Vledder Hervormde kerk

Informatie over de kerk

Discografie


Artikel uit Provinciale Drentsche en Asser courant 02-04-1951 over geschiedenis kerk
Klik op de afbeelding voor een vergroting
In dit artikel wordt beweerd dat er rond 1820 een klein orgel werd geplaatst. Waarschijnlijk van horen zeggen.

1914: De kerk krijgt voor het eerst een orgel. De bouwer is H. van der Molen uit Steenwijk. Het instrument kostte f 415,- Ingebruikname op 5 juli 1914, waar ds. Hugenholtz een leerrede hield over psalm 103:1.


Foto hierboven verkregen via Victor Timmer. Deze is afkomstig van nazaten van H.J. van der Molen (Deze orgelkas staat nu bij Sicco Steendam te koop). De afbeelding toont de situatie voor de ombouw door Reil, dus nog met onderkas en klavier aan de voorzijde. De personen zijn stemmer Teke van der Molen (zoon van H.J. van der Molen) en een leerlinge (voor het vasthouden van de toetsen). (01)


1931: Van de Nieuwe Oosterkerk aan de Goudseweg (niet meer bestaand) te Rotterdam wordt voor f 1950,- een orgel aangekocht. Het orgel is gebouwd door J.J. van den Bijlaard in 1905. De orgelmaker neemt het binnenwerk van het oude orgel in voor f 500,-. Voor de geschiedenis van het instument in Rotterdam zie bijlage.


Foto http://www.kerkeninbeeld.nl


Meppeler Courant 1931-06-12, 1931-07-24 en 1931-07-31


Opregte Steenwijker courant 01-08-1931          Opregte Steenwijker courant 26-09-1931 Het oude orgel uit 1904 wordt verkocht.

193x: Johan van Meurs noteert de gegevens van het orgel in zijn dispositiecahier

Klik op de afbeelding voor een vergroting
Uit het boek van Jaap Brouwer: Johan van Meurs - Een studie over een pionierend orgeladviseur

1953: orgeladvies van de Orgelbouw Commissie van de Hervomde kerk

Bijlagen van de Handelingen der Generale Synode der Nederlandsche Hervormde Kerk ten jare 1956

Op 23 okober schrijft de Orgelcommissie van de Hervormde kerk dat ze door de Mr. ter Linden op de hoogte zijn gesteld van een brief die de commissie nooit heeft bereikt. De commissie Zal Lambert Erné sturen om de situatie ter plekke te onderzoeken.
Op 28 oktober stuurt de restauratiearchitect dhr. Boelens een brief met een schets naar Erné met 2 mogelijkheden waar het orgel na de restauratie kan worden geplaatst. (13)


Ook wordt een foto van het orgel bijgesloten.


Op 3 december stuurt de commissie het advies naar Vledder. Het orgel staat nu in het koor van de kerk. DE afmetingen van het orgel zijn bepalend voor de verplaatsing. De maten zijn diep:180 cm, breed: 330 cm en hoog 570 cm. De commissie vindt dat het orgel te groot is om bven de ingang van de kerk te plaatsen en adviseert om het orgel te verkopen en een nieuw orgel te laten bouwen.
De commissie antwoordt 18 december op een niet bekende brief vanuit Vledder. De commissie blijft bij haar advies om het orgel te verkopen en een nieuw of tweedehands orgel aan te schaffen. De commissie wil bemiddelen bij de verkoop en gaat uitzien naar een tweedehands orgel. Op 26 december antwoord van de kerkvoogdij van Vledder. Men wil het orgel verkopen en vraagt de commissie uit te kijken naar een geschikt tweedehands orgel. De restauratie duurt nog ca. een half jaar, maar vanwege de bouw van een orgelbalkon heeft men toch wel enige haast. (13)

