Zuidlaren, Gereformeerde kerk
In 1905 bouwt Jan
Proper een orgel voor de in 1900 gebouwde kerk. Bij de bouw van de nieuwe kerk
in 1937 verplaatst De Koff het orgel naar het nieuwe kerkgebouw waarbij een
nieuwe orgelkas en front worden gemaakt. Rond 1950 ontstaan plannen voor een
geheel nieuw orgel. Organist Sybe Welmers speelt hierbij een belangrijke rol. Na
advisering door de Gereformeerde Organisten Vereniging met als adviseurs Johan
M. Vetter en A. van der Zee krijgt Johann Reil eind 1950 de opdracht voor de
bouw van een nieuw mechanisch orgel. Het instrument met Hoofdwerk, Rugpositief
en Pedaal wordt in oktober 1951 opgeleverd. Na veel technische problemen volgt
in 1969-1972 een restauratie door Mense Ruiter. Speeltafel, tractuur,
registratuur en delen van de windvoorziening worden vernieuwd en de dispositie
uitgebreid met een Bazuin 16’ en een tremulant. Na advies van de GOV in 1997
wordt in 1998 een restauratie en herintonatie uitgevoerd door Sicco Steendam. In
2011 plaatst Steendam een andere Trompet 8’.
1898
Op 20
februari wordt de Gereformeerde kerk gesticht, waarna in 1900 het eerste
kerkgebouw wordt gebouwd. (13)
1904
Er wordt besloten
een pijporgel aan te schaffen. In de notulen van de kerkenraad van 4 augustus
valt het volgende te lezen: 'Door den kerkeraad van Anjum wordt per
advertentie een gebruikt kerkorgel (harmonium) aangeboden. Hierover is
door Ds. Drenth met genoemden kerkeraad gecorrespondeerd, waardoor bleek dat voor
dit orgel f 400,- bedongen werd. Besloten werd om eerst Anjum te schrijven om
eerst de vraagprijs lager te stellen.'
En verderop in deze notulen: 'Aangaande
een kerkorgel wordt besloten dat de praeses een onderzoek zal instellen bij een
leverancier te Woerden (GJP: Vermeulen) die een orgel voor f 1000,- heeft
aangeboden. Uit een gevoerd gesprek tusschen Ds. Drenth en den hypotheekhouder
der kerk bleek deze niet ongeneigd te zijn het geld voor het orgel benoodigd op
obligatieen te willen geven.'
Uiteindelijk wordt op 10 november 1904 besloten
om een orgel te laten bouwen door Jan Proper uit Kampen. (02)
1905
Het orgel
wordt op 7 juli 1905 in gebruik genomen, met als organist Jan Proper. (02)
Ter gelegenheid van het
50-jarig bestaan van de kerk in 1948 wordt een boekje uitgegeven waarin Ds. Drenth enige aandacht besteedt aan dit instrument:
'7 Juli 1905 werd
een pijporgel in gebruik genomen, dit instrument doet nog dienst, in zijn geheel
verborgen achter een nieuw, niet sprekend front. De eerste organist was br. T.
Sterenberg, Hoofd der chr. school, in Jan. 1917 werd hij opgevolgd door br. W.
Hamstra. Orgeltrappers waren eerst Jakob
en Berend Veenkamp, later Jan en Jakob Wieringa'. (06)
In een offerte
van H. Spanjaard te Amsterdam van juli 1950 wordt de mogelijkheid tot inruil van het oude
orgel besproken. De inruilwaarde blijkt f 2700,- te zijn, zonder de Trompet
8’. In het document wordt het instrument beschreven als een orgel van de firma
Proper en van der Wal uit Kampen, bestaande uit Hoofdwerk, Bovenwerk en
Pedaal met de volgende dispositie:
Hoofdwerk: Prestant 8’, Bourdon 8’,
Vlakfluit 4’, Quint 2 2/3’, Nachthoorn 2’, Cornet 5 sterk discant
Bovenwerk:
Holquintadena 8’, Salicionaal 8’, Baarpijp 8’, Prestant 4’, Gedekt fluit 4’,
Octaaf 2’, Mixtuur 4 sterk 1’
Pedaal: Subbas 16’, Oktaafbas 8’
Koppels:
Manuaalkoppel, Ped I, Ped II en een Tremulant (02)
(GJP: dit lijkt
een voor Proper eigenaardige dispositie. In de offerte van Spanjaard van 17 juli
komen deze gegevens niet voor. In de notulen van
9 september 1937 wordt gezegd dat: 'Het orgel is door vroegere
ombouw een mechanisch-pneumatisch instrument'. Mogelijk is dit het gevolg van de
verbouwing in 1926)
1924
De kerk wordt verlengd tot 24 meter. (06)
Organist Sybe
Welmers slaagt voor het getuigschrift van de Nederlandse Organisten Vereniging
(NOV). Zie Provinciale
Drentsche en Asser courant (17-07-1924).
1926
Er worden verbeteringen aan het orgel uitgevoerd. (06)
1937
Er wordt een nieuwe kerk gebouwd.
Orgelmaker De Koff uit
Utrecht onderzoekt samen met organist Sybe Welmers of het orgel naar de nieuwe
kerk kan worden overgeplaatst.
In de notulen van
9 september 1937 staat: 'De uitslag was bevreedigend. Het orgel is door vroegere
ombouw een mechanisch-pneumatisch instrument hetwelk door uitbreiding in staat
zal zijn de gemeente in het nieuwe kerkgebouw te begeleiden. De firma stelde
voor, wegens gebrek aan een vol overwegend instrument, de Salicionaal uit het
orgel te verwijderen, daarvoor in te bouwen een Trompet hetwelk een groote
verbetering zal zijn, mocht later een nieuw orgel genomen worden dan zouden de
instrumenten weer verwisseld kunnen worden en de nieuwe Trompet in het te
plaatsen orgel gebruikt kunnen worden. De prijsopgave was als ’t volgt: Het
orgel demonteren, vervolgens nazien en overplaatsen naar het nieuwe kerkgebouw,
nieuw te leveren Trompet, geheel nieuw front naar ontwerp van de architect, hetwelk
in zijn geheel kan gebruikt worden bij een nieuw orgel en een complete nieuwe
kast daarvoor voor de prijs van f 1.130,-. De broeders gaan hiermede accoord.'
De werkzaamheden worden door De Koff uitgevoerd. De orgelkas is nieuw met een
16-voets front. Zie
Het Orgel (1937 september).
De
kerkenraad is later onaangenaam verrast als organist Welmers vijf gulden vraagt
voor zijn medewerking.
