Meppel, Gereformeerde kerk Thorbeckelaan

In 1963 bouwt orgelmaker Leeflang een tweeklaviersorgel met zelfstandig pedaal voor de in 1959 gebouwde kerk. De Orgelcommissie van de Gereformeerde Organisten Vereniging treedt op als adviseur. Rond dezelfde tijd bouwt Leeflang ook orgels voor de Remonstrantse Kerk van Meppel en de Gereformeerde Kerk in Beilen. De orgelcommissie bezoekt dan ook deze  orgels. In 1994 wordt het kerkgebouw verkocht aan de Gereformeerd Vrijgemaakte Kerk. In 2012 reviseert orgelmaker Van den Heuvel het instrument met als adviseur Wietse Meinardi. Op het Hoofdwerk wordt de samenstelling van de Mixtuur gewijzigd en krijgt de Trompet nieuwe metalen koppen. Op het Rugwerk wordt de Scherp vervangen door een Nasard 2 2/3' en de Tertiaan door een Sesquialter. De intonatie wordt herzien, met als doel een milder klankbeeld en meer draagkracht.

1959

Er wordt een tweede Gereformeerde Kerk voor Meppel gebouwd.. In 1994 wordt de kerk verkocht aan de Gereformeerd Vrijgemaakte Kerk.
Op 21 mei beantwoordt de Orgelbouwadviescommissie van de Gereformeerde Organisten Vereniging (GOV) een brief van 13 mei van de Commissie van Beheer (CvB) waarin om advies wordt gevraagd voor een te plaatsen orgel. De heren Milo en Houtman zullen namens de GOV optreden als adviseurs. Op 26 juni wordt de kerk bezocht en worden de gegevens van het gebouw genoteerd. De bouw is bijna afgerond. Er is al een orgelgalerij aanwezig. Er wordt een schets van het gebouw gemaakt. (09)

Links schets van de kerk van 26 juni 1959, rechts schets van het orgel gedateerd juli '59.

Op 30 juni stuurt Milo zijn aantekeningen en een schets door aan zijn collega Houtman. De akoestiek is gunstig en een orgel van ongeveer 20 stemmen is voldoende. Hij stuurt een tweetal dispositievoorstellen met Hoofdwerk, Rugwerk en Pedaal en een voorstel met Hoofdwerk, Zwelwerk en Pedaal.
Op 7 juli reageert Milo op een ontwerp en een schets van Houtman. Op hoofdlijnen zijn ze het eens.
Van iets later dateert een brief met een dispositieontwerp van Houtman, dat hij vermoedelijk maakt op de terugweg in de trein vanuit Meppel.
Op 15 juli komt het eerste voorstel van de GOV. De kerk heeft een gunstige akoestiek. De orgelgalerij is uitstekend geschikt voor een orgel met Hoofdwerk, Rugwerk en een zelfstandig Pedaal. Toegevoegd wordt een schets van het orgel. Er zijn drie registers nodig per honderd  zitplaatsen. De kerk heeft 750 zitplaatsen en er is dus een orgel nodig met 21 stemmen.
Voorgesteld wordt de volgende dispositie:

Hoofdwerk Rugwerk Pedaal
Prestant 8' Holpijp 8' Subbas 16'
Quintadena 8' Spitsgamba 8' Prestant 8'
Octaaf 4' Prestant 4' Gedekt 8'
Nachthoorn 4' Roerfluit 4' Octaaf 4'
Octaaf 2' Sesquialter I-II Fagot 16'
Quint 2 2 /3' Flageolet 2' Cornet 2'
Mixtuur V Quintfluit 1 1/3'  
Trompet 8' Dulciaan 8'  
Gebruikelijke koppels