1954: In februari schrijft de orgelcommissie aan Lambert Erné dat Vledder graag de stand van zaken wil weten. Op 9 februari schrijft de orgelcommissie aan Vledder dat men bezig is inlichtingen in te winnen voor een geschikt tweedehands historisch orgel. De commissie wil een advertentie in Trouw plaats voor de verkoop van het bestaande orgel. De kerkvoogdij van Vledder gaat op 10 februari akkoord met dit voorstel. Op 11 april meldt ds. Speelman dat ze nog steeds niets gehoord hebben. Hij wil weten afbreken of ombouwen.
Blijkbaar heeft de kerkvoogdij ook advies ingewonnen bij Mense Ruiter. Op 28 april schrijft Mense Ruiter aan ds. Speelman. Hij is ook van mening dat het orgel verkocht moet worden omdat het te hoog is voor plaatsing op het orgelbalkon. Hij stelt een orgel voor met een hoogte van 3,60 meter met 8 stemmen voor de prijs van f 8.000,- Hij heeft het ook nog over een restauratie, maar onduidelijk is of dit over het bestaande orgel van Vledder gaat of over het aangeboden orgel. (13)

Blijkbaar duurt het de kerkvoogdij van Vledder allemaal te lang.
J. Reil verplaatst het orgel naar een ballustrade tegen de torenwand en brengt een aantal wijzigingen aan.


Foto http://www.kerkeninbeeld.nl

De dispositie is na deze werkzaamheden als volgt:
Manuaal C-f'''  
Bourdon 16'  
Prestant 8'  
Holpijp 8'  
Gamba 8'  
Octaaf 4'  
Fluit 4'  
Superoctaaf 2'  
Cornet I-II-III Doorlopend
Samenstelling: C: 2, c: 2 2/3 2, c': 2 2/3 2 1 3/5
Trompet 8'  
Pedaal C-d'  
Gedekte Subbas 16' Transmissie van de Bourdon van het Hoofdwerk


Foto Beeldbank Drents Archief


Provinciale Drentsche en Asser courant 11-12-1954
Klik op de afbeelding voor een vergroting

1966: De Orgelbouwadviescommissie van de Hervormde kerk brengt een voorlopig advies uit. Het advies is gedateerd op 15 maart 1966. De staat wordt beoordeeld als deplorabel. Er wordt verwezen aan een rapport van dezelfde commissie van 4 december 1953 met een soortgelijke conclusie. Hierna volgen enkele bladen met handgeschreven aantekeningen. Niet geheel duidelijk is wie deze heeft geschreven. (Blz. 01, 02 en 01) Ze maken echter deel uit als bijlage van het rapport van Stef Tuinstra en zitten direct achter het advies van 1966 en horen er vermoedelijk bij.(12)

1976: Het binnenwerk van het Van den Bijlaardt orgel wordt afgebroken door amateurs, waarbij veel origineel materiaal verloren gaat. De metalen pijpen worden opgeslagen op de zolder van de pastorie. De meeste houten onderdelen van het orgel zijn verbrand wegens houtworm. Na verkoop van de pastorie werd het resterende pijpwerk overgebracht naar naar de zolder van het oude politiebureau naast de kerk.


Foto herkomst onbekend



1976-1984: In deze periode wordt een electronisch orgel gebruikt. (03)

1984: Via bemiddeling van Tjeerd van der Ploeg wordt een Standaart-orgel aangekocht dat afkomstig is uit de Gereformeerde kerk in het Friese Schraard. Deze kerk werd gesloten (1 juli 1972 (04)) en het orgel moest worden verkocht. Het Standaart-orgel werd ca. 1975/76 gekocht door de vader van Tjeerd van der Ploeg. Het stond tot 1983 in het huis van vader van der Ploeg. Toen zij verhuisden werd het orgel verkocht aan de Hervormde Kerk te Vledder.
Dit binnenwerk wordt geplaatst in de van den Bijlaart orgelkas.
Dispositie uit de herinnering van Tjeerd van der Ploeg:
Bourdon 16' discant
Prestant 8' vanaf klein f
Roerfluit 8'
Gamba 8 (onderste octaaf gecombineerd met Roerfluit)
Octaaf 4'
Nasard 3' vanaf klein f
Woudfluit 2'
Mixtuur 4 st

Manuaal C - f3
Pedaal aangehangen C- d (03)

