Schoonebeek, Hervormde kerk

Kerk
De middeleeuwse kerk maakte in 1927 plaats voor een nieuwe kerk.

Foto middeleeuwse kerk (02)



Foto Facebook Oud Drenthe in Woord en Beeld

1847: In het aardrijkskundig woordenboek der Nederlanden van A. J. van der Aa uit 1847 wordt gemeld dat de kerk nog geen orgel heeft. (06)

1864: In het College van Toezicht komt aan de orde of Michiel Voskuil van Aalst, die tot koster/voorzanger is benoemd, de kosterij mag verhuren. Dit wordt voor 6 jaar toegestaan, zolang hij de functie uitoefent. (15)

1872: Er worden plannen gemaakt voor de aanschaf van een orgel. Uit onderstaande krantenberichten blijkt dat er voor- en tegenstanders zijn.
Er wordt gestart met een intekenlijst. Van Oeckelen plaatst een gebruikt orgel. In de kerkvoogdij-notulen wordt nauwelijks gerept over de aanschaf van een orgel.
Op 16 maart wordt besloten de huidige koster Michiel Voskuil per 1 september 1872 eervol te ontslaan uit zijn functies als koster, voorzanger en voorlezer.  (13)
Op 30 april (verbaal 27) wordt dit ook behandeld in het College van Toezicht. (16)
Op 6 juni staat er een nauwelijks leesbare zin in de notulen: 'Waarna orgel ter visie? van belanghebbenden wordt gelegd ten huize van L. St... vanaf de  ..... met den 16. juni 1872'
Het orgel wordt op 30 september in gebruik genomen. Het wordt bespeeld door schoolhoofd Baning uit Dalen.
Op 11 oktober wordt de hoofdonderwijzer van Schoonebeek Evert Lubbers jr. benoemd tot organist. (13)
In het kasboekje van 1872 staat voor 24 september een uitgave van f 100,- ' aan den heer C.J. Bleeker voor het orgel'. (12)
De benoeming van Lubbers wordt bevestigd op 29 oktober via verbaal 60/5 door het College van Toezicht. (16)


Provinciale Drentsche en Asser courant 13-03-1872,  22-03-1872, 26-03-1872


Provinciale Drentsche en Asser courant 03-10-1872, 11-11-1872

1873: In het kasboekje van 1873 staat een post van f 3,- '12 mei aan K. van Dalen voor vervoer van het orgel' . (12)
In de verantwoording voor 1873 staat een post van f 10,- voor de orgeltrapper en een post orgelonderhoud van f 25,-. De laatste post wordt ten laste gebracht van post 11 (onderhoud kerk) omdat deze blijkbaar nog niet was begroot. (11)

Provinciale Drentsche en Asser courant 04-12-1873

1874-1927
In de registers van de Rekening Courant zijn er betalingen vastgelegd aan orgelmakers en orgeltrappers. Er komen geen betalingen voor aan de organist. Blijkbaar werd de organist niet betaald of uit een andere bron gefinancierd.
Orgeltrappers: 1879-1885 G. Meppelink f 10 per jaar, 1886-1889 Beukema f 10,-, 1892-1907 Kubelaar/Gubler f 10,-, 1908 B. Tijben f 10,-, 1909-1911 Harms f 10,-, 1918-1919 orgeltrapper Meijering f 10,-, 1921 G. Schutten f 15, 1922-1927 Schutten f 25,-.
Orgelonderhoud wordt er vanaf 1882 in rekening gebracht. Zat de eerste tien jaar het onderhoud bij de prijs inbegrepen?
1882, 1885 Van Oeckelen f 25,-
1886 Beukema f 10,-
1890-1893 Van Oeckelen f 10,-
1895 Koch f 10,-
1896 Haupt f 10,-
1898-1910 Proper f 10,- f 15,-
1905 Proper f 15,- en Zilverberg 40,- Het is niet bekend welke werkzaamheden Zilverberg uitvoerde.
1920 Proper f 20,25
1921 Proper f 20,40
1919 Proper f 15,- en G. Hans f 2,- G. Hans wordt vermoedelijk betaald voor het bedienen van de toetsen bij het stemmen. In het kasboekje van 1916 (12) komt ook een betaling voor aan G. Hans met de volgende omschrijving: 'G. Hans, bij 't orgelstemmen f 1,-'.
1922-1927 J. van Lochem f 21,-, f 20,- en f 25,- (10)

Het orgel in de oude kerk

Foto links: (01) Foto rechts  (14) (Klik op de rechter afbeelding voor een vergroting)

1927: Er wordt een nieuwe kerk gebouwd omdat de oude kerk te klein was geworden voor de gegroeide gemeente. Het orgel wordt overgeplaatst. In de oude kerk wordt tijdelijk een 'huisorgel' van een gemeentelid gebruikt totdat de nieuwe kerk in gebruik genomen is.
Op zondag 11 december wordt afscheid genomen van de oude kerk. Op woensdag 14 december wordt de nieuwe kerk in gebruik genomen.