Ds. Drenth merkt bij het 50-jarige bestaan van de kerk op:
'October
1937 werd dit algemeen geroemde gebouw in gebruik genomen. Een geheel nieuwe
inventaris diende het inwendige, alleen het orgel was, op één register na, het
oude. Later is er nog een pracht mogelijkheid geweest om bij het nieuwe front
voor een zeer matige prijs een passende achterbouw te krijgen, maar door gebrek aan
medewerking van de gemeente is dit mislukt. Zeer jammer, want nu is het moeilijk
en zeer kostbaar.' (06)
Op 6 maart 1937 doet Reil een
voorstel aan de kerkenraad om het orgel over te plaatsen en eventueel uit te
breiden voor f 1588,-.
Ook stuurt Reil op
dezelfde datum een brief aan
organist Hamstra met zijn plannen voor het orgel en vraagt om de steun van
Hamstra.
Op 9 april 1937
informeert Reil hoe het staat met zijn offerte voor de verbouw van het orgel. (07)
1940
Met enige regelmaat wordt
het bespelen van dit orgel besproken in de kerkenraad.
4 april: 'Gezien de
klachten over de bespeling van het kerkorgel gaan broeder Drenth en Speelman het
orgel bespelen. Om de gevoelens van de huidige organist te sparen zal hij
gevraagd worden de morgendiensten te doen, maar niet meer de avonddiensten.'
1 oktober: 'Om het bespelen van het orgel op een hoger peil te brengen zal
broeder Pottjewijd in de middagdiensten helpen.' (08)
1942
26 maart: Er is een prijsopgave ontvangen van een
bij de firma Standaart te verkrijgen kerkorgel voor f 3.700,-.
12 oktober: Van de firma Dekker te Goes kan men een
orgel zonder front betrekken voor f 3.600,-. Dat orgel staat nu in de toonzaal van
de firma en men wil ervan af. Voor het oude orgel wil men f 450,- betalen.
Installatie van het orgel gaat f 1.350,- kosten.
14 oktober: Er wordt
geen overeenstemming bereikt over de verbouw van het huidige orgel of de koop van een nieuw orgel.
(08)
1948:
Organist Sybe Welmer viert zijn 25-jarig jubileum. Zie Het Orgel (1948
augustus).
1950:
In juli bieden de orgelmakers
Spanjaard en
Spiering hun diensten aan.
Op 8 augustus beantwoordt Reil een
brief van 7 augustus van organist
Welmers. Reil maakt inderdaad mechanische orgels. De prijs per stem ligt tussen
de
f 1100 en f 1300.
Op 18 augustus
wordt aan de Orgeladviescommissie van de Gereformeerde Organisten Vereniging
(GOV) gevraagd of ze advies willen geven bij de vernieuwing van het orgel.
Op 28
augustus schrijft Welmers dat hij enkele orgels van Reil zal gaan bezoeken
en bespelen.
Op 29 augustus
schrijft
Reil dat Welmers beslist het orgel in Ferwerd (weliswaar elektrisch/mechanisch)
moet bezoeken. Ook wordt Welmers uitgenodigd de werkplaats te bezoeken, waar een
mechanisch orgel in aanbouw is.
Op 28 september brengen Joh. A.
Vetter en A. van der Zee van de GOV een advies uit omtrent het
type te plaatsen orgel.
Op 4
oktober schrijft Welmers aan Reil dat de GOV om advies is gevraagd. Drie
orgelmakers, waaronder Reil, krijgen het verzoek een offerte uit te brengen.
Op 4 oktober wordt een tekening van
de kerk naar adviseur Vetter gestuurd. Graag de tekening terugsturen.
Als bijlage wordt een overzicht van
hygrometerstanden meegestuurd.
In
oktober schrijft Welmers aan Reil
dat hij beslist vasthoudt aan een mechanisch orgel. Hij heeft
al een dispositie ontworpen die is afgestemd met Joh. Vetter. Het advies van
W.A. Houtman wordt niet meegenomen.
Op
11 oktober beantwoordt Reil een brief van Welmers van
4 oktober waarin wordt besproken hoe
het contact met de adviseurs zo kan verlopen dat er een mechanisch orgel gebouwd
kan worden.
Op 21 oktober stuurt de GOV een
brief aan de orgelmakers voor het
uitbrengen van een offerte op basis van de volgende dispositie:
Manuaal I:
Prestant 8', Holpijp 8', Octaaf 4', Koppelfluit 4', Quint 2 2/3', Octaaf 2',
Mixtuur IV-V, Trompet 8
Manuaal II': Holquintadena 8', Roerfluit 8',
Prestant 4', Open fluit 4', Sesquialter II, Fluit 2', Scherp III, Echotrompet 8'
Pedaal:
Subbas 16', Octaafbas 8', Gedekt 8' (unit), Koraalbas 4' (unit)
Facultatief:
Tongwerk 16' op pedaal, Prestant 16' met daaruit afgeleid Octaafbas 8' en Koraalbas 4'.
Elektrische speeltafel op een nader te bepalen plaats.
Hergebruik van de bestaande orgelkas.
Daarnaast een afzonderlijke prijsopgaaf voor een
geheel mechanisch orgel.
Op
6 november schrijft Reil aan Welmers dat hij kortgeleden de kerk heeft
bezocht. Hij vraagt of er inderdaad een orgel met rugwerk gebouwd moet worden.
Hij vraagt zich ook af of de oude orgelkas gehandhaafd kan blijven. Dat scheelt
in de kosten.
Op 8 november stuurt Reil een offerte.
Op 8 november
schrijft Welmers aan Reil dat het orgel zo
laag mogelijk geplaatst moet worden met een positief vanwege de slechte akoestiek
door de aanwezigheid van absorberend materiaal en de trekbalken van het plafond. Het oude orgel is
inmiddels verkocht en wordt zo spoedig mogelijk weggehaald.
Op 22 november schrijft
Mense Ruiter
dat hij heeft gehoord dat de termijn voor het indienen van een offerte voor een nieuw
orgel inmiddels is verlopen. Hij verwacht dat hij een te lange levertijd heeft door
de drukte in
zijn bedrijf. Een kwalitatief goed orgel kost momenteel tussen f 1600,- en f
1800,- per stem. Ook is het door de sterk wisselende metaalprijzen nauwelijks
mogelijk een vaste prijs af te geven.
Op
23 november worden de offertes van
Reil en Spanjaard naar de GOV gestuurd. Van Mense Ruiter is nog geen opgave
ontvangen. Na telefonisch contact blijkt Ruiter het eerste jaar nog geen tijd te
hebben. Dit is reden om niet met Ruiter in zee te gaan.
Op 12 december
schrijft Welmers aan Reil naar aanleiding van een gesprek dat ze vorige week hadden. Er
moet ruimte zijn voor het kerkkoor en het orgel wordt iets meer in de breedte
uitgebouwd.
Op 14 december stuurt
Vetter een voorlopig contract aan Reil en aan de kerk ter controle.
