Dwingeloo, Gereformeerde kerk

In 1901 bouwt Jan Proper een orgel. Blijkbaar voldoet dit niet, want in 1908 plaatst hij een ander orgel met zeven registers en zonder pedaalklavier. In 1922 wordt het instrument gerepareerd en uitgebreid door orgelmaker Thijs, waarna het in 1941 wordt gerestaureerd door Johann Reil. Wanneer in 1982 een nieuwe kerk wordt gebouwd, wint men advies in bij de Orgelcommissie van de Gereformeerde Organistenvereniging (GOV). Met dit advies wordt echter niets gedaan; men gaat later in zee met orgelmaker René Nijsse. Hij bouwt een orgel met Hoofdwerk, Nevenwerk en een zelfstandig Pedaal. Het instrument wordt grotendeels gefinancierd vanuit een legaat. In de tussenliggende periode, van 1981 tot 1991, maakt men gebruik van een luidsprekerorgel.

Opnamen 2 november 2023 Geert Jan Pottjewijd

 - Johann Sebastian Bach (1685-1750): Fuga in G BWV 576 Registratie: Manuaal: Bourdon 16', Prestant 8',  Roerfluit 8', Octaaf 4', Quint 3', Octaaf 2', Mixtuur Pedaal: Subbas 16',  Fluit 8', Pedaalkoppel
 - Piet Rippen: Koraal, variaties en finale over 't Jaar heeft haast zijn loop volbracht
Koraal: Manuaal I Prestant 8' Pedaal: Subbas 16', Open Fluit 8'
Variatie 1: Manuaal II Holpijp 8', Roerfluit 4'
Variatie 2: Manuaal I Prestant 8', Roerfluit 8' Manuaal II: Holpijp 8', Roerfluit 4' Pedaal: Subbas 16', Open Fluit 8'
Variatie 3: Manuaal II: Roerfluit 4', Prestant 4'
Variatie 4: Manuaal I: Prestant 8', Octaaf 4'
Variatie 5: Manuaal II: Holpijp 8', Gamba 8' Pedaal: Subbas 16'
Variatie 6: Manuaal II: Prestant 8', Roerfluit 8', Octaaf 4', Quint 3', Octaaf 2', Mixtuur Pedaal: Subbas 16', Open Fluit 8, Pedaalkoppel
Koraal: Manuaal II: Bourdon 16', Prestant 8', Roerfluit 8', Octaaf 4', Quint 3', Octaaf 2', Mixtuur, Trompet 8' Pedaal: Subbas 16', Open Fluit 8, Fagot 16' Pedaalkoppel

Kerk
De Gereformeerde kerk van Dwingeloo is gesticht op 27 maart 1835. (05)

Orgel

1896
Volgens een bericht in de Provinciale Drentsche en Asser courant van 27 november wordt voor een uitvoering een harmonium gehuurd. In de kerk is blijkbaar nog geen orgel aanwezig. In het bericht wordt geconstateerd: 'het ware wenschelijk het kerkgezang steeds door een orgel te begeleiden.'

1901
Orgelmaker Jan Proper uit Kampen plaatst een orgel. Zie Provinciale Drentsche en Asser courant (29-06-1901), (23-07-1901).

1908
Het door Proper in 1901 geplaatste orgel voldoet niet. Proper plaatst een nieuw orgel. Het orgel heeft zeven registers en kegelladen. Het is niet duidelijk of het oude orgel is verbouwd of dat er een nieuw of gebruikt instrument is aangeschaft.
Jan Proper bespeelt het orgel tijdens de ingebruikname. Zie Provinciale Drentsche en Asser courant (19-01-1908), (31-01-1908).

1922
Het orgel wordt gerestaureerd door orgelmaker H. Thijs. Toegevoegd worden een Violoncel 8' en een Viola da Gamba 8'. De Bourdon 16' wordt verbeterd en het orgel krijgt een nieuwe windlade. Het wordt op zondag 12 februari weer in gebruik genomen. Zie Provinciale Drentsche en Asser courant (20-02-1922), Nieuwe provinciale Groninger courant (15-02-1922), De standaard (17-02-1922).