1994: Reparatie door Reil


1995: In juli 1995 schrijft Stef Tuinstra een rapport over de orgelsituatie. (Blz. 01, 02, 03, 04, 05, 06, 07, 08, 09, 10, 11 en 12). In het rapport wordt het voormalige van den Bijlaart orgel en het huidige Stanbdaart-orgel in de kas van va den Bijlaart beschreven. Beide instrumenten bieden weinig mogelijkheden tot hergebruik vanwege kwaliteit (Standaart) en slechte staat en incompleetjeird (van den Bijlaart).
De volgende opties worden besproeken:
 - Aanschaf van een electronisch orgel
 - Aanschaf van een positief
 - Restauratie van het Standaart-orgel in de van den Bijlaart kas
 - Plaatsing van een tweedehands-orgel in de kas van van den Bijlaart\
 - Reconstructie van het van den Bijlaart-orgel
 - Nieuwbouw
 - Aanschaf van een historisch instrument
Op 10 oktober 1995 schrijft Reil, na een bezoek aan het orgel op 5 oktober, dat het orgel weer bespeelbaar gemaakt kan worden, maar dat alleen zin heeft bij goed onderhoud en geen definitieve oplossing biedt. Voorgesteld wordt de Speling in de klaviatuur te verbeteren en de baskant van de Prestant 8' uit het front weer sprekend te maken. Op 15 december volgt er een prijsopgave van het aansluiten van de frontpijpen van de Prestant 8' en een mogelijk tremulant. Handmatig wordt nog toegevoegd het bijregelen van de klaviatuur. Dit laatste wordt vermoedelijk uitgevoerd op 22 december. (12)

199?: Het orgel is onbespeelbaar geworden. Er wordt uitgeweken naar een elektronisch orgel.

1997: Op 28 juli schrijft de Orgelcommissie van Vedder een brief aan Reil om uit te zien naar een mogelijk te plaatsen historisch orgel. Op 9 september (blz. 01, 02) biedt Reil de mogelijkheid om het van Rossum-orgel van 1864 uit Abcoude te plaatsen. Het orgel met Hoofdwerk en Nevenwerk kan na restauratie geplaatst worden. De kas moet worden gereconstrueerd. Op 4 november volgt er een offerte (blz. 0102, 03, 04 en 05) met 2 mogelijkheden: plaatsing van het historisch van Rossum-orgel en nieuwbouw van een nieuw 2 klaviers instrument. Beide voorstellen werden niet uitgevoerd vanwege het beperkte budget van de Orgelcommissie. Zie brief van de Orgelcommissie d.d. 5 januari 1998 (12)

1999: Nieuw orgel door BAG-orgelmakers uit Enschede. Adviseur is Stef Tuinstra namens de Hervormde orgel Commissie. De ingebruikname was op 19 maart 1999. BAG neemt de oude kas in en slaat hem op.


Foto Geert Jan Pottjewijd

Dispositie:
Manuaal   Pedaal  
Bourdon 16' Bourdon 16' (transm.)
Prestant (vanaf c, dubbelkorig) 8'    
Roerfluit 8'    
Octaaf 4'    
Fluit 4'    
Nasard 3'    
Octaaf 2'    
Woudfluit 2'    
Cornet IV disc.    
Mixtuur III-V b/d    
Trompet 8'    
Tremulant      


Reformatorisch Dagblad, 12 maart 1999, p. 21.


2001: Bespreking CD Giijs van Schoonhoven

Reformatorisch Dagblad, 3 december 2001, p. 15.


De Waarheidsvriend, 20 december 2001, pp. 20 - 23.



Muziek en Liturgie 2002-06/07


2012: De kas van het van het oude van den Bijlaart orgel (opgeslagen bij BAG) is hergebruikt bij de bouw van een orgel in de Hersteld Hervormde Gemeente van het Utrechtse Elst. Het orgel wordt gemaakt door Gijs de Kruif uit Amerongen met hulp van vrijwilligers en met gebruikmaking van materiaal van diverse herkomst. (02)
Zie ook een bericht d.d. 14 november 2012 door RTV Drenthe: http://www.rtvdrenthe.nl/nieuws/68788/Onderdeel-kerkorgel-Vledder-verhuist-naar-Elst


Reformatorisch Dagblad, 13 november 2012, p. 2

2015: De zware speelaard van het orgel wordt door Flentrop verbeterd. Adviseur is Theo Jellema.