Op 21
december gaat men akkoord met het voorlopig contract
en stuurt dit naar Vetter. De ondertekening dient zo spoedig mogelijk plaats te
vinden zodat de eerste termijn voor 1 januari betaald kan worden.
Op 23 december wordt het
contract getekend met Johann Reil voor de levering
van een nieuw orgel. De opdracht wordt ook
ondertekend door adviseur Johan M. Vetter namens de GOV.
Op
23 december stuurt Vetter van de GOV de contracten ter ondertekening naar Reil.
Op
27 december vraagt Reil aan
Vetter of de manuaalkoppel moet worden uitgevoerd als trekkoppel (Hoofdwerk-Rugwerk) of
als drukkoppel
(Rugwerk-Hoofdwerk).
Op 29
december vraagt Vetter aan Reil of het mogelijk
is het orgel te bouwen met als onderklavier het Hoofdwerk en als bovenklavier het
Rugwerk. Hij geeft de voorkeur aan de trekkoppel. (07) (05)
(15)

Schets van het front. Klik voor een vergroting op de foto. (07)
1951
Op 20 februari stuurt
Reil 2 tekeningen van het orgel naar de GOV.
Op
24 maart spreekt Vetter zijn zorgen
uit over het gebruik van gestoomd beukenhout voor de houten voeten. Hij
vindt dit een risico voor houtworm. Hij vraagt of dit materiaal vaker wordt
gebruikt.
Op 28 maart antwoordt
Reil dat gestoomd Slavisch beukenhout niet vatbaar is voor
wormaantasting. Bij Subbas-pijpen kan eenvoudig eikenhout worden gebruikt.
Op 24 maart doet de GOV
verslag van een bezoek op 23 februari aan de werkplaats van Reil. Besproken
is de opstelling van het orgel. Het bovenklavier krijgt een balans in het midden, waardoor de ventielen worden getrokken in plaats van gedrukt. De windlade voor
Manuaal I krijgt een aparte regulateur. De Prestantbas 16' krijgt een aparte
lade in het front die direct verbonden is met de pedaaltractuur. Het rugwerk
zal rusten op twee ijzeren balken. Dit valt buiten de aanneemsom. De kosten
worden geschat op f 80.-.
Op 15 mei vraagt
Welmers aan Reil hoe de bouw van het orgel vordert en of er al een plaatsingsdatum bekend
is. Ook beveelt hij de fa. van Anken (lid van de gemeente) voor het transport aan.
Op 16 mei schrijft Reil over de voortgang van de bouw.
Het bestelde pijpwerk is net binnengekomen. De montage in de werkplaats kan
beginnen. Hiervoor is de oude orgelkas nodig. Deze moet worden opgehaald.
Hiervoor komt het transportbedrijf van Van Anken in beeld. Reil komt met drie man om het
bestaande orgel te demonteren. Volgens de huidige planning staat het orgel eind
augustus speelklaar in de kerk.
Mense Ruiter zou het oude orgel hebben
overgeplaatst naar de Gereformeerde kerk van Glimmen. Op
16 juni schrijft A. Vrijen uit
Zuidlaren aan orgelmaker Mense Ruiter dat hij een rekening heeft gestuurd voor
het weghalen van het orgel uit de 'Gereformeerde kerk aan de Stationsstraat'. De
rekening is echter nog niet betaald. Uit deze zin valt op te maken dat Mense
Ruiter inderdaad betrokken was bij de demontage van het oude instrument. (12)
De organist Peter van Dijk oefende in de periode 1969/1970 op het orgel in
Glimmen. Men vertelde hem dat het orgel uit Zuidlaren afkomstig zou zijn. Het
orgel in Glimmen was een eenmanuaals orgel met aangehangen pedaal, met een front
dat verwantschap had met Proper of Standaart. De pneumatische tractuur was in 1951 door Mense
Ruiter geëlektrificeerd.
Dispositie na 1951 tot de afbraak in 1982 in ladevolgorde: Prestant 8', Salicionaal 8' (C-H gecombineerd met Holpijp 8'), Holpijp 8'
(groot-octaaf hout), Octaaf 4', Fluit 4', Octaaf 2' (1951/ i.p.v. niet-originele
Trompet 8', eerst misschien een Woudfluit 2'), Quint 3' disc. (in 1951
toegevoegd). (11) Het instrument bestaat inmiddels niet meer.
(01) GJP: Deze dispositie heeft nauwelijks
overeenkomsten met de door Spanjaard genoemde dispositie. Heeft Spanjaard het
verkeerd of is de overplaatsing naar Glimmen niet correct?
Op
21 mei schrijft de orgelcommissie
aan de GOV dat Reil op die dag het front van het oude orgel heeft weggehaald. Er
is met Reil overlegd of de muur achter het orgel verbeterd moet worden. Wat is
het advies van de GOV?
Op 9 juli
schrijft Reil aan de orgelcommissie dat hij van plan was te beginnen met de
plaatsing van het orgel in Zuidlaren. De adviseurs willen echter dat het orgel
speelklaar in de werkplaats wordt opgesteld ter controle. Hierdoor ontstaat er
een vertraging van 14 dagen.
Op 11
juli bevestigt Vetter een gesprek met Reil van 30 juni om het orgel
speelklaar in de werkplaats op te stellen.
Op 27 augustus brengt Reil de
tweede termijn in rekening.
Op
19 oktober verklaren Vetter en Van
der
Zee van de GOV dat Reil het orgel conform het contract
heeft opgeleverd. Genoemd wordt de goede intonatie ondanks de slechte akoestiek.
De kladnotities dateren van 13
oktober.
Het orgel wordt op 19 oktober in gebruik genomen met bespelingen
door Sybe Welmers en adviseur Vetter. Zie Het Orgel (1951 december), Organist en Eredienst
(1952 september).
Op 23 oktober vraagt Vetter een foto
van het orgel voor een publicatie in het tijdschrift van de GOV Organist en Eredienst.
Op 29 oktober
stuurt het transportbedrijf van Van Anken Reil een nota voor het vervoer van
het orgel van Heerde naar Zuidlaren.
Op
3 november schrijft de GOV dat het
cliché van het orgel is ontvangen. Vetter meldt tevens dat hij op het orgel zal
concerteren voor de NCRV. Is het mogelijk het orgel voor die tijd te stemmen?
Op
5 november schrijft Welmers aan Reil
dat het orgel uitstekend voldoet. Wel dienen nog enkele kleine kinderziekten te
worden verholpen.
Op 5 november
schrijft Reil aan Vetter dat het orgel vooraf aan het concert van Vetter zal
worden gestemd.
Op 7 november
schrijft Reil aan Welmers dat wat kleine storingen zullen worden verholpen en
dat het orgel wordt gestemd voor het concert door Vetter.
Op
14 november schrijft Vetter aan Reil
dat zijn concert op 23 november door de NCRV zal worden opgenomen.
