Roderwolde Hervormde kerk

In 1910 levert Bakker & Timmenga een nieuw eenklaviers orgel. Pas in 1982 plaatst Mense Ruiter een windmotor. In 2002 volgt een restauratie door Mense Ruiter. Het orgel is origineel bewaard gebleven en nooit gewijzigd.

In 1831 wordt de bouwvallige middeleeuwse kerk vervangen door een nieuwe kerk die midden in het dorp komt te staan.
Van 1842 tot 1846 is Roelof Bennink Janssonius hier na zijn afstuderen in Groningen predikant geweest. Hij schrijft veel over hymnologie en publiceert in 1861 het boek Geschiedenis van het kerkgezang bij de Hervormden in Nederland. (18)


1830-1852
In deze periode ontstaat een geschil tussen schoolmeester A. Odding en de kerkvoogdij over een aan het gecombineerde ambt van voorzanger, schoolmeester en koster verbonden emolument (het weiden van drie koeien op de Roderwolderdijk). De correspondentie tussen de verschillende partijen is te vinden in een PDF. Ook het College van Toezicht voor de Hervormde Kerk en Gedeputeerde Staten zijn bij het geschil betrokken. (05) Zie Provinciale Drentsche en Asser courant (27-07-1852).


In de hierboven genoemde correspondentie is ook het bovenstaande document te vinden. Het bevat een soort motto van de onderwijzer A. Odding. Klik op de afbeelding voor een vergroting.
Transcriptie:
'WAARHEIDSLIEFDE
moet een eerste grondslag zijn in
het karakter van den onderwijzer hij toch werkt met door zijn voorbeeld
dus al te dezen aanzien zijn voorbeeld den gewigtigen invloed te
weeg te brengen dat hij zich daarom dan nooit schamen? waar het hem altijd
als een dienstpligt voorstelle de waarheid hulde te ...den.' (05)

1891
In de kerkenraadsvergadering van 8 november wordt besloten tot aanschaf van een orgel. Men koestert al lange tijd de wens voor een orgel. 'Daar de diaconiekas zich in een grooten bloei mag verheugen besloot men met toestemming van de hoogere besturen, het benoodigde geld daaruit te nemen'. Door de bemiddeling van de heer Le Clercq uit Groningen kan een geschikt orgel worden aangeschaft. Predikant P.A. Baak neemt het orgel in gebruik met een preek over Colossenzen 3:16a. (11) Zie Nieuwsblad van het Noorden (15-11-1891), Provinciale Drentsche en Asser courant (13-11-1891).
J. Schaafsma uit Paterswolde bespeelt het orgel. Het betreft een harmonium met twee klavieren en een zelfstandig pedaal. (Zie een advertentie uit 1911 in de Leeuwarder Courant)

1909:
Er worden sollicitanten opgeroepen voor de functie van schoolhoofd in Roderwolde. De vorige onderwijzer is ook organist. Zie Provinciale Drentsche en Asser courant (06-02-1909).

1910
In een brief van 19 april schrijft het Provinciaal Kerkbestuur dat het een besluit gaat nemen over de vraag of het is toegestaan om de bouw van een nieuw orgel te financieren uit het batig saldo van de diaconie van f 1.734,29.
Op 28 april krijgt Roderwolde toestemming van het Provinciaal Kerkbestuur.

De firma Bakker & Timmenga te Leeuwarden levert volgens het contract van 22 augustus een orgel met de volgende dispositie: (17)
Manuaal
. C - f3
1. Prestant 8’
2. Bourdon Discant 16’
3. Holpijp 8’
4. Viola di Gamba 8’
5. Aeoline 8’
6. Fluit 4’
7. Octaaf 4’
8. Octaaf 2’
Aangehangen Pedaal van C - g; ventiel; boven het pedaalklavier een trede voor zacht en sterk spel.
Zacht: Aeoline 8', Holpijp 8', Fluit 4'
Sterk: Prestant 8', Bourdon 16', Octaaf 4', Violon 8', Octaaf 2'