De kosten worden geschat op tussen de f 45.000,- en f 50.000,-.
Op 31 augustus schrijft Milo aan Houtman dat aan de kerkenraad wordt voorgesteld om offerte te vragen op basis van het ontwerp van de GOV en voor een wat kleiner instrument. Na verkregen toestemming kan dan ook worden gekeken naar een kleinere dispositie met reserveringen.
Op 22 september stuurt Milo een ontwerpbestek in tienvoud naar Houtman. Kan Houtman de bestekken doorsturen naar Meppel met de namen van orgelmakers bij wie offerte gevraagd kan worden? De kerkenraad wil in meerderheid een volledig orgel, maar wil toch twee varianten laten offreren voor als er financiële tegenslagen zijn.
Op 25 september stuurt Houtman zeven exemplaren van het bestek naar Meppel. De volgende orgelmakers worden genoemd: Ernst Leeflang, Willem van Leeuwen, Flentrop, de Koff, Pels en Verschueren. De CvB kan de bestekken versturen naar de genoemde orgelmakers.
Op 23 oktober volgt een afzegging van een orgelmaker. Deze orgelmaker doet niet mee aan het traject omdat de werkwijze en het gebruik van materialen anders is dan zijn huidige werkwijze. Het afschrift is niet ondertekend, zodat niet bekend is om welke orgelmaker het gaat. Hij doet graag mee, maar dan volgens de eigen werkwijze.
Op 28 oktober een afzegging van Flentrop om dezelfde reden. Een zeer gedetailleerd bestek geeft orgelmakers niet de kans hun eigen werkwijze toe te passen.
Op 29 oktober schrijft Milo aan Flentrop dat hij het betreurt dat Flentrop niet inschrijft. Het bestek biedt mogelijkheden om toch mee te doen bij de inschrijving.
Op 3 november schrijft Flentrop aan Milo dat de meeste opdrachten bij Flentrop tot stand komen door een keuze van de kerk voor een bepaalde orgelmaker na een oriëntatie vooraf.
Op 9 november beantwoordt vermoedelijk Houtman de brief van Flentrop.
Op 14 december schrijft Milo aan Houtman dat hij informatie van de CvB heeft gekregen over de uitgebrachte offertes. Er zijn vier orgelmakers uitgenodigd. Flentrop doet niet mee. Van Leeuwen heeft de eerste twee jaren geen belangstelling. De derde geeft geen antwoord. Leeflang heeft een offerte uitgebracht van f 53.000,- en f 43.365. De CvB is geschrokken van het prijsniveau, maar wil toch graag de Leeflang-orgels van de Remonstrantse Kerk in Meppel en de Gereformeerde Kerk van Beilen gaan bekijken. (09)

1960
Op 7 januari wordt het Leeflang-orgel van de Remonstrantse Kerk in Meppel bezocht. Het orgel werd zes weken terug opgeleverd. Het orgel wordt uitgebreid beoordeeld.
Leeflang plaatst een gebruikt noodorgel. Hiervoor werd een harmonium gebruikt. Over anderhalf jaar wordt het nieuwe orgel geplaatst.
Op 16 januari schrijft Milo aan Houtman dat Leeflang in Meppel is geweest. Men had geprobeerd zijn prijs naar beneden te krijgen tot f 50.000,-. Vanwege de goede akoestiek heeft hij een voorstel gedaan van 18 stemmen voor f 46.000,-. De dispositie leunt sterk op het Leeflang-orgel voor de Gereformeerde Kerk in Beilen:
Hoofdwerk: Prestant 8' (vanaf Fis), Roerfluit 8', Octaaf 4', Gedekte Fluit 4', Flageolet 2', Mixtuur V-VI, Trompet 8'.
Rugwerk: Holpijp 8', Prestant 4', Koppelfluit 4', Octaaf 2', Scherp III, Sesquialter II, Dulciaan 8'
Pedaal: Subbas 16' (liever Bourdon), Prestant 8', Kwintaaf II (= Quintadeen 4' met Octaaf 2'), Fagot 16'.
De CvB stelt voor dat orgeladviseurs en orgelmaker samen met een voorstel komen. Door deze wijziging kan Leeflang nu twee pedaaltorens maken, die iets langer zijn dan 6-voets hoofdkas. De Gedekt 8' in het Pedaal kan weggelaten worden. Beide adviseurs zien mogelijkheden in het plan van Leeflang.
Op 19 januari stuurt Milo het akoestisch rapport naar collega Houtman, die daar meer kijk op heeft.
Op 26 januari stuurt Milo een nieuw concept-rapport ter goedkeuring naar Houtman en Leeflang. Het nieuwe voorstel is een compromis tussen het plan van de adviseurs en de orgelmaker.
Op 29 januari wordt het definitieve rapport naar de CvB gestuurd. In het voorstel wordt uitgelegd wat de verschillen in uitgangspunten waren in de voorstellen van de adviseurs (22 stemmen f 53.000,-) en de orgelmaker (18 stemmen f 46.000,-).
Het gezamenlijke voorstel luidt nu als volgt:
Hoofdwerk: Prestant 8' (vanaf Fis), Roerfluit 8', Octaaf 4', Gedekte Fluit 4', Vlakfluit 2', Mixtuur V, Trompet 8' (horizontaal).
Rugwerk: Holpijp 8', Prestant 4', Koppelfluit 4', Octaaf 2', Scherp III, Sesquialter of Tertiaan II, Scherp III, Dulciaan 8'
Pedaal: Subbas 16', Prestant 8', Octaaf 4' of Kwintaaf II (= Quintadeen 4' met Octaaf 2'), Fagot 16'.
De adviseurs zien graag op het Rugwerk een Quintadeen 8' toegevoegd. (f 1.635,-)
Op het Pedaal kiezen de adviseurs voor een Octaaf 4', die f 45,- meer kost. Een Cornet 2' op het Pedaal kost f 2.070,-. Ook een Gedekt 8,- (f 1950,-) op het pedaal wordt noodzakelijk geacht.
Op het Hoofdwerk is een Quint 2 2/3 aan te bevelen. (f 1.595,-)
De Prestant 8' van het Hoofdwerk is nu op 6-voetsbasis. Toevoegen van de grootste pijpen kost f 1.300,-. De orgelkas wordt dan iets hoger met als kosten f 315,-.
Op 9 februari schrijft Milo aan collega Houtman dat de CvB besloten heeft om voor de 'romp-dispositie' van 18 stemmen voor f 46.000,- te kiezen. De GOV zal de bouw verder begeleiden. De levertijd is 2 jaar. (09)
Op 10 februari wordt het contract met de orgelmaker Ernst Leeflang getekend. (04)
Bij een afschrift van het contract zit een ongedateerd overzicht van de mensuren.
In devember wordt er een noodpijporgel geplaatst. Het harmonium voldoet niet. ZieMeppeler Courant 21-12-1960