Op
19 november stuurt de kerk
een brief van organist Welmers naar Reil met een aantal klachten omtrent hangers.
Bij de ingebruikname van het orgel wordt het instrument
bespeeld door adviseur Joh. Vetter en de eigen organist Sybe Welmers. (01)
(05) (07) (15)

Foto: Reil (10)
Dispositie:
| Hoofdwerk |
|
Rugpositief |
|
Pedaal |
|
| Prestant |
8' |
Holquintadena |
8' |
Prestantbas |
16' |
| Holpijp |
8' |
Roerfluit |
8' |
Subbas |
16' |
| Octaaf |
4' |
Prestant |
4' |
Octaafbas |
8' |
| Koppelfluit |
4' |
Open Fluit |
4' |
Gedekt |
8' |
| Quint |
2 2/3' |
Nasard |
2 2/3' |
Koraalbas |
4' |
| Octaaf |
2' |
Fluit |
2' |
Fagot |
gereserveerd (03) |
| Mixtuur |
IV-V |
Terts |
1 3/5' |
|
|
| Trompet |
8' |
Scherp |
III |
|
|
| |
|
Dulciaan |
8' |
|
|
Koppelingen: Hoofdwerk-Rugwerk; Hoofdwerk-Pedaal; Rugwerk-Pedaal.


Tekeningen van het orgel zonder rugwerk en rugwerk alleen. Klik op de
afbeelding voor een vergroting. (07)

Detailtekeningen. Klik op de afbeelding voor een vergroting (07)
1952
Op 5 januari wordt een brief
aan Reil gestuurd met de vraag om de tongwerken te komen stemmen en zich in verbinding
te stellen met organist Welmers.
Op
21 januari antwoordt Reil dat de organisten de tongwerken zelf moeten
stemmen. Dit
is namelijk alleen zinvol bij een verwarmde kerk.
Op
24 januari beantwoordt de kerk de brief van
Reil van 21 januari. Men heeft overlegd met
Welmers en deze zal een brief schrijven.
Eveneens op 24 januari
schrijft
Welmers aan Reil dat hij elke zaterdagavond, als de kerk op temperatuur is, de
tongwerken stemt. Het betreft een heel andere kwestie. Het klankverloop van de
Dulciaan is veel te onregelmatig en daardoor niet goed bruikbaar. Tevens zijn er nog
enkele andere kleine onregelmatigheden. Hij vraagt Reil om langs te komen voor het
verbeteren van de Dulciaan.
Op 16 februari vraagt
het transportbedrijf van Van Anken
aan Reil waarom de nota nog niet volledig is betaald.
Op
1 maart schrijft Reil aan van
Anken, waar de nota voor het vervoer van het orgel blijft.
Op 26 mei
schrijft Welmers dat hij, op de Dulciaan 8' na, nog steeds zeer tevreden is over het orgel.
In juli geeft hij een tweede concert. Ook meldt hij dat dhr. Legêne uit Lochem langs
is geweest om het orgel te bekijken.
Op
2 september stuurt de kerk
een vraag van organist Jan Pottjewijd door
naar Reil of
de Open Fluit 4' van het Rugwerk kan worden vervangen door een Viola da Gamba
8'. (GJP: Jan Pottjewijd is de oudste broer van mijn opa)
Op 9 september beantwoordt
Reil deze brief. In principe is dit mogelijk, maar het gaat in tegen de geest van
deze tijd. De kosten zouden f 60,- bedragen. De pijpen van het groot octaaf
kunnen echter niet worden geplaatst omdat de pijpen daarvoor te lang zijn. (07)
(05)
1953
In oktober
schrijft organist Welmers op verzoek van de kerkenraad aan Reil om
naar de volgende zaken te kijken: verbetering van de Dulciaan 8', verbeteren van
de mechaniek van het Pedaal, de werking van de koppelingen en de wat stroeve speelaard.
(07)
1954
In
januari schrijft Welmers weer over de Dulciaan 8'. Reil heeft tot nu toe
niet gereageerd op de klachten. Het orgel wordt redelijk vaak bezocht en de
kwaliteit van de Dulciaan 8'
is niet bevorderlijk voor de reputatie van Reil. Hij verzoekt dan
ook deze kwestie op te lossen.
Op
20 december wordt Reil door de kerkenraad
verzocht om te reageren op de door Welmers opgestelde
lijst met klachten.
1955
Op 19 maart vraagt de kerk
aan Reil om een rapport te maken over de toestand van het orgel. Een tijdje
geleden heeft Reil enkele reparaties verricht.
Door grote drukte is de brief
van 20 december bij Reil blijven liggen. Reil constateert op
2 april dat organist Welmers
graag wil dat het orgel twee keer per jaar wordt gestemd. Om Reil naar Zuidlaren te
krijgen somt Welmers dan allerlei kleine gebreken op. De schade aan het pedaalklavier is ontstaan
toen voor een schoonmaak het pedaal onoordeelkundig is weggehaald.
Op 28 oktober schrijft
Welmers dat er over enkele dagen een kerkdienst via de radio wordt uitgezonden.
Hij verzoekt Reil langs te komen voor een stemming en enkele kleine reparaties.
(07)
1958
Organist Sybe Welmers overlijdt (1901-1958) (09)
Zie Provinciale
Drentsche en Asser courant (22-07-1958).
1961
Op 30 januari
schrijft Reil dat hij onder garantie bij de voorjaarsstembeurt nieuwe pulpeten
in het orgel wil plaatsen. (07)
1962
Op
27 maart schrijft de kerk aan Reil
dat het orgel nodig gestemd moet worden. Ook zijn er bij het verven van de kerk
verfspatten op het orgel terechtgekomen. (07)
1963
Op 8 juli? wordt aan Reil geschreven
dat na de stembeurt op 9 en 10 juli nog de volgende constateringen zijn gedaan:
onzuiverheid in de Mixtuur, de Cis koppelt niet met het Rugwerk, Op het Pedaal
zijn de E en de F niet goed,
onregelmatigheden in de Dulciaan en een niet correcte las.
Op 15 juli
antwoordt Reil dat wegens drukke
werkzaamheden en vakanties de geconstateerde zaken pas in augustus kunnen worden
aangepakt. (07)
1964
Op 23 januari
maakt Reil een rapport over de toestand van het orgel zoals die
is aangetroffen
bij een bezoek op 10 januari.
-
De algehele toestand is niet slecht met de volgende bemerkingen:
- Trompet
8': Ruw en hard (intonatie-inzichten van toen), vervuiling, schoonmaken,
herintoneren en tongen aanpassen.
- Dulciaan 8': onegaal; dit is onder
andere veroorzaakt door onoordeelkundig stemmen door één van de vroegere organisten.
-
Het labiale pijpwerk verkeert in goede toestand
- Windladen in goede
toestand
- Mechaniek in goede toestand
- Aangeraden wordt een
zwevende mechaniek aan te brengen.