Transcriptie:
Contract
De ondergetekende Kerkvoogden der ned. Herv. Gemeente te Roderwolde der eene, en A. Timmenga firma Bakker en Timmenga Orgelfabrikant te Leeuwarden ter andere zijden zijn overeengekomen als volgt.
Ik ondergetekende A. Timmenga neem aan voor contractanten ter eene zijde te vervaardigen een nieuw kerkorgel voor de som van Een duizend achthonderd en vijftig gulden, naar een tekening door het kerkbestuur goed gekeurd.
Het werk zal bevatten een handklavier strekkende van groot C tot 3f zijnde 4 1/2 octaaf in omvang met een aangekoppeld pedaal groot 1 2/3 octaaf beide van eikenwagenschot, het klavier belijmd met eerste soort Celluloid Ivoor en acht sprekende stemmen, welke door een treede boven het pedaal kunnen worden gesteld op zacht en sterk spel (combinatie)
Dispositie
Eerste Combinatie (zachtspel)
1. Aeoline ‘ 8 voet van hout en metaalhout en metaal
2. Holpijp 8 voet van hout en metaalhout en metaal
3. Fluit 4 voet van hout en metaalhout en metaal

Tweede Combinatie (sterk spel: )
4. Prestant 8 voet van tin in het front en metaal.
5. Bourdon 16 voet discant
6. Octaaf 4 voet
7. Viola di Gamba 8 voet
8. Octaaf 2 voet
9. Ventiel
Samen 384 sprekende pijpen

Al het materiaal dat voor de bouw van het Orgel wordt gebruikt zal van het beste zijn, waarom de vervaardiger dan ook twintig jaar aansprakelijk blijft voor alle gebreken, welke aan slechte bewerking
of verkeerd materiaal te wijten zijn. Daarentegen neemt het Kerkbestuur de verplichting op zich om gedurende bovengenoemd tijdvak eens per jaar het Orgel te laten stemmen door den vervaardiger tegen eene vergoeding van vijftien gulden per keer. Zegge f 15,-
Het schilderen der orgelkast blijft ter keuze en voor rekening van het kerkbestuur, zomede het timmerwerk wat buiten het orgel moet geschieden.
Transport, reis en verblijfkosten komen voor rekening van de vervaardiger.
Acht maanden na ondertekening van het Contract zal het orgel geheel speelvaardig in de kerk worden opgeleverd. Bij oplevering kan het vanwege het Kerkbestuur nauwkeurig worden onderzocht door een bekwaam deskundige tot genoegen van beide partijen.
De betaling zal geschieden na afloop en ingebruikneming van het orgel in één termijn, of indien deze betaling niet ineens geschiedt zal het resterende tegen eene rente van 4% ten honderd later worden afgelost.
Wij Contractanten ter eener zijde verklaren in de vervaardiging van het orgel en vorenstaande bepalingengenoegen te nemen en ons voor de nakoming daarvan te verbinden.

Te Roderwolde                                            Aldus gedaan en getekend te
het Kerkbestuur                                          Leeuwarden 22 augustus 1910

Toegevoegd is nog de volgende tekst: De heer Timmenga, contractant ter andere zijde
verbindt zich gedurende bovengenoemde
tijdvak ieder jaar het orgel te stemmen
niet tegen een vergoeding van vijftien, maar
van tien gulden per keer. Zegge f 10,-

[. w. g. ] A. Timmenga; J. Boer, Pres. Kerkvoogd; A. Rademaker, Secr. ; J. Middendorp.
Achterop staat: 21 juni 1911 f 1.000,-; 21 aug. 1911 f 500,-; 7 dec. 1911 f 350,-; totaal f 1850,-. (01) (17)

In de kerkvoogdijvergaderingen van 1910-1912 komt het nieuwe en oude orgel regelmatig ter sprake. Helaas beginnen de kerkvoogdijnotulen pas op 31 december 1910, zodat de beginfase niet is genotuleerd.
Op 21 december komt de vervanging van het orgel door een groter orgel het eerst ter sprake.
Bakker & Timmenga wil slechts weinig geven voor het bestaande orgel. Besloten wordt een advertentie te plaatsen in het Nieuwsblad van het Noorden en de Kerkelijke Courant. (12)

Leeuwarder courant (27-03-1911).

