Gasselternijveen, Hervormde kerk

In 1900 koopt de kerkvoogdij via orgelmaker Van Oeckelen het door Freytag in 1852 toegevoegde Rugpositief van het orgel in de Lutherse Kerk van Groningen. Het orgel in Groningen was overbodig geworden bij de bouw van een nieuw orgel in 1896 door Van Oeckelen. Van Oeckelen bouwt het Rugpositief om tot een balustrade-orgel met bespeling aan de zijkant. Tijdens de kerkrestauratie van 1952 tot 1953 wordt het orgel gedemonteerd en weer herplaatst door orgelmaker Lucas Rinkema uit Aduard, die ook een windmotor plaatst. De orgelkas en het orgelbalkon worden wit geschilderd. Vanaf de jaren '80 wordt gepoogd het orgel te laten restaureren. In 2007 lukt het om de financiering rond te krijgen, waarna Mense Ruiter in 2008 en 2009 het orgel restaureert. Stef Tuinstra treedt op als adviseur. De kleur van de orgelkas wordt hierbij hersteld naar palisander.

Informatie over de kerk


Opnamen 21 november 2019 G.J. Pottjewijd
Jos A. Verheijen (1837-1924): In Honorem Sanctae Caeciliae (Deel 1: volle werk, Deel 2: B16, V16, P8, H8, VdG8, O4, O2 Deel 3: H8, VdG8, deel04: Volle werk)
J.S. Bach (1685-1750): Fuga in G BWV 576 P8, H8, O4, O2, Mixt
Janet Corell (1942-): Merifield Deel 1: P8, H8, VdG8 Deel 2: VdG8, Deel 3± H8, VdG8 Melodie octaaf hoger

1899
In de vergadering van kerkvoogdij en notabelen van 19 december komt bij Punt II de aanschaf van een orgel aan de orde: 't’ Bekomen van een orgel. Wordt besloten om hiervoor eene lijst te presenteren teneinde te zien over welke middelen valt te beschikken en tevens de algemene opinie in de gemeente te vernemen.' (10)

1900
Op 12 februari: 'Nog wordt aan de Kerkvoogden opgedragen om in de bladen De Tijd en Nieuws van Vandaag eene vraag te doen plaatsen naar een gebruikt doch soliede - een in goeden staat zijnd Kerkorgel.'
Op 29 maart: 'Aanbiedingen betreffende een orgel. Uit verschillende aanbiedingen, welke door den secretaris worden voorgelezen, wordt de aanbieding van den heer P. van Oeckelen en Zonen te Glimmen bij Haren als de meest geschikte gekozen en aan den secretaris opgedragen om hierover in correspondentie te treden.' Zie Provinciale Drentsche en Asser courant (18-04-1900), Nieuwsblad van het Noorden (19-04-1900).
Op 15 mei: Mede aanwezig notabel E. Rosing, Gasselternijveenschemond en ds. Strating, predikant en H. Smit als ouderling. 'Aan de orde wordt gesteld: Aankoop van een orgel. Door de president wordt mededeling gedaan aangaande den aankoop van een kerkorgel bij de Heeren van Oeckelen en Zonen te Glimmen bij Haren. Door Kerkvoogden wordt hierop voorgesteld mede op advies van de Heeren Ds. Strating en Smit als deskundigen om van de aangeboden Orgels het gebruikte orgel te nemen. Dit voorstel door den President in rondvraag gebracht wordt hierop met algemene stemmen aangenomen. Aan de secretaris wordt opgedragen om de Heeren van Oeckelen van dit besluit kennis te geven en tevens bij hen op spoed aan te dringen ten einde in de inrichting der kerk alhier op te nemen.'
De notulen worden naast J. W. Salomons als president en J. Pott als secretaris medeondertekend door de heren A.T. Huges en E. Rosing.
Op 13 juli: 'Punt II Organist en windmaker. Door de president wordt meegedeeld, dat door omstandigheden er geen bekwaam organist te verkrijgen is. Er wordt besloten om voorlopig van het welwillende aanbod van de heer Somer uit Assen gebruik te maken tot er een eigen organist is benoemd. Tot windmaker wordt voorlopig benoemd de heer J.N. Reilingh voor een nader te bepalen beloning.'
'Punt III: Verfwerk en verkoop bomen. De kerkvoogden stellen voor de ververs Wiegman en Ockels het te verven gedeelte te doen opnemen en dan te laten inschrijven; de laagste inschrijver zou het werk uitvoeren. Hiertoe wordt met algemene stemmen besloten.  Wat betreft de verkoop van bomen, wordt aan de kerkvoogdij opgedragen om bij het College van Toezicht de nodige stappen te doen en en de hiertoe de noodige vergunning te bekomen.' (10)
Aparte notitie in de notulen:
'Op zondag 15 juli 1900 wordt het orgel in de Nederlands Hervormde kerk te Gasselternijveen door ds. G. Strating met een feestrede plechtig ingewijd.
President Kerkvoogdij: J.W. Salomons
Secretaris: J. Pott' (10)
In de notulen staat niet vermeld dat het aangeschafte orgel orgel afkomstig is uit de Lutherse kerk in Groningen waar in 1896 een nieuw orgel werd geplaatst door de gebr. Van Oeckelen als vervanging van een orgel van Arp Schnitger. Herman Eberhard Freytag (1796-1869) en zijn zoon Willem Frederik (1825-1861) voegden in 1850-52 een nieuw rugpositief toe aan het bestaande Schnitger-orgel. Dit rugpositief werd door Gasselternijveen aangekocht en omgebouwd tot een balustrade-orgel met zijkantbespeling. De mechaniek is nieuw gemaakt.
Hieronder een bericht uit Caecilia