Links: ansichtkaart beschreven in 1931 Midden ansichtkaart van na 1940 Rechts: Foto door André van Dijk (03)


Weekblad der Nederlandsche Hervormde Kerk, 17 februari 1927


Emmer courant 01-11-1927, 25-11-1927, Weekblad der Nederlandsche Hervormde Kerk, 27 december 1927, p. 3


Provinciale Drentsche en Asser courant 08-09-1928,

1931: Van de Gereformeerde Zuiderkerk in Assen wordt via bemiddeling van muziekhandel Meek uit Assen het orgel van de Zuiderkerk in Assen gekocht. In de Zuiderkerk wordt een groter gebruikt orgel geïnstalleerd.
Het orgel wordt op vrijdag 18 december in gebruik genomen met een concert door Johannes Meek, de organist van de Zuiderkerk in Assen en mej. Pesman zang. Schilder Bruning uit Schoonebeek heeft het orgel in de kleur groen met rood geschilderd.


Emmer courant 06-01-1931, De Nederlander 16-11-1931, Provinciale Drentsche en Asser courant 10-11-1931.


Dispositie:
Manuaal I   Manuaal II   Pedaal
Bourdon 16' b/d Holpijp 8' Aangehangen
Prestant 8' Fluit 4'  
Salicionaal 8' disc. Viola di Gamba 8'  
Holpijp 8' Piccolo 2'  
Aeoline 8' Basson-Hobo (Clarinet) 8'  
Prestant 4'      
Fluit   4'       
Octaaf 2'      
Mixtuur II of III      
Trompet 8' b/d      
         


Foto: G. Meyster (05) nr. DA999083012 beeldbank Drents Archief (01)


Nieuwsblad van het Noorden 14-12-1931, De Nederlander 15-12-1931


Emmer courant 20-11-1931, 27-11-1931, 11-12-1931, 23-12-1931


Emmer courant 11-12-1931, 12-12-1933


1933: Stembeurt door Meek uit Assen voor f 35,-. (11)

1934: Een bazar voor het orgel en het evangelisatiewerk in Nieuw-Schoonebekerveld brengt f 845,- op.

Emmer courant 13-04-1934

1936/1937: Twee stembeurten door Meek uit Assen f 66,49 (11)

1938: In dit jaar wordt voor het eerst de organist betaald. Hij krijgt f 105,- per jaar. (11)

1946: Onderhoud orgel f 103,80 (11)

1948: Op 19 april wordt een contract gesloten met de orgelmaker W. Smits uit Zuilen voor de restauratie van het orgel voor een bedrag van f 3.700,-. De restauratie wordt gefinancierd door geld te lenen van 2 kerkvoogden uit de gemeente.
De volgende werkzaamheden worden uitgevoerd:
 - afregelen van de mechaniek
 - nieuw celluloid aanbrengen op de klavieren
 - de windlade wordt schoongemaakt en nagezien. De sleep van de Basson-Hobo wordt geschikt gemaakt voor een Nasard 2 2/3. De stok van de Mixtuur wordt verbreed zodat een nieuwe Mixtuur III kan worden geplaatst
 - het pijpwerk wordt uitgedeukt en gereinigd. Pijpen zodanig afsnijden, dat een normale toonhoogte wordt verkregen
 - Basson-Hobo vervangen door een Nasard 2 2/3', Mixtuur vervangen door een Mixtuur III b/d
 - vervangen van de discant van de Trompet 8' door een nieuw exemplaar
 - frontpijpen vervangen door nieuwe pijpen van zink
 - balg en kanalen nazien op dichtheid
 - vervangen van al het draadwerk door nieuw koperdraad.
W. Smits wordt betaald in twee termijnen van f 1.200 in april 1948 en f 2.420 op 29 juli 1948. (09)

1954: Op 29 juli kondigt organist Joh. Wolhuizen zijn ontslag aan per 8 augustus, omdat de beloften die hem zijn gedaan bij zijn aanstelling in december 1952, niet zijn nagekomen. (09)
Onderhoudskosten orgel f 140,65  (11)

1955: Onderhoudskosten orgel f 149,95 (11)

1956: De kerkvoogdij vraagt in maart aan de Orgelcommissie van de Hervormde kerk (HOC) advies omtrent de kosten van de orgelstemmer. De orgelmaker vraagt voor 2x stemmen per jaar f 145,-. Men vindt dit voor een orgel met 2 manualen, aangehangen pedaal en ca. 12 registers aan de hoge kant. Voor de Gereformeerde kerk vraagt de orgelmaker f 115,-, terwijl dit orgel meer registers heeft. De betrokken orgelmaker is Valckx & Van Kouteren.
Op 8 maart antwoord van de orgelcommissie: De vraag van de kerkvoogdij komt aan de orde in de eerstvolgende vergadering van de commissie. (07)

1957: Notitie door vermoedelijk Lambert Erné op 7 februari van een bezoek aan de kerk.(07)

Klik op de afbeelding voor een vergroting.