1911
In de kerkvoogdijvergadering van 29 mei wordt vermeld dat het orgel nu in de kerk wordt opgesteld. Ds. van der Molen stelt aan de orde dat de verzekering moet worden verhoogd nu er een nieuw orgel wordt geplaatst. Jaarlijks wordt contributie betaald aan de Jong en Co., maar niemand van de kerkvoogden weet waar de polis is. De verzekering wordt nader uitgezocht.
In de kerkvoogdijvergadering van 25 juni wordt melding gemaakt van de ingebruikname. De zoon van orgelmaker Timmenga is uit Leeuwarden overgekomen om het orgel te bespelen. Het harmonium is inmiddels verkocht aan orgelmaker Beukema uit Groningen voor f 80,-.
In de kerkenraadsvergadering van 11 juli wordt gememoreerd dat het orgel op 25 juni in gebruik is genomen in een stampvolle kerk. De preek heeft als onderwerp Psalm 150 vers 4b. Het vorige orgel voldoet niet meer en daarom wordt besloten een nieuw orgel te laten bouwen gefinancierd uit het 'overvloedige' geld van de diaconie. Het orgel doet zijn vervaardigers Bakker en Timmenga alle eer aan. Het orgel wordt bespeeld door de orgelmaker A. Timmenga. Predikant is ds. G. van der Molen. Vermoedelijk heeft H. Kemkers uit Roden het orgel geschilderd. Zie Nieuwsblad van het Noorden (23-06-1911), (27-06-1911), Provinciale Drentsche en Asser courant (27-06-1911).
In de kerkvoogdijvergadering van 19 juli komt de verzekering van de kerk weer aan de orde. De kerk is verzekerd tegen brandschade voor f 2.000,-, de pastorie voor f 4.000,- en de kosterij voor f 1.000,-.
Besloten wordt deze verzekeringen bij één maatschappij onder te brengen. De verzekering voor de kerk blijkt alleen te gelden voor het gebouw en niet voor de inventaris. De inventaris van de kerk zal worden verzekerd voor f 3.000,-. (12)




Tekeningen uit het archief van Bakker & Timmenga. (17) Klik op de afbeeldingen voor een vergroting.

1912
Op 30 oktober komt aan de orde dat het 'voorfront' van het oude orgel nog steeds in de pastorieschuur staat. Dit zou moeten worden opgeruimd. Het zink zou er af kunnen worden gehaald en verkocht. Wat brandbaar is, kan worden gebruikt voor de kachel in de kerk. Op vrijdag 20 december wordt gemeld dat het zink van het voorfront van het oude orgel is opgehaald. Het bedrag dat ervoor wordt betaald is niet te lezen. (12)

1912-1931
Volgens het contract krijgt Bakker en Timmenga het orgel minimaal twintig jaar in onderhoud.
In de administratie van Bakker & Timmenga is een overzicht te vinden van de stembeurten over de jaren tussen 1911 en 1913, 1914-1925 en 1926-1943.
In november 1949 wordt het orgel gestemd voor f 36,05. Daarna wordt het stemcontract opgezegd. (17)

1915
Er wordt een advertentie geplaatst voor een nieuw schoolhoofd. De functie van koster-organist wordt ook genoemd. Zie Provinciale Drentsche en Asser courant (11-09-1915).