In Caecilia; algemeen muzikaal tijdschrift van Nederland jaargang 9, 1852, no 10, 15-05-1852 wordt de ingebruikname van het nieuwe rugpositief in Groningen beschreven
De orgelgeschiedenis van de Lutherse kerk in Groningen staat verder beschreven in het boek van Victor Timmer: De renaissance van een barokinstrument. (15)

Uit het kasboek van 1900 zijn de uitgaven voor de plaatsing van het orgel gedetailleerd vastgelegd:
Op de linkerpagina:
 - 9 oktober: 'Aan J. Huizing? voor Polis van 't orgel' f 3,30
Op de rechterpagina:
- 7 mei 'Reiskosten 5 man naar Glimmen om een orgel' f 8,20
- 7 mei Huur van paard en rijtuig naar Zuidlaren' f 4,00
- 18 oktober 'Aan J.K. Reiling voor 't aanbieden der intekeningslijst en het ophalen' f 4,20
- 29 december 'Aan P. van Oekelen en Zoon te Glimmen voor het orgel' f 1500,00
- 4 januari 'Aan R. te Velde voor timmerloon volgens rekening' f 26,40
- 4 januari 'Aan R. Luis Hz. ,, ,, ,, ,, ' f 31,40
- 4 januari 'Aan N. Wiegman voor verven ,, ,, 'f 52,78
- 4 januari 'Aan A. Huges volgens rekening kwitantie' f 98,875
- 4 januari 'H. Pomp als windmaker van 1 sept tot Januari' f 2,50
- 4 januari 'Aan H. Somer voor 't orgelspelen en reiskosten' f 10,55
- 4 januari 'Voor een zegel Obligatie ..A. Bakker' f 0,25
- 4 januari 'R. Hoving volgens rekening' f 10,25

Het orgel wordt tijdens de ingebruikname bespeeld door organist Somer van de Hervormde Kapel aan de Oosterhoutstraat in Assen. De aanschafprijs was f 1.500,-. Via giften werd f 1.300,- bijeengebracht. Zie Provinciale Drentsche en Asser courant (17-07-1900), (19-07-1900)>

