onbekend.