Op
18 februari gaat de kerkenraad in op het rapport van Reil. Voor een zwevende
mechaniek heeft men op dit moment geen budget. Voor de overige werkzaamheden kan
Reil een offerte uitbrengen.
Op 6
april stelt Reil
de volgende werkzaamheden voor: Trompet 8' schoonmaken en zwakker intoneren,
Dulciaan 8' herintoneren, enige stiften in de pedaallade vervangen. De kosten
worden ingeschat als een dubbele stembeurt.
Op
8 mei volgt de opdracht door de
kerkenraad.
Op 29 augustus
schrijft de kerkenraad dat men na de werkzaamheden nog een groot aantal gebreken
in het Rugwerk heeft aangetroffen: de mechaniek van het Rugwerk is niet afgeregeld,
de koppeling is
niet bijgeregeld, de pijpen zijn inwendig niet schoongemaakt, de dulciaanpijpen
zijn slecht
gesoldeerd, enkele pijpen hangen aan spijkers in plaats van aan beugels en er
zijn beschadigde pijpen (07)
1965
Op 2 oktober
vraagt de CvB aan Mense Ruiter of het mogelijk is dat organist Siebesma aanwezig
is bij het bezoek van Ruiter aan het orgel. Dhr. Siebesma zal per telefoon
contact opnemen met Ruiter. (16)
De kerkenraad besluit per brief van
21 oktober de relatie met Reil op te
zeggen. (07)
Op
21 oktober verzoekt de CvB Mense Ruiter om het orgel te gaan stemmen. De
opzegbrief aan Reil wordt bijgesloten.
Op
11 november schrijft Mense Ruiter
dat het orgel door zijn bedrijf voor de eerste keer is gestemd. 'De eerste
indruk is dat het niet onaardig klinkt.' De mechaniek is niet goed aangelegd
waardoor mechaniekdelen overbelast zijn. Ook is er doorspraak geconstateerd. Er
zijn twee mogelijkheden:
- Het orgel laten zoals het is en defecten oplossen
als die zich voordoen.
- De mechaniek vervangen. De kosten hiervan bedragen
tussen de f 15.000,- en f 20.000,-. (16)
1966
Op 23 januari beantwoordt de CvB
een brief van Mense Ruiter van 11 november 1965. Op dit moment kan er geen geld
worden vrijgemaakt om de voorgestelde werkzaamheden uit te voeren. (16)
1967
Op 16
september schrijft Mense Ruiter dat de stemmer heeft geconstateerd dat het orgel nog verder is
achteruitgegaan vergeleken met de vorige stemming. Verschillende mechaniekdraden
staan op breken. De koppelingen zijn moeilijk af te stellen omdat de stelmoeren
te ruim zijn. De moeren vervangen kan alleen als er veel gedemonteerd wordt. Een
paar frontpijpen spreken niet meer. Vermoedelijk spraken deze pijpen door en
daarom is er met een schroevendraaier onder de kern gedrukt zodat de pijpen stom
werden.
Op 28 september
beantwoordt
de CvB een brief van 16 september en een
telefoongesprek met Mense Ruiter. Kan Mense Ruiter het orgel inspecteren en een
kostenopgave maken? Is er een mogelijkheid dat het orgel bespeelbaar blijft bij
de restauratie?
Op 27 november
schrijft mevrouw Ruiter aan organist Siebesma dat haar man de hele week werkt
aan het orgel in Meppel. Zou Siebesma op zaterdagavond naar Groningen kunnen
komen om te overleggen over het orgel in Zuidlaren?
1969
Op 18 maart beschrijft Mense Ruiter
hoe het orgel verbeterd kan worden. De speeltafel, mechaniek en registratuur
zijn van een dusdanig inferieure kwaliteit dat een verbetering geen afdoend
resultaat zal geven. Het is nodig deze geheel te vernieuwen. De windvoorziening
is op zich nog niet zo slecht, maar de windkanalen en de balgen van Hoofdwerk en
Pedaal zijn veel te groot en moeten vervangen worden. De balg voor het Rugwerk
kan worden gehandhaafd. De windladen maken een redelijk goede indruk.
Installatie van een verend slepensysteem en nieuwe pulpeten is wel nodig. Het
pijpwerk behoeft alleen wat herstel vanwege stembeschadigingen. De kosten worden
ingeschat op f 33.335,68.
Op 30
april stuurt dr. E.W. Dijk het
orgeladvies van 25 april dat de technische orgelcommissie heeft geschreven
naar Mense Ruiter.
In dit advies wordt gememoreerd dat er in 1967 een
technische orgelcommissie werd opgericht met als leden de heren Bokhorst, Dijk,
den Hartog, van der Munnik, Rippen en organist Siebesma. Deze commissie
adviseerde raad te vragen aan orgelmaker Mense Ruiter. Het advies van Ruiter
dateert van 18 maart. Het orgel verkeert, behalve het pijpwerk, in een
deplorabele staat. De kosten van herstel schat Ruiter op f 33.000,-. In een
gesprek van de commissie met dhr. Ruiter werd besproken of het orgel deze
investering wel waard was of dat er beter een nieuw orgel gebouwd kon worden.
Dhr. Ruiter is ervan overtuigd dat er na deze restauratie een goed instrument
zal ontstaan.
Op 19 mei geeft de
kerkenraad aan Mense Ruiter de opdracht het orgel te restaureren en het orgel
uit te breiden met een tremulant op het Rugwerk en een Bazuin 16' op het
Pedaal.
Op 30 september wordt een
contract met Mense Ruiter gesloten
voor een vergroting en herstel van het orgel. De werkzaamheden zullen worden
uitgevoerd in 1970. De overeengekomen prijs is f 38.152,-
Bijgesloten is een
werkplan. De volgende werkzaamheden
zullen worden uitgevoerd:
- totale vernieuwing van de speeltafel
- nieuwe
aanleg van de abstractuur
- nieuwe aanleg van de registratuur
-
gedeeltelijke ombouw van de windladen
- gedeeltelijke ombouw van de
windvoorziening
- volledig maken van de dispositie: tremulant op het Rugwerk,
Bazuin 16' op het pedaal
- enig herstel van pijpwerk en geheel opnieuw
instemmen
Op 17 december
schrijft dr. E.W. Dijk dat het tekenen van het contract lang heeft geduurd. Men
heeft Dijk verzekerd dat de eerste betaling geregeld is. (12)
(16)
1970
Op
6 januari brengt Mense Ruiter de
eerste termijn in rekening na het ontvangen van het getekende contract.
Op
15 april schrijft Mense Ruiter dat
de werkzaamheden zover zijn gevorderd dat de tweede termijn in rekening wordt
gebracht.