Op 18 september schrijft de kerkvoogdij aan het College van Toezicht dat ze een tekort hebben van f 550,- wegens de plaatsing van een orgel en de daarvoor noodzakelijke vertimmering. Er kwam f 1.200,- aan vrijwillige bijdragen binnen. (09)
Op 1 november komt in het College van Toezicht in verbaal 28/9 de verkoop van bomen op het kerkhof voor het financieren van het orgel aan de orde. (14))
Op 7 november: 'Hierbij komt ter tafel het tekort ingevolge den aankoop, het opbouwen en verfwerk van het orgel. Besloten wordt tot het aangaan van een leening van f 500,- om hierin te voorzien. Tevens wordt den secretaris opgedragen om gelet op artikel 20 sub één van het Algemeen Reglement de goedkeuring van het Provinciaal College te vragen. Na eenige bespreking over de benoeming van een organist, waarin geen bepaalde conclusies worden genomen.'
'Door de Kerkvoogden wordt nogmaals ter tafel gebracht om te voorzien in het tekort van f 500,- ten gevolge van aankoop, opbouwen en verfwerk enzovoort van een nieuw orgel in de Hervormde kerk te Gasselternijveen à f 1750,-. Tot welk bedrag door den gemeenteleden met vrijwillige bijdragen eene som à f 1250,- is opgebracht. Wordt voorgesteld eene som van van f 500,- te negotieren en deze som te eene jaarlijkse rente van 4 % ten honderd op te nemen en hierop af te lossen op 1 december 1901 f 300,- en vervolgens telkenjare f 100,-. Dit gelet op artikel 20 sub één van het Algemeen Reglement op Beheer Kerkelijke goederen en fondsen der Ned. Herv. Kerk in Nederland. Op deze vergadering komen aan de orde de opbrengst van verkoop boomen in de tuin van de pastorie,
- de kosten van aanleg en beplanting in de pastorietuin
- de vergoeding van den organist Somer op f 75,- per jaar
- de windmaker J.N. Reilingh ontvangt f 25,- per jaar.'
Op 13 november wordt aan het College van Toezicht geschreven dat men f 500,- tegen 4% wil lenen om het tekort van f 500,- dat is ontstaan door een uitgave voor het orgel van f 1.750 en de dekking uit de vrijwillige bijdragen van f 1250,-.
Aflossing op 1 december 1901 met f 300,- daarna twee keer f 100,-. (09)

1901
Op 19 februari gaat het College van Toezicht in verbaal 3/4 akkoord met de procedure voor de aanschaf van het orgel. (14)

1903
23 november: Organist en voorlezer J. Sijkens gaat per 1 januari 1904 met pensioen. Geïnformeerd zal worden of de nieuw benoemde hoofdonderwijzer Jager de functie kan overnemen. (10)

1907
Op 20 maart wordt een brief behandeld van organist Jager waarin hij vraagt om zijn salaris te verhogen en of er achter het orgel een deur kan worden geplaatst vanwege een koude tocht in de winter. Beide wensen worden gehonoreerd. Het salaris wordt verhoogd naar f 125,- per jaar en de deur wordt geplaatst. (10)

1911
Op 6 maart vraagt organist Jager wederom om salarisverhoging. Ditmaal wordt zijn verzoek afgewezen. (10)

1918
Op 18 november vraagt organist R. Brouwer of zijn salaris kan worden verhoogd naar f 200,- per jaar. Men besluit het salaris te verhogen naar f 175,-. (10)

1919
Op 19 juni 1919 vraagt organist R. Brouwer om zijn salaris te verhogen tot f 200,-. Er wordt besloten het salaris van f 175,- met een toelage te verhogen tot f 200,-. Het salaris van de orgeltrapper Suk gaat naar f 125,-. (10)

1930
De kerkvoogden zijn niet tevreden over het orgelspel in de kerk. De plaatsvervangende organisten krijgen de gelegenheid om één middag per week op het orgel te studeren. (10)