1916
Van 1 maart dateert een instructie voor de functie van koster en organist. De organist is het hoofd van de openbare lagere school, Th. D. Cremer.
1. Hij dient orgel te spelen bij elke kerkdienst, zoals door de kerkenraad wordt bepaald.
2. Hij dient zich zo te gedragen dat hij de gemeente geen aanstoot geeft.
3. De functiebeschrijving als koster heeft alleen betrekking op de werkzaamheden bij het avondmaal.
4. Zijn bezoldiging bestaat uit het vrije gebruik van de woning en de tuin, de opbrengst van zeven grazen hooiland (= circa 3,5 hectare) en twee pachten van f 12,-.
5. De benoeming houdt op als hij vertrekt als schoolhoofd van Roderwolde. (07)

1919
Uit deze tijd dateren twee instructies voor de kerkdienaar. Eén exemplaar is opgetekend in een schrift en dateert van 23 oktober. De instructie is ondertekend door Jakob Boer. Hij krijgt een vergoeding van f 175,-.
Het andere exemplaar is ongedateerd. Tot de taken behoort het treden van de balgen van het orgel. (06)
Van de periode 1917 tot 1942 zijn vier rekeningen van Bakker & Timmenga bewaard gebleven. 1917: f 10,-; 1918: f 12,-; 1926: f 18,10 en 1942: f 17,60. (09)

193x
Johan van Meurs noteert de gegevens van het orgel in zijn dispositiecahier. (14)

Klik op de afbeelding voor een vergroting

1934-1936
Bakker en Timmenga krijgt in 1934 f 15,10 uitbetaald voor een stemming en f 0,60 aan porto. In 1936 hetzelfde bedrag. In 1937 f 16,50. In 1938 op grond van een nota f 32,50. 1939: f 16,50. 1940: f 16,50. 1941: f 17,50. 1942: f 17,85. 1943: f 20,40.
In 1943 wordt f 7,- uitgegeven voor 'het orgeltje in het gemeentelokaal'. (13)

1936
De kerk krijgt toestemming om een catechisatielokaal te bouwen. Volgens de inventarislijst van 1942 staat er een orgel. Waarschijnlijk betreft het een harmonium. (08)

1951
In de Leekster courant (07-07-1951) wordt herdacht dat het orgel veertig jaar geleden in gebruik is genomen.

1955-1958
Het orgel wordt gestemd door Flentrop voor f 50,- (13)


Links: foto nr. B 47480-53, 1973. Rechts: foto nr. B 47480-14, 1973. (19)

1982
Op 27 oktober gaat de kerkvoogdij akkoord met de offerte van 7 oktober van orgelmakerij Mense Ruiter voor het installeren van een windmotor. Een erkende elektricien zal zorgen voor de juiste aansluiting. (16)

1985
Installatie van een Ventus windmotor. (15)

1996
Op 7 februari levert orgelmakerij Mense Ruiter de gegevens voor een aan te schaffen luchtbevochtiger aan. Deze kan worden geleverd en geplaatst door Van den Heuvel-Glascom uit Leiden. (16)

2000
In 2000 maakt orgeladviseur Stef Tuinstra een rapport over het orgel. De onderhoudsgeschiedenis tot 1953 is af te lezen uit potloodnotities van Bernard Timmenga aan de binnenzijde van het orgel. Vanaf 1953 stemt orgelmakerij Flentrop het orgel, in 1973 "Van Dam" en vanaf 1985 PL (P.L. Leemhuis van orgelmakerij Mense Ruiter). Het orgel is nog volledig origineel, inclusief de windvoorziening. Er is alleen een windmotor toegevoegd. De restauratie zal bestaan uit groot onderhoud en een schoonmaak. (16)