1933
Organist H. Geuchies viert zijn 25-jarig jubileum als organist. Zie Provinciale Drentsche en Asser courant (09-11-1933).

1938
Op 17 mei vraagt de kerkenraad aan orgelmaker Johann Reil om met een voorstel te komen voor een schoonmaak. Op 31 mei komt Reil met een voorstel dat bijna f 1.000,- kost:
 - Schoonmaak en verhelpen van diverse gebreken.
 - Pijpen opvormen, intoneren en stemmen.
 - Registerknoppen en registerplaatjes vervangen.
 - Afregelen van het klavier.
 - Nieuwe windmachine installeren.
 - Toevoegen van een Trompet 8' op een aparte windlade of in plaats van de huidige Fluit 4'.
 - Toevoegen van een zelfstandig pedaal met de baskant van de Bourdon 16' van het manuaal. De discant blijft gehandhaafd op het manuaal. Pedaalkoppel toevoegen.
 In een brief van 10 augustus schrijft de kerkenraad aan Reil dat niet ingegaan wordt op zijn voorstel. Wel dient Reil langs te komen voor stemmen en kleine reparaties.

1938
Organist H. Geuchies viert zijn 30-jarig jubileum. Zie Provinciale Drentsche en Asser courant (15-12-1938).

1941
In een brief van 11 januari schrijft de kerkenraad aan Reil dat er voor een restauratie van het orgel een offerte is aangevraagd bij een andere orgelmaker. De vraag is of Reil zijn offerte uit 1938 kan heroverwegen. (04)
Op 28 januari schrijft Reil een nieuw voorstel voor een restauratie van f 500,-:
 - Schoonmaak.
 - Hinderlijke rammel in de mechaniek verhelpen.
 - Pulpeten vervangen door een koperen plaat.
 - Blaasbalg winddicht maken.
 - Herintoneren en de Bourdon 16' goed sprekend maken.
 - Fluit 4' vervangen door een Mixtuur/Cornet.
Op 24 februari schrijft de kerkenraad aan Reil dat het voorstel is geaccepteerd. 
Op 3 maart bedankt Reil voor het verlenen van de opdracht.
Op 8 maart schrijft de kerkenraad een brief met de dispositie van het orgel en vraagt hoe het logies geregeld moet worden. Daarnaast wordt vermeld dat de Octaaf 4' een registerplaatje 'Prestant 4' heeft, omdat er geen passend registerplaatje voorhanden was.
De registernamen zijn: Prestant 8', Bourdon 16', Holpijp 8', Viola di Gamba 8', Violoncel 8', Octaaf 2', Fluit 4', Prestant 4'.
Op 17 april schrijft Reil dat hij de restauratie wil beginnen op de volgende maandag. Op 19 mei zijn de werkzaamheden in elk geval afgerond. Er is een briefje van Reil bij een nota bewaard gebleven.
Op 12 juni bedankt H. Geuchies Reil voor de toezegging van 25 gulden. Dit is een evenredig deel van de beloofde 10% provisie. Het orgel functioneert goed; alleen schiet de koppeling weleens los en zijn enkele cornetpijpen ontstemd. Enkele dagen na de ingebruikname stuurt hij een bericht naar 'De Standaard'.
Op 9 september meldt H. Geuchies dat het orgel goed bevalt, maar dat hij nog wel een aantal opmerkingen heeft: de windmotor bromt, de koppeling schiet regelmatig los en er zijn loszittende naamplaatjes. Ook vraagt hij naar zijn 10% provisie.
Op 24 november vraagt H. Geuchies of Reil kan langskomen vanwege het piepen van de windmotor. (04)

1942
Organist H. Geuchies viert zijn 40-jarig jubileum als onderwijzer. Zie Provinciale Drentsche en Asser courant (29-04-1942).