Kasboek 1855-1941 (07)
1901 16 januari stoel orgelzolder f 3,00 Boonstra organist 1e en 2e halfjaar 2x f 37,50, H. Pomp orgeltrapper f 10,-
1902 organist f 37,50 (2x) en voorzanger f 75,- (jaar)
1903 K. Smit windmaker f 7,50 halfjaar
1904 G.R. Jager organist f 50,- halfjaar
1906 G.R. Jager 2x f 50,- K. Smit krijgt f 40 inclusief orgeltrappen
1907 G.R. Jager f 62,50 Brandassurantie Tiel (orgel) f 1,60
1908 idem en Van Oeckelen orgelstemmen f 15,-
1909 Jager organist idem
1910 idem en K. Smit f 40
1911 idem en Van Oeckelen f 15,-
1912 Jager idem
1913 idem
1914 Boonstra organist f 62,50 Boonstra extra orgelbespeling f 5,-  ; R. Brouwer organist 2e halfjaar f 62,50
1915 Brouwer 2x f 62,50
1916 idem
1917 idem
1918 idem en J. Mellius orgeltrappen f 70,-
1919 Brouwer organist 1e half jaar f 87,50
1920 Brouwer kwartaal f 50,- Meek volgens rekening f 4,- H. Suk als orgeltrapper f 125,- E. Naber voor orgelspelen f 75,-
1921 H. Thijs schoonmaken orgel f 105,- E. Naber 1e halfjaar f 75,-
1922 Mej. H. Naber organist halfjaar f 75,- H. Thijs stemmen orgel f 15,-
1923 Mej. Naber, Van Oeckelen f 15,-
1924 Mej. Naber, Van Oeckelen stemmen orgel f 15,10
1925 idem
1926 idem
1927 idem Naber 2e halfjaar f 100,- Van Oeckelen f 15,10
1928 Mej. Naber f 100,- 1e halfjaar Van Oeckelen f 15,10
1929 Mej. Naber
1930 Thijs f 15,10 2x Naber 2x 100,-
1931 organisten 3 kwartalen f 75,- Thijs 15,10
1932 Spiering onderhoud orgel f 15,10 Aan de organisten f 100,-
1933 J. Kalk organist f 25,- mej. Panneman en Jonkman f 37,50 Spiering f 15,10
1934 Panneman Jonkman f 50,- onderhoud orgel f 15,10
1935 idem en Spiering
1936 idem en Spiering
1937 Panneman Jonkman f 50,- repareren orgel f 22,10
1938 idem
1939 idem
1940 idem
1941 Panneman Jonkman f 50,-

Samenvatting: Het orgel werd gemiddeld eens per twee jaar onderhouden en gestemd door in Van Oeckelen, Meek, Thijs en Spiering. Een grotere uitgave was er in 1921 toen Thijs het orgel voor f 105,- schoonmaakte. In de loop der tijd meerdere organisten. Hun salaris varieerde van f 75,- tot f 200,- per jaar.

193x
Johan van Meurs noteert de gegevens van het orgel in zijn dispositiecahier. (08)

Klik op de afbeelding voor een vergroting

Kasboek 1942-1958 (20)
1942 Panneman en Jonkman f 50
1943 idem Spiering f 15,30
1944 Panneman en Jonkman f 50
1945 Jonkman f 75,-
1947 Panneman en Jonkman f 50,-
1949 Januari H. Ophof reparatie orgel f 6,-
1950 Rekening gezangenbundel f 30,- rekening Spiering f 84,05 cadeau organisten f 3,60 en f 1,80
1951 Cadeau organisten f 17,10
1952 Cadeau organisten f 30,50
1953 Cadeau organisten f 27,10
1954 Rekening Spiering f 63,-cadeau organisten f 27,90
1955 Cadeau organisten f 10 (huwelijk) en f 27,30
1956 Drie nieuwe psalmboeken f 14,55

1952/1953
In de kerkenraadsvergadering van 18 maart wordt de begroting van de kerkrestauratie besproken. Voor de installatie van een orgelmotor wordt f 400,- geschat.
Op 11 augustus wordt besloten de preekstoel die onder het orgel was geplaatst te verplaatsen naar de overkant van de kerk aan de westzijde.
De preekstoel wordt verplaatst van onder het orgel naar een plek tegenover het orgel. Tijdens de kerkrestauratie wordt het orgel gedemonteerd en nadien weer herplaatst. Ook wordt een windmotor geplaatst. De werkzaamheden worden uitgevoerd door orgelmaker Lucas Rinkema te Aduard, een voormalige knecht van de firma Van Oeckelen. Bij de kerkrestauratie zijn de orgelkas en het orgelbalkon wit geschilderd.
De kerk wordt gerestaureerd en op 21 januari 1953 weer in gebruik genomen. Zie De Noordooster (21-01-1953).
In het verslag van de restauratie zijn de volgende posten opgenomen voor het orgel: orgelmotor f 400,-; Schilderwerk (orgel, ramen, deuren) f 600,-. (01) (06) (11) (16)
 





Foto's situatie na de restauratie van de kerk in 1952. (17)

1959
Het honderdjarig bestaan van het kerkgebouw wordt herdacht. Ter gelegenheid daarvan verscheen een boekje. (16) Over het orgel wordt het volgende geschreven: 'In 1900 kreeg de kerk haar orgel, nadat voordien de gemeentezang geleid was door de onderwijzer, die behalve als voorzanger tevens als koster optrad. Het fraaie muziekinstrument, dat nog altijd de kerkdiensten opluistert, werd voor f 1500,- gekocht van P. van Oekelen en Zoon te Glimmen. In 1953 kreeg het orgel een elektrische windvoorziening. Het geheel is in moderne lichte kleuren uitgevoerd.'