Op 13 november
schrijft Mense Ruiter dat de kist met de nieuwe speeltafel is aangekomen. De
nieuwe bazuin zal begin december worden geleverd. Aanstaande maandag komt er een
jongste medewerker in dienst. De nieuwe speeltafel kan niet meer voor de
Kerst worden ingebouwd. (16)
1971
Door Mense Ruiter wordt een revisie
uitgevoerd waarbij in hoofdzaak de tractuur onder handen is genomen. De windladen
zijn iets verbeterd en het pijpwerk is opnieuw geïntoneerd. De
Dulciaan 8’ blijkt niet van goede kwaliteit te zijn. Verder is de windvoorziening
anders georganiseerd. Er is een nieuwe speeltafel geïnstalleerd met een geheel nieuwe speelmechaniek en
registratuur. Zo is het orgel weer gebruikszeker gemaakt.
Op de plaats van de gereserveerde Fagot 16'
is een Bazuin 16' geplaatst. Op het Rugwerk is een tremulant toegevoegd. De restauratie
heeft f
38.949,70 gekost. (01) (03)
Op
21 januari schrijft Mense Ruiter
dat op 18 december het getekende contract is ontvangen. Dit contract werd op 30
september opgemaakt. In goed vertrouwen dat het contract in orde zou komen werd
op 30 november 1969 een order geplaatst voor nieuwe klavieren. Het bedrag dat
betaald zou worden bij de contractondertekening is nog niet betaald. In maart
wordt met het tekenwerk begonnen. De tweede termijn zal dan ook vervallen.
Op
6 april schrijft Mense Ruiter dat
de aanneemsom van de offerte van 18 maart 1969 is gestegen van f 34.066,- naar f
38.949,70 vanwege loonkostenstijgingen. De oplevering is vertraagd door het
verdrinken van een personeelslid en die plek is nog niet opgevuld. Ook was er
veel ziekte onder het personeel. Kan daarom het nieuwe Btw-tarief van 14%
betaald worden?
Op 6 april
beschrijft Mense Ruiter ook de voortgang van de restauratie: De rugwerklade is
gemonteerd met daarop het pijpwerk. De Dulciaan van het Rugwerk wordt in de
werkplaats hersteld. De registratie is bijna klaar. Het welbord gaat morgen naar
de kerk om gemonteerd te worden. In de week van 19-23 april wordt de oude
speeltafel gedemonteerd en de nieuwe geïnstalleerd. De zondag daarna zullen
enkele stemmen bruikbaar zijn.
Op 5
mei schrijft Mense Ruiter dat bij de demontage van de Dulciaan bleek dat
deze stem niet geheel nieuw gemaakt is. Het bleek een allegaartje te zijn: de
stevels passen niet op de koppen en de tongen passen niet bij de lepels. Om deze
stem goed te krijgen is er veel extra werk nodig. De kosten zijn circa f 500,-.
Op
6 april schrijft Mense Ruiter dat door loonkostenstijgingen de prijs hoger
is geworden.
Op 6 oktober
schrijft Mense Ruiter dat hij had gehoopt dat zijn werknemer Leemhuis weer zou
zijn hersteld, zodat het werk weer hervat kon worden. Dit is helaas niet het
geval. Ook Ruiter zelf is niet in orde. Hij is in Zuidlaren geweest om de zaak
in ogenschouw te nemen. De twee nieuwe balgen en de regelaar voor het pedaal
komen deze week gereed. (16)
Dispositie na bovenstaande werkzaamheden:
| Hoofdwerk |
|
Rugpositief |
|
Pedaal |
|
| Prestant |
8' |
Holquintadena |
8' |
Prestantbas |
16' |
| Holpijp |
8' |
Roerfluit |
8' |
Subbas |
16' |
| Octaaf |
4' |
Prestant |
4' |
Octaafbas |
8' |
| Koppelfluit |
4' |
Open Fluit |
4' |
Gedekt |
8' |
| Quint |
2/2/3' |
Nasard |
2 2/3' |
Koraalbas |
4' |
| Octaaf |
2' |
Fluit |
2' |
Bazuin |
16' |
| Mixtuur |
IV-V |
Terts |
1 3/5' |
|
|
| Trompet |
8' |
Scherp |
III |
|
|
| |
|
Dulciaan |
8' |
|
|
| |
|
Tremulant |
|
|
|
Koppelingen: Hoofdwerk-Rugwerk, Hoofdwerk-Pedaal, Rugwerk-Pedaal (03)
1972
Op 23 juni
stuurt Mense Ruiter de eindafrekening. Er is nog een bedrag van f 6376,10 te
betalen. Dit is inclusief de later opgedragen verbetering van de Dulciaan voor f
70,-. Voor het mondeling besproken overwerk is er een andere rekening.
Die moet waarschijnlijk nog besproken worden.
Op
24 juni schrijft Mense Ruiter dat
de registratiedelen van het Hoofdwerk en het pedaal zijn ingeladen. Op 25 juni
kan dan met de inbouw worden begonnen. De windladen zijn al in de kerk. Door de
slechte maatvoering was er veel extra werk. Voor de pedaalladen moesten er zelfs
een paar nieuwe slepen gemaakt worden.
Op
25 juni dankt Dr. E.W. Dijk Ruiter
voor de brief van 24 juni Hij heeft begrip voor de tegenslag. Dijk zag de deur
van de kerk openstaan en heeft een praatje gemaakt met een medewerker van
Ruiter. Is het mogelijk het werk aan de Dulciaan af te maken zodat deze weer
gebruikt kan worden? Wanneer is de restauratie afgerond? Hij blijft vertrouwen
houden in Ruiter.
Op 30 juni
schrijft Mense Ruiter dat de rekeningen door Hartog en Dijk zijn
goedgekeurd. Zouden deze rekeningen vanwege de vakantie betaald kunnen worden?
Op 14 december nodigt de scriba
Mense Ruiter uit om de ingebruikname van het orgel op zondag 19 december om
19:00 bij te wonen. Kan Ruiter met zijn medewerkers 10 minuten van tevoren in
de kerkenraadskamer aanwezig zijn? Na de dienst zal er gezamenlijk koffie
worden gedronken. (16)
De organisten van 19 december waren Peter Siebesma en Peet den Hartog. (12)
1973
Op 22
februari schrijft organist Den Hartog aan Ruiter dat het alweer ruim een
jaar geleden is dat het gerestaureerde orgel in gebruik is genomen. De
verbetering van de Prestant 16' van het Pedaal is nog steeds nodig. De kosten
zijn geschat op f 2.000,-. Financieel is het nu niet mogelijk maar
misschien in de toekomst. Ook de verbetering van de akoestiek is voorlopig geen
haalbare kaart. De wens om de Koraalbas 4' door een Schalmei 4' te vervangen
staat ook nog steeds, maar misschien is er een beter idee? In een bijlage is een
overzicht van de temperatuur en de relatieve vochtigheid te vinden van de periode juni 1972 tot
februari 1973. In een tweede bijlage een overzicht van de in de loop van de tijd
geconstateerde kleine gebreken. De toevoeging van de Bazuin 16' is een
verrijking.