Op 27 april stuurt de HOC een rapport naar aanleiding van de vraag over het onderhoud van het orgel. Het orgel is samengesteld uit onderdelen van verschillende instrumenten. Het orgel is erg vervuild. Gescheurde pijpen door onoordeelkundig stemmen. De Trompet is bijna onbruikbaar. Er is tinpest in de pijpvoeten. De Trompet, Violon en frontpijpen zijn van zink. De Mixtuur is vrij nieuw, maar te zwak voor de kerk.
De Gamba spreekt slecht en is nauwelijks bruikbaar. De conditie van de windlade is ook slecht. Veel lekkage, zwaar lopend registerslepen.
De windmotor staat in een koude ruimte. De kwaliteit van het orgel is dusdanig dat restaureren weinig zin heeft. Het aangehangen pedaal is gemaakt volgens verouderde afmetingen. De HOC raadt aan een nieuw orgel aan te schaffen en niet voor een paar duizend gulden te gaan restaureren met vaak een slecht resultaat. (07) (18)

1958: Op 17 februari suggereert de HOC om de NAM (Nederlandse Aardolie Maatschappij) te enthousiasmeren om een bijdrage te leveren bij het oplossen van de orgelkwestie.
Op 23 april stuurt de HOC de kerkvoogdij een rekening voor het voorlopige advies.
Op 13 mei wordt er door de HOC geïnformeerd naar de stand van zaken.
Op 24 juni antwoordt de kerkvoogdij dat de situatie nog niet urgent is, maar dat men wel is gestart met een orgelfonds. (07) (18)

1968: Op 4 juli schrijft het Provinciaal Bureau van de Hervormde Kerk in Drenthe dat men in Schoonebeek plannen heeft om het orgel te restaureren. Is de HOC hiervan op de hoogte?
Op 8 juli schrijft de HOC dat men niet op de hoogte was. Eerdere restauratieplannen stammen uit 1957. Toen is advies gegeven geen grote bedragen meer in het orgel te investeren. Misschien kan het bureau de kerk van Schoonebeek op de HOC wijzen voor advies?
Reil schrijft op 5 augustus een rapport op basis van een bezoek aan het orgel op 26 april.
Het huidige orgel is afkomstig uit de periode 1850-1880. Een gedeelte van het pijpwerk is vermoedelijk van oudere datum. Bij de plaatsing van het orgel in Schoonebeek is de tinnen frontprestant vervangen door zinken pijpwerk. Dit gebeurde ook voor de bekers van de Trompet. De Mixtuur en de Quint 2 2/3 zijn dusdanig gewijzigd, dat ze niet meer bij het oude pijpwerk passen. De windlades zijn in een zeer slechte staat. De meeste houten pijpen zijn gescheurd. De mechanieken zijn oud en versleten en zijn nauwelijks bruikbaar. De houten pijpen staan voorin het orgel en functioneren als een soort geluidsscherm. Ook het Positief staat ongunstig opgesteld. Het orgel is oorspronkelijk van goede kwaliteit (enkele registers zijn van zeer goede kwaliteit), maar is door alle wijzigingen zeer achterop geraakt. Voorgesteld wordt om het goede pijpwerk op te nemen in een volledig nieuw orgel met Hoofdwerk en Rugwerk, omdat een restauratie duurder zou uitpakken dan een nieuwbouw.
Dit zou kunnen leiden tot het volgende instrument:
 
Hoofdwerk  
1.Praestant 8vt staat in het front van het Hoofdwerk, wordt nieuw vervaardigd. 54 pijpen
2.Holpijp 8vt de 12 grootste pijpen worden nieuw, de rest is de oude Holpijp van het eerste klavier. 54 pijpen
3.0ctaaf 4vt 54 bestaande pijpen
4.Gedekte Fluit 4vt gedeeltelijk oude pijpen
5.Octaaf 2vt. 54 bestaande pijpen
6.Mixtuur 3-5 sterk 234 nieuwe pijpen
7.Trompet 8vt 54 nieuwe pijpen
Rugwerk  
8. Praestant 4vt staat in het front van het Rugwerk, wordt nieuw vervaardigd, 54 stuks
9. Gedekt 8vt 12 grootste pijpen nieuw, rest uit Holpijp 8vt van het tweede klavier, totaal 54 pijpen
10.Roerfluit 4vt 54 nieuwe pijpen
11.Praestant 2vt 54 bestaande pijpen (Piccolo)
12.Naaard 1 1/3vt 54 nieuwe pijpen
13.Scherp 3-4sterk 204 nieuwe pijpen
14.Kromhoorn 8vt  54 nieuwe pijpen
Pedaal  
15. Bourdon 16vt 30 nieuwe pijpen.
16. Praestant 8 vt Deze wordt gecombineerd met de Praestant van het Hoofdwerk