Jaren zestig en zeventig van de 20e eeuw
Het onderhoud wordt uitgevoerd door een amateur-organist. Vermoedelijk werden in die tijd de loden conducten vervangen door Westaflex-exemplaren.
In een begroting voor de kerkrestauratie uit waarschijnlijk 1979 wordt er f 500,- uitgetrokken voor het afdekken van het orgel en f 3.000,- voor het herstel van de orgelkas en het orgelbalkon. (13)

1980
In een begroting van 1980 voor de kerkrestauratie is er f 40.000,- opgenomen voor 'restauratie kerkorgel: wegens restauratie kerk afbreken en weer opbouwen orgel f 40.000,-.'
Op 13 mei brengt de Hervormde Orgel Commissie (HOC) een voorlopig rapport uit. Het orgel wordt toegeschreven aan de gebroeders Van Oeckelen in 1900. Verder wordt een herstelling gemeld door L. Rinkema in 1959 [sic]. Daarna volgt de dispositie. Het orgel verkeert in een behoorlijke staat uitgezonderd de windlade. Waarschijnlijk heeft Rinkema de originele Fluit 4' vervangen door een Mixtuur. Hierdoor staat een deel van het pijpwerk scheef in de roosters. Het orgel is een positieve uitzondering qua klank in het licht van de artistieke vervlakking van de bouwtijd. Ook het front is een gunstige uitzondering. Aan Mense Ruiter (MR) wordt op 13 mei gevraagd een prijsopgaaf te doen voor een restauratie.
Op 23 mei stuurt de HOC een rekening voor het voorlopige advies.
Op verzoek van de HOC maakt MR op 3 oktober een rapport over de toestand van het orgel. MR schrijft het binnenwerk toe aan Van Oeckelen rond 1870. Dit binnenwerk zou in 1900 in de huidige orgelkas zijn geplaatst. De kas werd in 1900 aan beide zijden verbreed. De kas zou uit circa 1850 kunnen stammen. Bij een herstelling in 1952 zouden een Fluit 2' en een Fluit 4' zijn vervangen door een Octaaf 2' en een Mixtuur.
Een restauratie zou uit de volgende werkzaamheden moeten bestaan:
- Het binnenwerk overbrengen naar de werkplaats. De kas tijdens de kerkrestauratie afdekken met plastic.
- De windlade restaureren en hechthouten dekplaten aanbrengen. De pulpeten in bestaande vorm vervangen. De conducten vernieuwen in lood.
- Restaureren van de mechaniek .
- Installeren van een nieuwe windmachine. De schepbalgen in tact laten.
- Het pijpwerk restaureren en de Mixtuur weer vervangen door een Fluit 4' in Van Oeckelen-factuur. (12) (13) (19)

1981
Op 11 maart schrijft het Anjerfonds dat ze nog geen beslissing nemen omtrent een bijdrage. Kunnen de kosten van demontage en opbouw niet worden opgenomen in de begroting van de kerkrestauratie?
Op 17 maart vraagt de kerkvoogdij aan het Bureau Monumentenzorg (BM) om medewerking voor het verkrijgen van een subsidie.
Op 24 juni vraagt de kerkvoogdij aan de provincie om de restauratie van het orgel op te nemen in de ISP-regeling  (Intergemeentelijk Samenwerkingsprogramma) voor 1981 en 1982. De totale restauratiekosten belopen f 50.900,-. Geplande adviseur is J.G. Erné.
Op 7 april antwoordt het BM. In de begroting voor de restauratie van de kerk is een post opgenomen voor het inpakken van het orgel. Het orgel behoeft niet te worden gedemonteerd en opgeslagen. Voor een orgelrestauratie dient men zich te wenden tot de rijksorgeladviseur.
Uit een telefoonnotitie van 19 juni van het BM blijkt dat de kerkvoogdij subsidie heeft aangevraagd bij het ministerie. Het ministerie acht op 17 juni het orgel van belang maar men heeft op dit moment geen geld en wijst door naar de ISP.
Op 9 juli schrijft de gemeente Gasselte aan de provincie dat het subsidieverzoek door de gemeente wordt ondersteund.
Op 22 juli schrijft het BM het te betreuren dat het orgel niet gelijktijdig met de kerk wordt gerestaureerd. Een aanvraag voor subsidie via het ISP wordt ondersteund.
Op 13 augustus schrijft de provincie dat ze subsidie willen geven als het rijk dat ook doet. Blijkens een beschikking van CRM is er geen subsidie verleend.
Op 18 augustus belt de kerkvoogdij met het BM. Als er een toezegging is uit de ISP kan het orgel dan verplaatst worden naar de werkplaats van MR? Het BM antwoordt dat er voorlopig geen subsidie te verwachten is. (13)