2001
De Stichting tot Behoud van het Nederlands Orgel verleent een subsidie van EUR 2.000,- (03)
Op 17 januari krijgen orgelmakerij Mense Ruiter en orgelmakerij Bakker & Timmenga een uitnodiging om een offerte te maken voor de restauratie van het orgel op basis van het rapport van Stef Tuinstra. De offerte dient voor 15 maart binnen te zijn.
Op 16 maart bevestigt de president-kerkvoogd de ontvangst van de offerte van Mense Ruiter. De offerte is conform het rapport van Stef Tuinstra. Hij wil met Stef Tuinstra en zijn achterban overleggen over wat bij deze restauratie wel en niet moet worden aangepakt. Er moet een keuze worden gemaakt tussen een volledige restauratie of alleen een partiële restauratie.
Op 12 april doet president-kerkvoogd Boerema een voorstel voor een overleg tussen orgelmakers en orgeladviseur om te zoeken naar een optimale restauratie binnen het beschikbare budget. Hij doet de volgende besparingsvoorstellen:
- Opslag van het pijpwerk op het orgelbalkon in plaats van in de werkplaats.
- Geen handgrepen op de luiken.
- Een bescheiden aanpak van de orgelluiken. De windschakelaar blijft op zijn plaats.
- De orgelbank laten zoals hij is.
- Nagaan of herstel van de balg mogelijk is op locatie.
- Hoe de windlade te herstellen.
- Het celluloidbeleg van het klavier handhaven en het herstel van het pedaalklavier vereenvoudigen.
Het restauratiebestek dateert van 19 april 2001.
Op 20 april bevestigt president-kerkvoogd Boerema de aangepaste offerte. Hij gaat overleggen met Stef Tuinstra en subsidiegevers en hij hoopt binnen een maand duidelijkheid te hebben over het vervolg.
Op 28 mei schrijft de kerkvoogdij dat ze overleg hebben gehad met rijksorgelbouwadviseur Van Straten. Van Straten stemt grotendeels in met de plannen. Het volledig beleren van de blaasbalg trekt hij in twijfel. Beter is af te wachten met de beslissing tot de blaasbalg in de werkplaats staat. Daar kan bepaald worden wat er moet gebeuren. Deze werkzaamheden kunnen als stelpost worden opgenomen.
Het contract voor de restauratie wordt getekend op 7 juni 2001.
Op 7 juni bedankt orgelmakerij Mense Ruiter voor het verlenen van de opdracht. Het bedrag voor de windvoorziening is uit de offerte gehaald en opgenomen als stelpost. Aanvang van de werkzaamheden wordt verwacht in december 2001.
Op 4 oktober komt de verzekeringskwestie aan de orde. Ruiter gaat ervan uit dat de verzekering geldig blijft als het orgel in de werkplaats staat. Voor het transport is een verzekering gesloten. De werkzaamheden beginnen in januari. Als tijdelijke oplossing wordt het kistorgel "Ukkie" aangeboden. (16)

2002
In het kerkblad wordt bericht over de voortgang van de restauratie. Het orgel is in januari overgebracht naar de werkplaats. In de periode dat het orgel in de werkplaats is, wordt gebruik gemaakt van een kistorgel. De financiering is nu geheel rond. (04) Zie Roder Journaal (08-01-2002), De Regiokrant (12-02-2002).
Op 18 februari bericht orgelmakerij Mense Ruiter over de beslissing om de schepbalgen buiten werking te stellen en van de hoofdbalg alleen de zwikken opnieuw te beleren. Orgelmakers, orgeladviseur en RDMZ waren daarbij aanwezig.
Het verguldwerk wordt uitgevoerd door Kunstrestauratie Beeldende Kunst van Lammert Mulder.
Op 26 augustus schrijft orgelmakerij Mense Ruiter dat de werkzaamheden in de werkplaats zijn afgerond en dat het orgel naar de kerk is overgebracht. De stelpost voor de windvoorziening is slechts deels gebruikt, omdat van de hoofdbalg alleen de zwikkels van nieuw leer zijn voorzien. De schepbalgen zijn buiten werking gesteld.
Dit minderwerk geeft een behoorlijke besparing. Er wordt naar gestreefd het orgel voor 6 september speelklaar te hebben. Op 2 oktober meldt orgelmakerij Mense Ruiter dat de restauratie is afgerond en dat de laatste termijn ter betaling is aangeboden.
Op 21 november schrijft de kerkvoogdij van Roderwolde dat het orgel op 20 november officieel is opgeleverd in het bijzijn van de rijksorgeladviseur. De orgelmakers worden uitgenodigd om aanwezig te zijn bij de ingebruikname op 17 januari 2003. (16)