1951
Op 7 maart schrijft de kerkenraad Reil over plannen om het orgel te verplaatsen. Ook wordt er geïnformeerd naar de kosten van een zelfstandig pedaal en de plaatsing van het orgel in een nis.
Op 14 maart 1951 beantwoordt Reil de brief en geeft aan dat de verplaatsing van het orgel 780 gulden gaat kosten. Voor het toevoegen van een Pedaal geeft hij drie mogelijkheden: aangehangen (f 1.015,-), transmissie van de Bourdon 16' van het manuaal (f 1.739,-) en een zelfstandig pedaal met een Subbas 16' (f 3.340,-). Het plaatsen van een orgel in een nis ontraadt Reil sterk. (04)
Organist H. Geuchies krijgt een eremedaille in goud. Zie Provinciale Drentsche en Asser courant (28-04-1951).

1952
In een brief van 16 februari vraagt de kerkenraad aan Reil om het orgel te inspecteren vanwege vaak voorkomende problemen.
Op 7 april komt het antwoord van Reil. Naast de onderhoudswerkzaamheden stelt hij ook voor om de Gamba 8' om te bouwen tot een Nasard 2 2/3'.
Dispositie zoals genoteerd door Reils werknemer Baardewijk:
Prestant 8', Bourdon 16', Holpijp 8', Gamba 8', Cello 8', Octaaf 4', Fluit 4', Octaaf 2', Mixtuur/Cornet

Het oude orgel in het vorige kerkgebouw
Ansicht (02)

1953
De kerk wordt verbouwd en vergroot.
Reil geeft in een brief van 14 september aan dat hij nog een keer in de kerk wil kijken als alle werkzaamheden zijn voltooid, om te beoordelen of het orgel genoeg capaciteit heeft voor de grotere kerk. Hij stelt voor een Trompet 8' toe te voegen voor f 1.100,-.
In een brief van 24 september schrijft Reil dat hij conform het aanbod van 10 september het orgel gaat restaureren voor f 1.286,-. De week daarop worden delen van het orgel gedemonteerd en meegenomen naar de werkplaats in Heerde. Voor f 950,- kan een zelfstandig pedaal worden toegevoegd met gebruikmaking van de Bourdon 16' van het manuaal.
De volgende werkzaamheden worden uitgevoerd:
 - Algehele schoonmaak.
 - Vlakken van de ventielen en opnieuw beleren.
 - Restauratie van het walsbord en vernieuwen van de trekdraden en trekarmen.
 - Invoeren en lopend maken van de klaviatuur.
 - Verbeteren van de handpomp. (04)

1974
Het orgel heeft nog steeds geen pedaalklavier. In een brief van Reil van 1 april biedt Reil aan voor f 1.920,- een aangehangen pedaal toe te voegen. (04)

1981
Op 2 september schrijft de Orgelbouwadviescommissie van de Gereformeerde Organisten Vereniging (GOV) dat zij een advies willen uitbrengen over het orgel in de oude kerk. De vraag is of het geschikt is voor de nieuwe kerk.
Op 25 september wordt een overeenkomst tussen de GOV en de bouwcommissie getekend. (06)


Tekening Tjibbe Heidinga. De tekening wordt niet met het rapport meegestuurd. Klik op de afbeelding voor een vergroting.