Op 1 oktober stuurt de kerkvoogdij een aantal offertes voor restauratie/nieuwbouw van Verschueren, Eppinga en Pels door naar de HOC. Kan de HOC advies geven?
Op 15 november brengt de HOC een voorlopig advies uit. De bouwer van het orgel is onbekend. De dispositie is als volgt:
Hoofdwerk Bovenwerk
Bourdon 16' b/d Holpijp 8'
Prestant 8' Viola da Gamba 8'
Salicionaal 8 discant' Fluit 4' b/d
Holpijp 8' Quint 3'b/d
Prestant 4' Piccolo 2'
Aeoline 8'  
Octaaf 2'  
Mixtuur  
Trompet 8'b/d  

Aangehangen pedaal, Klavieromvang C-f3
De lade van het Bovenwerk is gepositioneerd boven de klavieren. De lade van het Hoofdwerk ligt vrij ver achter het front. De klankuitstraling wordt ook bemoeilijkt door de pijpen van de houten Bourdon, die direct voor de windlade van het Hoofdwerk staan. Het pijpwerk staat in twee delen chromatisch opgesteld. Dit stemt niet overeen met het front. Horen kas en orgel wel bij elkaar? In beide windlades is doorspraak en windverlies geconstateerd. In de mechaniek is veel slijtage. Het pijpwerk is van verschillende makelijk. De trompet is uitgenomen en ligt onderin het orgel. De Meidinger-windmachine heeft geen dempkist. 'Het -op zichzelf merkwaardige- instrument heeft voor uw Gemeente een niet te onderschatten gebruikswaarde en verdient daarom behouden te blijven en goed functionerend te worden gemaakt.'
Werkzaamheden voor herstel:
-De windladen moeten worden gedemonteerd en gereviseerd
-De mechaniek moet worden gereviseerd. het is het overwegen waard om de windlade van het Hoofdwerk naar voren te verplaatsen. De Bourdon 16' kan dan misschien als vrij pedaalstem worden benut.
-Het goed pijpwerk dient te worden hersteld. De Aeoline kan worden vervangen door een Fluit 4' of Quint. Nagegaan moet worden welk deel van de Trompet herbruikbaar is.
- De windmachine moet in een dempkist te worden geplaatst en de balg moet worden gecontroleerd.
Daarna zou het orgel weer tientallen jaren kunnen functioneren.
Offertes:
-Eppinga: De beschrijving van het herstel is uiterst summier. Eppinga heeft niet de beschikking over een goede werkplaats.
-Verschueren: Over het algemeen is de HOC het met de offerte eens. Het vervangen van de klavieren en de windvoorziening lijkt overbodig. Onder toezicht van een ervaren adviseur is restauratie goed mogelijk.
-Pels: Pels maakte al eerder een rapport in 1963 en calculeerde toen al een bedrag van tussen de f 25.000,- en f 30.000,-. Dit bedrag zal nu aanmerkelijk hoger zijn.
Geadviseerd wordt eerst een adviseur aan te stellen en dan de situatie opnieuw te beoordelen.
Op 4 december stuurt de HOC een rekening voor het advies. (18)

1969: Op 1 augustus schrijft de kerkvoogdij dat ze graag 'de heer Bolk [sic] te Haarlem' willen hebben als adviseur. Er is een 'goedlijkende' offerte ontvangen van Van den Berg & Wendt.
Op 8 augustus schrijft de HOC dat ze relevante documentatie hebben gestuurd naar Klaas Bolt. Klaas Bolt zal de kerk gaan bezoeken en ook de offerte van Van den Berg & Wendt bekijken.
Van 15 oktober is een verslag van een vergadering tussen adviseur Klaas Bolt en de kerkvoogdij. Bolt adviseert de offerte van Van den Berg & Wendt af te wijzen. Het pijpwerk wordt geleverd door een pijpfabriek en hij verwacht dat dit te weinig 'klankgevend' zal zijn. Hij adviseert een offerte aan te vragen bij Reil. Zij zouden een orgel met 2 klavieren kunnen leveren voor f 43.150,-. Een soortgelijk orgel is nu in aanbouw voor de Hervormde kerk van Dieren. Men besluit de werkplaats van Reil te bezoeken en ook een orgel van Reil te bekijken. Het idee om oud pijpwerk te gebruiken is blijkbaar verlaten. (08)
Reil doet op 3 november een voorstel vergezeld van een contract voor een geheel nieuw orgel.
Op 4 november worden de offerte en het contract door de kerkvoogdij bevestigd.
Op 7 november schrijft de HOC aan de kerkvoogdij dat de kerkvoogdij blijkbaar voor een 'tweeling-orgel' heeft gekozen. De HOC schrijft dat ze iets positiever zijn over van den Berg & Wendt dan Klaas Bolt.
Op 10 december stuurt de HOC een rekening voor hun advies van een 1/2 % van de aanneemsom. (18)