Meppeler Courant 2015-03-11 Klik op de afbeelding voor een vergroting

Bronvermelding:

  1. E-Mail d.d. 11-3-2010 van Victor Timmer
  2. http://www.orgelnieuws.n d.d 20-11-2012. Victor Timmer maakte mij er op attent.
  3. E-Mail van Tjeerd van der Ploeg d.d. 26-10-2013
  4. Zie: http://www.andrebuwalda.nl/gereformeerde_kerk_te_schraard.htm (geraadpleegd op 26 oktober 2013)
  5. Het Orgel 1905/09 door H.E. Krijgsman
  6. Het Orgel 1914
  7. Gereformeerde kerkbode van Rotterdam 09-05-1931
  8. De Rotterdammer 23-01-1932
  9. Daar kerkte Rotterdam: kerken, die in Rotterdam verwoest werden, en hun interieur, Leiden: Stichting Orgelcentrum, 1965 door Jan van Bommel Jzn
  10. Vledder, Hervormde kerk blz. 115-116
  11. Correspondentie met Pieter van Herwaarden, Peter Dillingh en Roelof Kok, BAG orgelmakers en W.D. van der Kleij
  12. Archief Reil
  13. Archief Lambert Erné - Universiteit Utrecht
 

Van den Bijlaardt-materiaal: Het oude front is door BAG ingenomen en zal te zijner tijd weer worden hergebruikt. Van het binnenwerk van het van den Bijlaardt-orgel is zo goed als niets bewaard gebleven. Het nog bewaarde pijpwerk is grotendeels van een inferieure kwaliteit en kan tot nu toe niet aan van den Bijlaardt worden toegeschreven. Het pijpwerk werd onderzocht door Stef Tuinstra. De trompet zou van Franse makelij kunnen zijn en is verkocht aan Mense Ruiter orgelmakers.
Standaart-materiaal: Het Standaart-materiaal was van zeer slechte kwaliteit en is bij de bouw van het nieuwe orgel vernietigd.

Bijlage:
Nadat het instrument was geplaatst, werd het op donderdag 24 augustus 1905 in gebruik genomen, waarbij het door drie organisten werd bespeeld. In het september-nummer van "Het Orgel" uit 1905 schreef de organist H. E. Krijgsman over dit orgel o.a. het volgende: "Zeker mag een woord van lof niet ontbreken voor den bekwamen orgelmaker, die dit prachtige instrument heeft geleverd". Het orgel is gebouwd in een ruime kast en stond op een apart balkon boven de orgelgalerij. Het front bestond uit een kleine middentoren en twee grote zijtorens met twee rechte tussenvelden. Hierin stonden 31 pijpen, waarvan 24 sprekende pijpen van de Prestant 8 voet. De torens en de tussenvelden waren bovenaan door zware geprofileerde lijsten afgesloten. Onder de torens waren halfronde consoles aangebracht. De middentoren was bekroond door een trompetspelende engel op een aardbol, terwijl aan weerszijden muziekinstrumenten, zoals psalters en fluiten, ter versiering waren aangebracht. Het orgel was gebouwd volgens een mechanisch-pneumatisch kleppensysteem.

Dispositie:
Manuaal C-f'''  
Bourdon 16'  
Prestant 8'  
Holpijp 8'  
Gamba 8' vanaf e, het groot octaaf is gecombineerd met de Holpijp
Voix celeste 8' vanaf fis
Octaaf 4'  
Fluit 4'  
Cornet I-II-III Doorlopend
Trompet 8'  
Pedaal C-d'  
Gedekte Subbas 16' Transmissie van de Bourdon van het Hoofdwerk

Nevenregisters in de vorm van 3 treden boven het pedaal
Koppel Pedaal - Hoofdwerk
Mezzoforte-trede (combinatie van de Bourdon, Prestant, Holpijp en Gamba)
Fortissimo-trede (combinatie van alle registers behalve de trompet)