1982
De gerestaureerde kerk wordt op 12 november weer in gebruik genomen met een kerkdienst (zie orde van dienst). In een dan verschenen brochure wordt over het orgel vermeld dat het in 1900 is aangeschaft en dat voorheen de gemeentezang werd geleid door de onderwijzer, die ook koster was. In 1953 kreeg het orgel een windmotor en werd het wit geschilderd.
Op 2 december schrijft MR dat tijdens een schoonmaak- en stembeurt is geconstateerd dat windlade ondicht is. Dit werd ook al gesteld in het rapport van 3 oktober 1980. Nu de kerkrestauratie is voltooid, kan worden onderzocht of de situatie zich stabiliseert. In deze brief wordt het orgel nu toegeschreven aan H.E. Freytag (1850). Het is in 1900 door Van Oeckelen gewijzigd. (13)

1983
Op 24 maart vraagt de kerkvoogdij aan het BM of er al meer bekend is over een mogelijke subsidie.
Op 24 maart schrijft de kerkvoogdij aan de rijksdienst dat uit een rapport van MR blijkt dat het orgel is gemaakt door H.E. Freytag in 1850. Geeft dit nieuwe mogelijkheden?
Op 24 maart schrijft de kerkvoogdij aan Aart van Beek dat MR heeft geconstateerd dat het orgel gerestaureerd zou moeten worden. Kan Van Beek bij de Rijksdienst en de Provincie hiervoor aandacht vragen?
Op 8 april schrijft de HOC dat het goed is dat het orgel onder de aandacht is gebracht van de rijksorgeladviseur. De kans op subsidie is tot 1986 niet erg groot te noemen. (19)

1984
Op 20 november volgt het verlate antwoord van het ministerie op de brief van de kerkvoogdij. Op dit moment is er geen subsidie voor een restauratie beschikbaar. Wel het verzoek om opnieuw een aanvraag voor subsidie in te dienen via de gemeente Gasselte. Bij de aanvraag dient een historisch rapport en een offerte van een orgelmaker aanwezig te zijn.

1992
Op 10 november schrijft MR op verzoek van de kerkvoogdij weer een rapport. Het orgel wordt op 22 oktober bezocht. Het is een degelijk en waardevol orgel, gemaakt door Freytag en Van Oeckelen.
De toestand van het orgel is niet heel goed. De windlade is lek, waardoor de stemming ook niet stabiel is. De balg is redelijk dicht en is vermoedelijk in de jaren '70 gelapt en voorzien van multiplex dekplaten. De windmachine is van slechte kwaliteit en geeft veel turbulentie. De mechaniek vertoont slijtage en vervuiling. (12)

Dispositie

Manuaal   Pedaal aangehangen
Bourdon 16' voornamelijk Freytag C-a
Violon 16' discant Oorspronkelijk Prestant 16' 1 toon opgeschoven  
Praestant 8' Freytag en Van Oeckelen  
Holpijp 8' Freytag  
Viola di Gamba 8' Van Oeckelen  
Octaaf 4' Freytag  
Octaaf 2' Freytag  
Mixtuur III-V b/d bas Freytag, discant Van Oeckelen  
Trompet 8'  