Het Orgel 1969-12


Tekeningen van orgel en orgelbalkon. (Klik op de afbeelding voor een vergroting) (08)



Het oude orgel in 1970 toen mevr. Nijhoff-Gijlers het voor het laatst bespeelde. Zij was ook al organiste in de oude kerk. (14)

1970: In juni wordt het oude orgel afgebroken. Reil schrijft op 6 juni een verslag van de afbraak. Een deel van het front zou van Naber kunnen zijn. De windladen zijn goed gemaakt, maar totaal lek. Bijna alle pijpvoeten zijn aangetast door tinpest. De houten pijpen waren van goed eikenhout, maar bijna alle wanden waren los. De windmotor is zeer oud van het merk Addicks, dat later Meidinger is geworden.
Het orgel wordt op 21 november in gebruik genomen met samenzang en een orgelbespeling door Klaas Bolt. Zie het ingebruikname programma.
Op 28 november verschijnt het eindrapport van Klaas Bolt. 'Voor een uiterst redelijke prijs bent U in het bezit gekomen van een instrument, dat - zoals van een goede Nederlandse orgelmaker mag worden verwacht - van een zeer degelijke makelij is, doch dat ten aanzien van de klankgeving boven het gemiddelde peil van de hedendaagse orgelbouw uitsteekt.' Er moet worden gewaakt tegen extreme verwarming van het kerkgebouw. De relatieve luchtvochtigheid mag niet dalen onder de 40%.
Op 9 december stuurt Reil een bedragen-overzicht van de identieke orgels in Dieren en Schoonebeek. Het orgel in Schoonebeek is iets duurder vanwege lofwerk een beeldjes.
In een niet gedateerde brief schrijft de HOC aan de kerkvoogdij van Schoonebeek dat Reil een uitstekend orgel heeft geleverd. De orgelmaker zal nog iets doen aan het geluid van de mechaniek en het rillen van het balgblad. (18)




Dispositie:
 
Manuaal I   Manuaal II   Pedaal  
Prestant 16' disc. Gedekt 8' Subbas 16'
Praestant 8' Fluit 4'     
Bourdon 8' Quint 2 2/3'    
Octaaf 4' Octaaf 2'    
Mixtuur III-V        
Cornet        




Foto links: nr. Pu 39305 1970 (17)Foto rechts: (03)



Nieuwsblad van het Noorden 21-11-1970, 26-11-1970

1971: Op 9 maart brengt de HOC het tweede deel van de advieskosten in rekening.

1979: Aan het einde van de garantieperiode van tien jaar ontstaat er een discussie omtrent enkele uitgangspunten van het instrument: De niet ingevoerde mechanieken en de windvoorziening. De kerkvoogdij schakelt Hans Kriek in als onafhankelijk deskundige. Hij brengt in 1979 een rapport uit. In het rapport concludeert hij dat de windvoorziening niet stabiel genoeg is (te nauwe windkanalen), de rammelende mechaniek en de windlade zijn niet bestand (kromtrekken) tegen het type verwarming in de kerk.
N.a.v. het rapport van Hans Kriek wordt ook de HOC gevraagd een rapport uit te brengen. Dit rapport is gedateerd op 11 december 1979.
Het rapport kwam tot stand na een gesprek van de HOC met Reil en het volgende wordt geconstateerd: De onrust in de windvoorziening wordt gezocht in een regulatieklep, de ontstemming wordt geweten aan grote temperatuurverschillen en het geruis wordt veroorzaakt door te ruime draaipunten. Voorgesteld wordt de windvoorziening opnieuw af te regelen. Voor het verbeteren van het geruis dient een compromis gevonden te worden om dit euvel te verhelpen. Van ontstemming was tijdens het bezoek van de commissie niets te merken. Ook de orgelmakers hebben dit niet geconstateerd. Ook kan de Werckmeister-stemming hierin een rol spelen.
Op 13 december brengt de HOC de kosten voor het voorlopig rapport in rekening. (18)