2003
Het orgel wordt op 17 januari in gebruik genomen met een toelichting op de orgelrestauratie door de orgelmaker en een demonstratie door orgeladviseur Stef Tuinstra. Zie programma. Zie De Orgelkrant (2003 april).
In 2003 heeft orgeladviseur Jan Jongepier zeer uitgebreid het pijpwerk van het orgel geïnventariseerd. Hier volgen de eerste pagina's van het rapport.
Op 30 september stelt de Commissie Orgelzaken een rapport op over het resultaat van de restauratie.
Het conserverend herstel is zeer zorgvuldig uitgevoerd. Alles functioneert weer naar behoren. (16)


Foto: Orgelmakerij Mense Ruiter.

Bronvermelding:
  1. Drents Archief: 0392 Nederlands Hervormde gemeente Roderwolde 240 Contract tussen de kerkvoogdij en A. Timmenga, firma Bakker en Timmenga voor de bouw van een orgel en het onderhoud en stemmen daarvan gedurende een periode van twintig jaar; 1910.
  2. www: https://reliwiki.nl/index.php/Roderwolde,_Hoofdstraat_25_-_Jacobskerk (13-02-2025).
  3. Mededelingen nr. 57 najaar 2001 van de Stichting tot Behoud van het Nederlands Orgel.
  4. Archief Jaap Brouwer.
  5. Drents Archief: 0392 Nederlands Hervormde gemeente Roderwolde 224 Stukken betreffende het geschil tussen A. Odding en de kerkvoogdij over een aan het voorzangers-, schoolmeesters- en kosterambt te Roderwolde verbonden emolument (het weiden van 3 koeien op de Roderwolder dijk); 1830-1852.
  6. Drents Archief: 0392 Nederlands Hervormde gemeente Roderwolde 222 Instructie voor de kerkdienaar; 1919 en z.jr. (1912 ?).
  7. Drents Archief: 0392 Nederlands Hervormde gemeente Roderwolde 220 Akte van aanstelling van organist en koster, met concept; 1916.
  8. Drents Archief: 0392 Nederlands Hervormde gemeente Roderwolde 245 Stukken betreffende de bouw van een catechisatielokaal, 1936/37, en een in 1942 opgemaakte inventarislijst.
  9. Drents Archief: 0392 Nederlands Hervormde gemeente Roderwolde 274 Bijlagen tot de rekeningen; 1870-1943 (fragmentarisch).
  10. Drents Archief: 0392 Nederlands Hervormde gemeente Roderwolde 270 Jaarrekeningen van ontvangsten en uitgaven 1821-1823, 1825-1832, 1834-1936, 1839- 1840, 1842-1886, 1894-1920, 1922-1935, 1937-1949.
  11. Drents Archief: 0392 Nederlands Hervormde gemeente Roderwolde 2 Notulen van vergaderingen van de kerkenraad 1879-1952.
  12. Drents Archief: 0392 Nederlands Hervormde gemeente Roderwolde 201 Notulen van de vergaderingen van de kerkvoogdij 1910-1931.
  13. Drents Archief: 0392 Nederlands Hervormde gemeente Roderwolde 278-280 Kasboek 1894-1948.
  14. Boek: Jaap Brouwer, Johan van Meurs – Een studie over een pionierend orgeladviseur, Groningen: Philip Elchers, 2017.
  15. Stef Tuinstra: Bakker & Timmenga-orgel Roderwolde - Historische- en bouwkundig rapport met restauratieplan betreffende het orgel in de Hervormde Kerk.
  16. Archief orgelmakerij Mense Ruiter.
  17. Historisch Centrum Leeuwarden 1631 Orgelfabriek Bakker en Timmenga B.V. te Leeuwarden, 1880-1969.
  18. Boek: A.C. Honders in Biografisch Lexicon voor de geschiedenis van het Nederlands Protestantisme, blz. 57-60.
  19. www: http://kerkeninbeeld.nl/ (13-02-2025),


Foto Michiel van 't Einde. (02)



Ansichtkaarten.



Foto: (02).