Op 10 juni schrijft
Ruiter dat een aantal schoonheidsfoutjes zijn opgelost. Dat de e3 van de Trompet
niet klonk lag aan een gebroken tong. Een van de organisten heeft bij het
stemmen de tong over de kop geslagen, waarbij de tong afbrak. De hoogste tonen
dienen voorzichtig te worden gestemd. Er kan van gedachten worden gewisseld over
een kleine dispositiewijziging. (12)
1974
Op 27 december schrijft organist
Den Hartog over het stemmen van de tongwerken naar aanleiding van een gesprek
met Mense Ruiter aan de speeltafel in Zuidlaren. In dat gesprek is ook een
aantal dispositiewijzigingen aan de orde gekomen. Een verbetering van de Prestant 16' en een
mildere intonatie van de Mixtuur zouden de restauratie afmaken. Daarna worden nog een
aantal andere wensen geuit. Kan Ruiter een
calculatie maken van de kosten? (12)
1975
Op 24 februari komt Ruiter met een
antwoord op de vragen van organist Den Hartog. Hij voegt er nog aan toe om een
dak te maken op het Rugwerk. Kosten: f 3950,-.
1. Verbeteren intonatie van de
Mixtuur en Scherp. Voor een beperkt bedrag zou dit kunnen worden uitgeprobeerd.
Beter is het beide registers te vervangen. Kosten: Mixtuur IV-V f 6350,- en
Scherp II-IV f 4300,-.
2. Hoofdwerk: Salicionaal 8' op de plek van de Quint 3' f 3480,-.
3a/3b. RW Sesquialter op basis van de Quint 3' van het Hoofdwerk en de Terts 1 3/5' van
het Rugwerk en de Nasard 3' van het Rugwerk wijzigen in 1 1/3' f 4350,-.
4. Verbeteren Prestant 16' f 2000,-.
5a/5b. Rugwerk: Holquintadena 8' als 16' naar het Hoofdwerk verplaatsen f 4600,-
en het vervangen van de Holquintadena
op het Rugwerk door een nieuw exemplaar f 4600,-
6. Dulciaan 8' vermaken tot 16' is niet
aan te bevelen.
7. Fluiten 4' van Hoofdwerk en Rugwerk verwisselen f 2700,-
8a.
De Koraalbas 4' uitbreiden met een 2 ' en een 1 1/3' f 5500,-
8b. Toevoegen van een Ruispijp II op
een kantsleep
f 7400,-
8c. Op de lade is geen ruimte voor een tongwerk 4'. Een kantsleep
zou kunnen, maar is niet raadzaam.
Bij een combinatie van werkzaamheden
zullen de kosten afnemen.
Op 12
maart stuurt Mense Ruiter een offerte voor een aantal voorstellen uit de brief van 24 februari.
1. Verbeteren van de Mixtuur f 500,-
2. Op het Hoofdwerk een Salicionaal in plaats van de Quint 3' met
gebruikte pijpen van een Viola da Gamba f 2580,-
3. Verbeteren van de Prestant 16' f
2.000,-
Het is niet aan te raden de Quint 3' van het Hoofdwerk naar het
Rugwerk te
verplaatsen. De huidige Nasard 3' voldoet beter.
Op
1 april bevestigt Ruiter de
opdracht tot het uitvoeren van de beschreven werkzaamheden in de offerte van 12
maart. Met het werk kan in de eerste week van april worden begonnen.
Op
29 april zijn de werkzaamheden
afgerond:
1. Herintonatie Mixtuur. Afgesproken was
dit experiment aan te gaan voor f 500,- Het bleek mogelijk te zijn. De kosten
bedragen f 1.172,67, maar het resultaat is goed.
2. Door de werkzaamheden aan
de Mixtuur moest ook de Octaaf 2' worden bijgewerkt. Kosten f 98,60
3.
Verhelpen van een storing in het Rugwerk f 63,80 (12)
1996
Op 23 april maakt Mense Ruiter een
rapport over het orgel. (16)
Op 3 oktober wordt er een
overeenkomst gesloten met de GOV
voor een orgeladvies door Victor Timmer en Anco Ezinga. (15)
1997
Op 10 januari verschijnt het
rapport van de GOV. Op 12 december
is een bezoek aan het orgel gebracht. Ook zijn de offertes van Mense Ruiter,
Steendam en Pels & van Leeuwen bekeken die zijn uitgebracht voor de verbetering
van het orgel.
De conclusie is dat het orgel toe is aan een grote
onderhoudsbeurt. Na deze beurt zal het orgel weer een tijd lang betrouwbaar
kunnen functioneren, maar dat wil niet zeggen dat er nog geen sprake is van 'een
zowel in technische als in klankopzicht gaaf instrument.'
De offerte van
Steendam voldoet het beste en is tevens de laagste in prijs.
Op 24 maart
stuurt de GOV een nota voor het
uitgebrachte advies. (15)
Er
wordt een Commissie Orgelrestauratie ingesteld bestaande uit: Peet den Hartog,
Geuko Tiggelaar en Tjeerd Bosklopper (vrijetijds orgelmaker), die offerte
aanvraagt bij drie orgelmakers. Daarnaast komt er vanuit de Commissie van Beheer
de indringende vraag om een elektronisch orgel als alternatief te overwegen,
waartegen de organisten onder leiding van Wim Opgelder zich ernstig verzetten.
De offertes worden vergeleken en beoordeeld. De werkwijze en prijsstelling van
Sicco Steendam uit Roodeschool blijkt de meest passende te zijn. Daarna volgen
gesprekken met het moderamen en tenslotte nog een gemeenteavond over dit
onderwerp. Twee voorstellen komen ter sprake:
Plan A: Alleen het noodzakelijk
technisch herstel uitvoeren, waaronder de 4 grootste, verzakte Bazuinpijpen
herstellen, afdichting van de windlade en het verharde schapenleer vervangen.
Plan
B: Als het vorige plan, maar uitbreiding met een algehele herintonatie, d.w.z.
alle 1444 orgelpijpen worden stuk voor stuk onder handen genomen en tot een
optimale klank gebracht. Dit is een zeer arbeidsintensief karwei. De
diverse registers worden met elkaar in balans gebracht en de enigszins brutale,
schreeuwerige klank zal daardoor verdwijnen. De verwachting is dat het
instrument daardoor ook beter zijn taak als begeleidingsinstrument zal kunnen
vervullen.
Daarnaast moet er een grotere balg komen: de huidige
windvoorziening is te klein, veroorzaakt volgens de orgelbouwer 'een jankende
aanspraak in het pijpwerk' en vormt onvoldoende basis voor een herintonatie.