1982
Er wordt een nieuwe kerk gebouwd. In de kerkzaal zijn ongeveer driehonderd zitplaatsen.
Op 3 februari stuurt de GOV het rapport naar Dwingeloo. Het orgel is onderzocht op 17 november en het rapport is opgesteld in januari 1982 door H.R. Smedema en T. Heidinga. Eerst wordt de dispositie beschreven met daarbij de opmerking dat er geen pedaal aanwezig is. Als bouwjaar wordt aan 1910 gedacht en de bouwer zou A.S.J. Dekker uit Goes kunnen zijn. Het orgel heeft mechanische sleepladen. De onderhoudstoestand is redelijk. De windlade heeft vermoedelijk binnenkort groot onderhoud nodig. De mogelijkheden zijn beperkt. Van de acht registers zijn er vier op 8-voets basis. Het orgel is voor de nieuwe kerk te klein. Door de dicht aaneengesloten houten pijpen achter het front is de klankuitstraling verre van optimaal. Het orgel heeft een mechanische suboctaafkoppel in het klein octaaf.
Het ontwerp van de nieuwe kerk is goed voor gesproken woord, maar zeer slecht voor muziek. Wat de hoogte betreft is er in de kerk maar één geschikte plek voor een orgel. De raampartij in het oosten zal zorgen voor ontstemmingen.
Gezien de akoestiek van de kerk is een orgel met Hoofdwerk, Onderpositief en een zelfstandig Pedaal van ongeveer twintig stemmen het beste. Misschien zijn delen van het bestaande orgel bruikbaar.
Op 3 februari schrijft de GOV naar het Dienstencentrum van de Gereformeerde Kerken over het slechte ontwerp van het kerkgebouw. Tjibbe Heidinga wil graag eens met Gierveld overleggen over de manier waarop kerken worden gebouwd. (06)
Op 10 februari vraagt de orgelcommissie van Dwingeloo aan Reil of hij het orgel uit de oude kerk kan demonteren. Ook wordt gevraagd of het mogelijk is het orgel tijdelijk op te slaan en later weer op te bouwen in de nieuwe kerk. Moet het worden vergroot?
Het oude orgel wordt door Reil op 15 februari gedemonteerd. Zie stembrief.
Op 8 maart brengt Reil een offerte uit. Er worden drie mogelijkheden geschetst:

Men besluit voorlopig geen nieuw orgel te laten bouwen en er wordt een luidsprekerorgel geplaatst.

1983
Op 9 november stuurt de GOV een nota van f 533,76 voor het advieswerk. (06)

1989
Op 4 april zegt de GOV toe advies te willen geven voor de aanschaf van een nieuw orgel. De overeenkomst wordt getekend op 12 april. (06)
De kerk krijgt een erfenis van predikant ds. D. Bremmer, die van 1959 tot 1965 predikant in Dwingeloo was. Het bedrag wordt toegevoegd aan het orgelfonds. Zie Reformatorisch Dagblad (29-04-1989).
Op 15 juni brengt de GOV een rapport uit over de aanschaf van een nieuw orgel. Het rapport is geschreven op basis van een overleg op 17 mei tussen de vier leden van de plaatselijke orgelcommissie en twee leden (Ronner en Smedema) van de GOV. In de nieuwe kerk is tot nu toe gebruik gemaakt van een luidsprekerorgel. Er is nu f 240.000,- beschikbaar voor de aanschaf van een orgel. Een eis is dat de speeltafel van het orgel zich aan de linkerkant van de orgelkast moet bevinden, gezien vanuit de kerkzaal.
Uit de beschrijving van de kerkzaal blijkt dat het ontwerp van de zaal is verbeterd ten opzichte van de eerste plannen. Er is al een orgelbalkon aanwezig. Tijdens het gesprek blijkt dat er al een aantal offertes is uitgebracht. Er zijn offertes van Pels & van Leeuwen, Nijsse, Mense Ruiter en Sicco Steendam. Uit 1982 liggen er nog offertes van Reil en Kaat & Tijhuis.
De orgelcommissie heeft een voorkeur voor de offerte van Nijsse. De voorkeur lijkt gebaseerd te zijn op de gunstige verhouding tussen de kosten en de grootte van het instrument. Een andere rol speelt het ontwerp van de orgelkas. Men geeft de voorkeur aan een 'modern' ontwerp. Het ontwerp van Ruiter vindt men te klassiek. Meer waardering is er voor het ontwerp van Pels & van Leeuwen.
De orgelcommissie van Dwingeloo wil nog voor de zomervakantie advies uitbrengen aan de kerkenraad. De adviseurs van de GOV vinden deze termijn te kort en kennen het werk van orgelmaker Nijsse niet goed genoeg. De offerte van Steendam wordt niet beoordeeld, omdat de plaatselijke orgelcommissie onvoldoende kennis heeft van zijn werk en de offerte daarom terzijde heeft gelegd.
Daarna worden de drie overblijvende offertes beoordeeld.
Pels & van Leeuwen: orgel met Hoofdwerk (9), Bovenwerk (6) en Pedaal (2). Er zijn twee tongwerken en twee gecombineerde stemmen. Het grootste nadeel van het ontwerp is het Bovenwerk, dat in de lage gedeelten van de kerk nauwelijks te horen zal zijn.
Nijsse: Hoofdwerk (9), Nevenwerk (6), Pedaal (2). Eén tongwerk. De schets van het front van het orgel is globaal. Het ontwerp suggereert een balustrade-orgel met verhoudingen die aan alle kanten rammelen. Er dient een getailleerd ontwerp te worden gemaakt.
Mense Ruiter: ontwerp met Hoofdwerk en Rugwerk. Dit ontwerp is het beste voor de kerk en kan worden gewijzigd naar een ontwerp met meer moderne kenmerken.
De GOV stelt dat het een riskante onderneming is om f 240.000,- uit te geven zonder een gedegen onderzoekstraject.
Op 19 september stuurt de GOV een nota van f 585,74 voor de advieskosten. (06)