1980: Op 10 januari worden beide rapporten naar Reil gestuurd en om een reactie gevraagd. Op 15 februari volgt een herhaalde vraag.
Op 11 januari beschrijft de kerkvoogdij in een brief de gang van zaken rond het orgel voor de HOC. Bij het maken van het rapport heeft de HOC eerst de orgelmaker geraadpleegd. Dit lijkt de kerkvoogdij geen juiste gang van zaken. Het rapport is ook positiever dan de mondelinge toelichting die dhr. Hülsmann gaf. Bijgesloten is het rapport van Hans Kriek. kan de HOC een reactie geven?
Op 12 januari reageert Hans Kriek op de brief van de kerkvoogdij en de inhoud van het rapport van de HOC. Kriek vindt dat de HOC er meer is voor de orgelmakers dan voor de kerkvoogdijen. Kriek merkt het volgende op over het rapport van de HOC:
- Het is onjuist dat er door de HOC contact is geweest met orgelmaker reil
- De clementie met het klapperen van de mechaniek is onaanvaardbaar. Hülsmann had in zijn eindrapport ook als kritiek daarop, evenals op de windvoorziening
- De theorie dat een oningevoerde mechaniek minder kans op storingen geeft is nooit aangetoond
- Dat de vorm van de kap zou bijdragen aan de ontstemming is onzin omdat al het pijpwerk op één windlade staat opgesteld.
Op 25 maart legt de kerkvoogdij de gang van zaken voor aan de Kerkvoogdijkamer van de Nederlands Hervormde Kerk in Drenthe.
Op 16 april stuurt de Kerkvoogdijkamer van de Nederlands Hervormde Kerk in Drenthe de brief van de kerkvoogdij door en vraagt de HOC om hier verder te bemiddelen.
Op 20 mei doet de kerkvoogdij het voorstel om een arbitragecommissie te benoemen om de verschillen van mening op te lossen. De arbitagecommissie bleek na veel onderlinge communicatie niet nodig te zijn.
Op 25 juni schrijft de HOC naar de kerkvoogdij. Tijdens het bezoek aan het orgel werden drie storende zaken geconstateerd:
-Onrust in de windvoorziening
-gerammel in de mechaniek
-ontstemd pijpwerk
Er is toen contact met de orgelmaker opgenomen om hem hierop te wijzen. Het rapport is niet gemaakt in overleg met de orgelmaker. Het geheel vervangen van de toetsmechaniek is niet nodig.
Het voorstel is om een overleg te plannen met dhr. Bolt, de orgelmaker, de kerkvoogdij en de HOC om de maatregelen te bespreken om de geconstateerde problemen op te lossen.
Op 6 augustus vindt er in Schoonebeek een bespreking plaats tussen alle betrokkenen: V.D. Haar (kerkvoofdij), Datema (organist), Hülsmann, Kriek, Luteijn (HOC) en orgelmaker Reil. Klaas Bolt is wegens vakantie afwezig.
De hele geschiedenis en omstandigheden in de kerk worden doorgenomen. Een van de conclusies is dat de plaatsing van het orgel zo hoog, direct onder het dak, verre van ideaal is. Na het vervangen van de heteluchtverwarming door radiatoren zijn de problemen qua stemming nog niet opgelost. Aan het einde zegt Reil toe dat hij op basis van kostprijs een offerte zal maken voor het rammelvrij maken van het orgel. Ook de andere punten zullen door hem worden geanalyseerd.
Op 21 augustus schrijft Reil dat het beloofde rapport wegens drukke werkzaamheden vertraagd is.
Op 10 oktober beschrijft Reil zijn standpunt. Hij is erg ongelukkig met de ontstane situatie. Voordat hij tot uitvoering van werkzaamheden overgaat wil hij weten wie de eindkeuring gaat verrichten. Het is vreemd dat er aan het einde van de garantieperiode klachten worden gemeld, die al veel eerder hadden kunnen worden gemeld. Hij blijft het jammer vinden dat het orgel niet wordt verplaatst naar de begane grond, waardoor de meeste problemen verholpen zouden zijn. Verplaatsing vergt een bedrag van f 26.000,-. Hij is bereid gratis de volgende werkzaamheden uit te voeren:
-Nazien windvoorziening en verstevigen balgblad
-Vervangen enkele kromgetrokken toetsen
-Vastzetten roosters en pijpen, waar nodig, beter inpassen
De huidige koppelmechaniek kan worden vervangen, maar dat zal een bedrag vergen van f 17.000,-.
Op 13 oktober schrijft de HOC dat er al een paar maal contact is geweest met Reil over het te maken rapport. Door drukke werkzaamheden is dit nog niet gelukt.
Op 4 november schrijft de kerkvoogdij aan Reil in verband met het verstrijken van de garantietermijn. In de brief worden de problemen met het orgel nog een keer verwoord. Vervanging van toetsmechaniek en klaviatuur is noodzakelijk
Op 5 november schrijft de HOC dat de offerte van Reil inmiddels telefonisch is besproken door Reil en Hülsmann. Met Klaas Bolt is nog geen overleg. Reil zal hem binnenkort ontmoeten. Een verslag van het gesprek tussen Reil en Hülsmann is bijgesloten. In het gesprek kwam aan de orde dat de kosten voor het vervangen van de koppelingen wel erg hoog zijn. Het zou neerkomen op 400 manuaren. Reil ziet het bedrag als een maximum.
Op 7 november verwoordt Klaas Bolt zijn visie. De destijds door de HOC aanbevolen verbeteringen zijn niet uitgevoerd van de grote tevredenheid over het bereikte klankresultaat. Er was geen eenstemmigheid over het gerammel van de mechaniek. Het gerammel is alleen hinderlijk indien alleen de Prestant 8' van het onderklavier wordt gebruikt. Kunnen de kosten voor het verbeteren van de kloppelingen niet worden uitgevoerd tegen de kostprijs van 1970? Ook omdat Reil bereid was het orgel weer in te nemen tegen de kostprijs van 1970. Reil is bereid enkele verbeteringen gratis uit te voeren zoals de 'golvende' windvoorziening, de slecht werkende tremulant en enkele gebrekkig aansprekende pijpen in de Subbas en prestant-registers. Ook in de intonatie zijn enkele verbeteringen mogelijk.
Op 1 december schrijft Reil aan de kerkvoogdij dat alles alleen via de HOC wordt afgehandeld.
Op 9 december schrijft de HOC aan Reil dat ze nog wachten op een reactie op het laatste telefoongesprek met Hülsmann. De prijs voor het wijzigingen van de koppelingen achten ze te hoog. Het zou redelijk zijn het voorstel van Klaas Bolt over te nemen om te calculeren volgens de prijzen van 1970.
Op 24 november vraagt de kerkvoogdij aan de HOC of ze een verslag kunnen sturen van de vergadering van 6 augustus voor het archief van de kerk. (18)