1997
Op 2 juni schrijft de Stichting Orgelfonds Gasselternijveen aan de HOC dat er telefonische contact is geweest met Aart van Beek over de verslechterende toestand van het orgel. Van Beek zal het orgel op 25 juni inspecteren.
Op 29 augustus verschijnt het rapport van de HOC. 'Blijkens een inscriptie op de fundamentbalk in de ventielkast is het orgel in 1850 vervaardigd door H.E. Freytag en Zoon te Groningen. In 1900 werd het instrument gewijzigd door de gebr. van Oeckelen te Groningen. Het is onduidelijk of het orgel oorspronkelijk voor het huidige kerkgebouw is vervaardigd of dat het in 1900 van elders werd geplaatst.' Daarna volgt er een beschrijving van het orgel. De orgelkas is ogenschijnlijk in redelijke staat. De windlade verkeert in een slechte staat. De balg is provisorisch geplakt. De tractuur functioneert matig. Het orgel zou gerestaureerd moeten worden in de huidige toestand van 1900. Als eerste zou er een adviseur moeten worden benoemd, die een restauratieplan moet maken.
Op 1 september stuurt de HOC een rekening voor het voorlopige advies. (19)

1998:
In het kerkblad van 1998 wordt door de Stichting Orgelfonds Gasselternijveen verslag gedaan van de stand van zaken rond de geplande orgelrestauratie. In het fonds zit nu een bedrag van f 15.500. In dit bedrag is ook de opbrengst van f 7.500 opgenomen van de verkoop van het orgel in de Gereformeerde Kerk van Gasselternijveen aan de Baptistenkerk van Emmercompascuum.

1999
Stef Tuinstra stelt in oktober een restauratierapport op.
In september maakt de orgelcommissie een excursie naar orgelmaker Reil in Heerde. Zie het verslag en de bedankbrief. (05)
Ook is er een ongedateerde beschrijving van de orgelgeschiedenis door G. Bekkering. (05)

2002

Op 29 juni worden de orgelmakers Reil en MR verzocht een offerte voor de restauratie in te dienen. (05)

2003
Op 26 februari geeft MR opdracht aan Tico Top om het snijwerk te herstellen volgens de opgave van MR van 13 februari. (12)

'
Foto: Dennis Wubs: 18 juni 2003

2007
Op 11 april wordt het contract met MR gesloten op basis van de offerte van 30 augustus 2006.
Werkzaamheden:
- Demontage van het volledige binnenwerk en vervoer naar de werkplaats.
- Algehele schoonmaak en bestrijding houtworm.
- Verwijderen van alle  elektra-aansluitingen; de vernieuwing  van de elektra valt buiten de offerte.
- Schilderwerkzaamheden vallen buiten de offerte.
- De orgelkas wordt in de huidige  vorm gerestaureerd.
- De klaviatuur is nog in goede staat. Herstel waar nodig.
- De balg wordt opnieuw beleerd en er wordt een nieuwe windmachine geplaatst.
- De windlade is nog in goede staat. Herstel waar nodig. Er worden nieuwe viltringen en loden conducten aangebracht.
- De speelmechaniek is nog in goede staat. Herstel waar nodig.
- De registratiemechaniek functioneert nog goed. Beschadigde registerplaatjes worden hersteld.
- Het metalen pijpwerk is in goede staat. Het houten pijpwerk dient uit elkaar te worden genomen en opnieuw te worden verlijmd. Het frontpijpwerk wordt gepoetst en schoongemaakt.
- De intonatie wordt terughoudend bijgewerkt. (12)

2008
In november 2008 wordt het orgel gedemonteerd door orgelmakerij MR. Het orgel wordt gerestaureerd door MR samen met orgelmakerij Van der Putten naar de situatie van 1900.
Stef Tuinstra is de orgeladviseur bij de restauratie.
Het schilderwerk is opgedragen aan de fa. Boer te Wildervank. Laukhuf levert een Ventus-windmotor (12)
Van de Stichting tot Behoud van het Nederlandse Orgel wordt een subsidie gekregen van EUR 2.000,- (04)
Onderaan deze pagina een fotoreportage van de demontage. (01)

2009
Op 27 april wordt besloten om de grote gebogen panelen in de balustrade en de panelen achter het rasterwerk onder de frontlijst te herstellen. Schilder Boer begint zijn werkzaamheden in week 19.
De registerplaatjes worden gerestaureerd door Renske Dooijes uit Amsterdam volgens een offerte van 11 juni.
De zuilen onder het orgel worden gerestaureerd door Tico Top uit Kruisweg. (12)
Het orgel wordt op 11 december 2009 weer in gebruik genomen. Zie de uitnodiging en het krantenbericht van 28-11-2009 uit het Dagblad van het Noorden. (02)
PDF van de brochure die werd uitgegeven bij de ingebruikname van het orgel.
Op 15 december brengt MR de laatste termijn in rekening. (12)