1991
Aan de orgelmaker A. Nijsse & Zonen uit Wolphaartsdijk wordt opdracht verleend tot de bouw van een orgel met twintig stemmen.
De ingebruikname vindt plaats op 5 juli 1991. Het wordt tijdens de ingebruikname bespeeld door de plaatselijke organisten en orgelmaker René Nijsse. De zangvereniging 'Halleluja' verleent ook haar medewerking. Er is geen orgeladviseur bij de bouw betrokken en een officiële eindkeuring wordt niet uitgevoerd.
Zie Kerk en Muziek (1992-04), De Orgelvriend (1991/11), Organist en Eredienst (1992/01), De Mixtuur (1994 nr. 76)

 dwinggk.jpg (24822 bytes)

Dispositie:

Hoofdwerk   Nevenwerk   Pedaal  
Bourdon 16' Holpijp 8 Subbas 16'
Prestant 8' Gamba 8' Open fluit 8'
Roerfluit 8' Prestant 4' Fagot 16' 
Octaaf 4' Roerfluit 4'    
Fluit 4' Nasard 2 2/3'    
Quint 2 2/3' Fluit 2'    
Octaaf 2' Sesquialter II    
Cornet V        
Mixtuur III-IV        
Trompet 8'        


dwinggk1.jpg (24994 bytes)

Organisten:
H. Geuchies 1908 tot na 1950.
Jan Wiechers (1949-1999) Zie: Meppeler Courant 1999-05-21 en een gedenkboek over de Gereformeerde Kerk van Dwingeloo (58-61)

Bronvermelding:

  1. Boek: Roel Walsma, Jan Proper (1853-1922) Orgelbouwer op het grensvlak van ambachtelijk en industrieel, eigen uitgave, 2005 aanvulling in 2011.
  2.  www: https://reliwiki.nl/index.php/Dwingeloo,_Bruges_26_-_Gereformeerde_Kerk_(1842_-_1981) (26-08-2024).
  3. www: https://reliwiki.nl/index.php?title=Dwingeloo,_Bruges_26_-_Gereformeerde_Kerk  (26-08-2024).
  4. Archief orgelmaker Reil.
  5. Boek: G.J. Kok Vaak was het ploegen op de rotsen blz. 273.
  6. VU-Archief: 669 Gereformeerde Organisten Vereniging (GOV) - Orgelbouwadviescommissie 1-780 Doos 44 182 Dwingeloo, Gereformeerde Kerk, 1981-1983, 1989.




Foto van de oude kerk. (05)