1981: Op 31 januari schrijft Klaas Bolt aan de kerkvoogdij over het herstel van het orgel op grond van een bespreking op 13 januari tussen kerkvoogdij, Kuipers en Hülsmann van de HOC, orgelmaker Reil en ondergetekende. Eerst worden maatregelen genomen om de luchtvochtigheid op een aanvaarbaar niveau te houden door het aanbrengen van een ventilator boven het orgel in de nok van het dak. De temperatuur en luchtvochtigheid zullen voortdurend worden bijgehouden. Het gerammel in de mechaniek kan worden gereduceerd door het invoeren van de koppelmechaniek. De kosten daarvan zijn f 6.000,-. Bij de bouw zou dit f 3.000,- hebben gekost. De kosten worden verdeeld. De extra kosten van f 3.000,- worden gelijkelijk betaald door orgelmaker, adviseur en kerkvoogdij.
Op 24 februari schrijft de kerkvoogdij dat ze akkoord gaan met het voorstel van Bolt van 31 januari. Moet de ventilator voor, boven of achter worden aangebracht?
Op 31 maart schrijft Klaas Bolt aan de kerkvoogdij dat de proefperiode met een ventilator een vorstperiode moet bevatten. De meest gunstige plek voor de ventilator is vlak voor het orgel. (18)

1982: In het voorjaar van 1982 worden alle geconstateerde problemen verholpen en de kosten onderling gedeeld.
Op 24 mei schrijft Klaas Bolt over het bezoek dat hij samen met dhr. Van Beek van de HOC aan het orgel heeft gebracht.
Hij constateert dat de werkzaamheden op een kwalitatief goede manier en royaal zijn uitgevoerd:
- De koppelmechaniek is ingevoerd
- De toetsmechaniek is verbeterd door de achterkant van de klavieren op te hangen aan de windlade.
- Het windkanaal naar het orgel is ruimer gemaakt.
- De voeten van de metalen 16-voetspijpen zijn vervangen.
- Het orgel staat enigszins scheef doordat het podium door de droogte is gekrompen. Hierover dient deskundig advies te worden ingewonnen.
Op 16 juli schrijft de HOC dat de adviseurs Aart van beek en Klaas Bolt hebben vastgesteld dat het orgel na de herstellingen door Reil weer in goede orde is. Er was enige ontstemming in de hogere regionen van de Cornet, maar dat kan bij een volgende stembeurt worden opgelost. Door het uitnemen van een achterpand en het aanbrengen van een uitbouw kan daar een koudverdamper worden aangebracht.
Op 7 december schrijft de HOC aan de kerkvoogdij dat is gekozen voor het sturen van een rekening op basis van 1% in plaats van de bestede 24 uren. Dit pakt voor de kerkvoogdij goedkoper uit. (18)

1983: In een brief van 24 januari heeft de kerkvoogdij nog een aantal vragen. De kerkvoogdij bedankt Reil voor de wijze waarop de problemen van 1980-1982 zijn opgelost.
 -Moeten stembeurten worden aangevraagd of worden deze door Reil gepland?
 -In de kap is houtworm geconstateerd en dit wordt bestreden. Moeten er voor het orgel aparte maatregelen worden genomen?
 -Advies voor het aanschaffen van een luchtbevochtiger
Op 28 februari worden de vragen van de kerkvoogdij door Reil beantwoord.