Foto: Geert Jan Pottjewijd

2014
MR constateert bij een onderhoudsbeurt dat een verbindings-abstractmechaniekklosje is losgeraakt. Deze zijn origineel gespijkerd. Dit zal vaker problemen geven. Het voorstel is om ze alle 54 te gaan verlijmen. Dit werk wordt in 2015 uitgevoerd. De oude situatie gaf vaak problemen. (12)

Bronvermelding:

  1. Foto en informatie afkomstig van Jan Albert Mennen via E-mail d.d. 2-3-2009
  2. E-mail Jan Albert Mennen d.d. 28-11-2009
  3. Boek: Het Nederlandse historische orgel 1850-1858 blz. 121-123
  4. Mededelingen nr. 73 voorjaar 2008 Stichting tot Behoud van het Nederlands Orgel
  5. Archief Reil
  6. Drents Archief: 0355 Nederlands Hervormde Gemeente Gasselternijveen 64 Stukken betreffende de restauratie van de kerk; 1953
  7. Drents Archief: 0355 Nederlands Hervormde Gemeente Gasselternijveen 70 Registers van ontvangsten en uitgaven 1855-1941: uitgaven
  8. Boek: Jaap Brouwer, Johan van Meurs – Een studie over een pionierend orgeladviseur, Groningen: Philip Elchers, 2017.
  9. Drents Archief: 0355 Nederlands Hervormde Gemeente Gasselternijveen 47 Register van verzonden stukken; 1894-1944
  10. Drents Archief: 0355 Nederlands Hervormde Gemeente Gasselternijveen 43 Registers van notulen van de vergaderingen van kerkvoogden en notabelen 1894-1945
  11. Drents Archief: 0355 Nederlands Hervormde Gemeente Gasselternijveen 3 Registers van notulen van de vergaderingen van de kerkenraad 1946-1957
  12. Archief Mense Ruiter
  13. Drents Archief: 0913 Archief van de afdeling Monumentenzorg van de provincie Drenthe 670 Gasselternijveen, De Vaart (NH kerk); 1980-1984
  14. Drents Archief: 0446 Provinciaal College van Toezicht Hervormde Gemeenten 100 1900-1901
  15. Boek: Victor Timmer, De renaissance van een barokinstrument, Groningen: Stichting Groningen Orgelland, 2017 31-39
  16. Boek: Hervormde kerk te Gasselternijveen 1859-1959, Uitgave van de kerk, 1959
  17. www: http://www.kerkeninbeeld.nl (21-11-2024)
  18. Redactie, Het orgel in de kerk van Gasselternijveen, op 't Spoor 2019/03 8-11 (zonder bronvermelding)
  19. Utrecht, Het Utrechts Archief, 1445 Orgelcommissie, 461. Gasselternijveen, 1980-1997
  20. Drents Archief: 0355 Nederlands Hervormde Gemeente Gasselternijveen 71 Registers van ontvangsten en uitgaven 1942-1958


Jan Albert Mennen heeft zeer getrouw (schaal 1:20) een model van het orgel gemaakt. Zie foto's hieronder.





Fotoreportage door Jan Albert Mennen van de demontage van het instrument in november 2008:















 

Fotoreportage door Jan Albert Mennen van de opbouw van het instrument in 2009

Mei 2009:


De orgelkas is bijna terug in de staat van 1900. De fa. Gebr. Boer uit Wildervank is verantwoordelijk voor de restauratie van het schilderwerk.

Juli 2009:


Balgen, windlade, klavier en het pedaal zijn weer geplaatst. Hierna worden de frontpijpen geplaatst en kunnen de labia worden verguld.

September 2009


Het bovenste vergulde snijwerk is al weer terug en de frontpijpen zijn herplaatst. Het overige snijwerk en de "wangen" worden binnenkort herplaatst, evenals de beelden op het orgel.

28 november 2009: Het orgel is weer volledig opgebouwd in de kerk

Detailfoto's door Geert Jan Pottjewijd d.d. 22-12-2009