De
kerkenraad gaat akkoord met plan B, dat f 47.963,50 kost. Tevens wordt
bepaald dat de volledige opbrengst van de traditionele rommelmarkt in de
Bernardhoeve kan worden besteed aan de restauratie en herintonatie van het
orgel. Dit levert een bedrag op van f 30.000,-. Geuko Tiggelaar en Tjeerd
Bosklopper organiseren een pijpenadoptie-actie die f 1.100,- oplevert. (08)
Op 9 juli schrijft de CvB dat er
geen gebruik zal worden gemaakt van de offerte van Mense Ruiter. (16)
1998
In maart start de restauratie.
Er zijn onvoorziene kosten van f 1.000,- voor de 'belering' van de trompettongen.
Deze kosten neemt organist Peet den Hartog voor zijn rekening. Eind
mei zijn de werkzaamheden voltooid. Slotconclusie van de
restauratiecommissie: 'De commissie is zeer voldaan met het bereikte resultaat.
Orgelmakerij Steendam heeft hiervoor zonder meer een compliment verdiend, want
het instrument leverde soms grote problemen op, die met veel vakmanschap en
creativiteit overwonnen zijn'. (08)
2011
Tjeerd Bosklopper schrijft een brochure:
'Kleine
orgelgeschiedenis van de Laarkerk aan de Stationsstraat te Zuidlaren'. (10)
Vanuit de voorraad van orgelbouwer Sicco
Steendam wordt een gebruikte Trompet 8' geïnstalleerd als vervanging van de
Trompet 8' van Reil. (03) Zie ook een kopie van het artikel in
het kerkblad Samenklank.
Op vrijdag 29 mei draagt orgelmaker Sicco
Steendam het instrument over aan de voorzitter van de kerkenraad. De
openingswoorden worden uitgesproken door ds. A. van Zuylen en de organisten Wim
Opgelder, Geuko Tiggelaar, Peet den Hartog, Fred Lugtenborg en Wim Zuidersma
presenteren het instrument in een met samenzang afgewisseld programma. (08)
2017
Op 9 mei
beschrijft Mense Ruiter de oorzaak van het windgebrek in het Rugwerk. De
regelaar maakt de helft minder "gang" dan nodig is. Dit kan worden opgelost door
een nieuw katrol en het opnieuw afstellen. Ook is geconstateerd dat de
aansluiting van de balguitlaat op de windlade lekt. Dit kan provisorisch worden
verholpen door het aanbrengen van leerstroken. De oplossing zal 1 werkdag
vergen. Op 7 december maakt Mense Ruiter een rapport over de toestand van het
orgel. De tekst is nagenoeg gelijk aan het voorstel van 29 mei 2018. (16)
2018
Op basis van een technisch onderzoek op 27 juni 2017
en een pijpwerk- en klankonderzoek op 19 oktober 2017 schrijft Mense Ruiter op
29 mei een voorstel voor groot
onderhoud.
Op 27 juli maakt
Mense Ruiter instructies voor het uitvoeren van timmerwerk in beheer bij de
kerk. De verankering in de muur graag uitvoeren met chemische ankers. De dragers
en leuningen bevestigen met slotbouten. De vloerdelen graag met sleufschroeven
bevestigen zodat deze ook goed demontabel zijn. De schroeven voorboren.
Op
21 november wordt een rekening
gestuurd voor werkzaamheden om de frontpijpen beter te kunnen bereiken, het
verlengen van 8 houten pijpen en het beleren van een balg. Dit conform het voorstel
van 29 mei. (16)
2020
Op
22 juni stuurt Mense Ruiter een
rekening voor het herstel van de stemkrullen op basis van de offerte van 29 mei
2018. Het werk kostte minder uren dan begroot, zodat er ook een generale
stemming kon worden uitgevoerd. (16)
2021
Op 21 juni stuurt Mense Ruiter een
bijgewerkt voorstel van de offerte van 29 mei 2018 voor groot onderhoud. (16)
2022
De werkzaamheden worden voorlopig niet uitgevoerd. (16)

Fotograaf
onbekend (10)
Bronvermelding:
- E-Mail van Jaap Brouwer d.d. 12-11-2006
- Tijdschrift Tjeerd Bosklopper, Laarkerk Zuidlaren, kleine
orgelgeschiedenis, De zeven Brinken 2011-02 24-29
- E-Mail Peet den Hartog 03-02-2012
- www:
https://reliwiki.nl/index.php/Zuidlaren,_Stationsweg_159_-_Laarkerk (12-03-2025)
- Drents Archief: 0425 - Gereformeerde Kerk te Zuidlaren 3. Archief van de commissie van beheer 3.2. Stukken betreffende afzonderlijke onderwerpen 3.2.1. Beheer van bezittingen 37. Stukken betreffende de aanschaffing van een nieuw orgel, 1950-1951.
- Boek: D. Drenth, 50-jarige herdenking van de Gereformeerde kerk te Zuidlaren 1898-1948,
Zuidlaren: 1948 blz. 35-40
- Archief Reil
- www:
https://www.pknanloozuidlaren.nl/images/doc/laarkerk/laarkerk-zuidlaren-orgelgeschiedenis.pdf (12-03-2025)
PDF
- www:
https://nl.wikipedia.org/wiki/Jan_Welmers
(13-03-2025)
- Archief Jaap Brouwer
- E-Mail Peter van Dijk d.d. 26 juni 2021
- Mense Ruiter oude archief
- www: https://gereformeerdekerken.info (12-03-2025)
- www:
https://reliwiki.nl/index.php/Zuidlaren,_Hoofdlaan_-_Gereformeerde_Kerk(1900-1939) (12-03-2025)
- VU-Archief: 669 Gereformeerde Organisten Vereniging
(GOV) - Orgelbouwadviescommissie 1-780 Doos 66 762. Zuidlaren, Gereformeerde
Kerk, 1950-1951, 1996-1997
- Ten Post Archief mense Ruiter hangmap Zuidlaren
Gereformeerde Kerk
Organisten:
- 1905-1916 T. Sterenberg Hoofd der Chr. School
- 1917-xxx W. Hamstra
- xxxx-1958 Sybe Welmers (1901-1958), vader van de bekende componist Jan
Welmers (1937-2022)
- 1940 -xxxx Jan Pottjewijd (1881-1953)
- 1958-xxxx Jan Welmers (1937-2022)
- 1968-1972 Peter Siebesma
- xxxx - xxxx Peet den Hartog
- xxxx - xxxx Wim Opgelder
- xxxx - xxxx Geuko Tiggelaar
- xxxx - xxxx Fred Lugtenborgen
- xxxx - xxxx Wim Zuidersma

De kerk uit 1900 (01)


Ansichtkaarten van de kerk uit 1939 rechts foto uit: 1965 (04)