1992: Bij een bezoek van Reil op 16 oktober wordt geconstateerd dat de balg lekkages vertoont door de jarenlange schommelingen in temperatuur en vochtigheid. Ook zullen de grootste pijpen moeten worden opgehangen, om doorzakken te voorkomen.
Onbekend is of deze werkzaamheden ook werkelijk zijn uitgevoerd. Zeer vermoedelijk wel gezien een brief van 12 november.

1999: Naar aanleiding van een gesprek met organist Datema en een bezoek aan de kerk op 2 november schrijft Reil een voorstel voor groot onderhoud op 4 november.
In dit plan worden de volgende werkzaamheden voorgesteld:
 - Algehele schoonmaak. Ook de windladen worden in- en uitwendig gereinigd.
 - De mechaniek wordt compleet nagelopen. Het vilt van de klaviatuur wordt vervangen
 - Het windverlies van de stokken zal worden verholpen.
 - De laagste metalen subbaspijpen zijn zwak qua geluid. Beter zou zijn deze te vervangen door houten pijpen.

2000: Op 5 september 2000 wordt een geactualiseerde offerte gestuurd.

2001: Op 3 januari bevestigt Reil de opdracht tot het uitvoeren van groot onderhoud. Dit wordt uitgevoerd in mei 2001. Zie brief Reil van 15 mei 2001. In deze brief wordt ook een gesprek aangehaald met organist Datema over vervanging van de laagste subbaspijpen.
Op 13 september volgt de opdracht om ook de laagste metalen subbaspijpen te vervangen door houten pijpen.
Op 20 september 2001 bevestigt Reil de opdracht voor de subbaspijpen.

2002: De nieuwe subbaspijpen worden geïnstalleerd.

2018: Na de fusie met de Gereformeerde Kerk wordt de kerk verbouwd en opnieuw ingericht.

Foto Joke Bartelds op Facebook d.d. 11-10-2021


Bronvermelding:
  1. Beeldbank Drents Archief
  2. www:http://reliwiki.nl/index.php/Schoonebeek,_Hoofdweg_115_-_Hervormde_Kerk_(1800_-_1947) (oude kerk) (17-02-2025)
  3. www:http://reliwiki.nl/index.php/Schoonebeek,_Europaweg_116_-_Hervormde_Kerk (nieuwe kerk) (17-02-2025)
  4. Tijdschrift: Het orgel 1969/12 Orgelbouwnieuw
  5. www: Orgeldatabase Piet Bron
  6. Boek: A.J. van der Aa, aardrijkskundig woordenboek der Nederlanden Tiende deel blz. 251
  7. Utrecht Universiteitsbibliotheek Archief Lambert Erné 7664-Schoonebeek-HK Dossier 2429
  8. Drents Archief 0407 Nederlands Hervormde Gemeente Schoonebeek 298 Stukken betreffende de aankoop en ingebruikname van een nieuw orgel in de Hervormde kerk te Oud-Schoonebeek; 1969, 1970
  9. Drents Archief 0407 Nederlands Hervormde Gemeente Schoonebeek 292 Stukken betreffende de restauratie van het orgel in de Hervormde kerk te Oud-Schoonebeek; 1948, 1954, 1957
  10. Drents Archief 0407 Nederlands Hervormde Gemeente Schoonebeek 358-360 Registers van rekening-courant; 1821-1930 360 1839-1930
  11. Drents Archief 0407 Nederlands Hervormde Gemeente Schoonebeek 355 Staten van rekening en verantwoording van ontvangsten en uitgaven over de jaren 1857-1971
  12. Drents Archief 0407 Nederlands Hervormde Gemeente Schoonebeek 363 Kasboekjes van ontvangsten en uitgaven; z.jr. (c. 1825)-1937
  13. Drents Archief 0407 Nederlands Hervormde Gemeente Schoonebeek Notulen van de vergaderingen van: 177 kerkvoogden, 1852-1879, en kerkvoogden en notabelen, 1852-1879
  14. Boek: S.R. IJbema/J. van der Haar, Een stuk geschiedenis Hervormde Kerk van Schoonbeek 1927-1977, Schoonebeek: Kerkenraad Hervormde Kerk Schoonebeek, 1977
  15. Drents Archief 0446 Provinciaal College van Toezicht Hervormde Gemeenten 66 1864 1e halfjaar
  16. Drents Archief: 0446 Provinciaal College van Toezicht Hervormde Gemeenten 76 1872
  17. www: htp://www.kerkeninbeeld.nl (18-02-2025)
  18. Utrecht, Het Utrechts Archief, 1445 Orgelcommissie, 1161. Schoonebeek, 1957-1982