1961
Op 3 december schrijft Milo aan de CvB dat de bouw van het orgel start in februari 1962. De oplevering zal dan in augustus kunnen plaatsvinden.
Op 5 december schrijft Houtman aan Milo over een bezoek aan de werkplaats van Leeflang. Van Meppel was nog niets te zien. In de werkplaats was men bezig met een orgel voor een nieuwe kerk in Apeldoorn. Zeer mooi gebouwd. Als het orgel voor Zwolle gereed is beginnen ze aan Meppel en Middelharnis.
Op 8 december stuurt Leeflang de mensuren naar Milo. Leeflang heeft op het Rugwerk naast de Dulciaan liever een Tertiaan dan een Sesquialter. Een Sesquialter heeft te veel dezelfde klankkleur als een Dulciaan. Een Sesquialter is vooral voor solistisch gebruik en hoort niet in het plenum. Een Tertiaan is een mooie aanvulling op een Scherp.
Op 28 december schrijft Houtman Leeflang over de mensurenlijst. Hij ziet veel overeenkomsten met het orgel van Gorkum. Hij kan zich grotendeels vinden in de genomen mensuren. Hij wil in de samenstelling van de Mixtuur de 2' op c' verdubbeld zien. In de disposities ontbreken nu de 2 2/3' en 1 1/3' registers. (09)

1962
Op 8 maart beantwoordt Leeflang de brief van 28 december. Inmiddels zijn ze begonnen met het uitwerken van de gegevens voor het orgel in Meppel. Leeflang is het eens met de opmerking van Houtman over pijpmensuren en intonatie. De samenstelling van de Mixtuur wordt gewijzigd. In de Tertiaan van het Rugwerk zit een doorlopende Quint 1 1/3'. Op het Hoofdwerk worden de Octaaf 4' en de Vlakfluit pittiger geďntoneerd dan in Gorkum.
Op 10 juli stuurt Leeflang een tekening van de orgelkas aan de CvB. In de ruimte boven de frontpijpen kan een eenvoudig roosterwerk worden aangebracht. In de loop der jaren is men tot de conclusie gekomen dat vierkante orgelkassen een betere ontplooiing van het geluid geven dan afgeschuinde orgelkassen zoals in Beilen. De tekening is ook naar de adviseurs gestuurd. Graag een beslissing om het wel of niet aanbrengen van het roosterwerk. (09)

Klik op de afbeelding voor een vergroting

Op 12 juli schrijft Milo dat Houtman en hijzelf akkoord gaan met het frontontwerp. Als er in de werkplaats iets te zien valt dan graag bericht sturen. Milo woont dichtbij Apeldoorn. De CvB krijgt een brief dat de adviseurs akkoord gaan met het frontontwerp. In de brief wordt gemeld dat de bouw is vertraagd. Oplevering in augustus zal niet mogelijk zijn.
Op 11 september schrijft Milo aan de CvB dat Leeflang laat is met het frontontwerp. Hij is blij dat het ontwerp is goedgekeurd. Milo schrijft aan Leeflang dat de CvB akkoord is met het frontontwerp. Er kan worden gestart.
Op 9 november schrijft Milo aan de CvB dat er gestaag wordt doorgewerkt aan het orgel. Het tekenwerk en het houten pijpwerk is bijna klaar. Oplevering wordt verwacht in de eerste helft van 1963. (09)

1963
Op 9 april schrijft Milo aan de CvB dat de adviseurs de bouw voortdurend volgen. Een ingebruiknameconcert is een goede gedachte. Als er gekozen moet worden uit de voorgestelde drie organisten geeft Milo de voorkeur aan Wim van Beek en Mees van Huis. 'Zeker niet de derde!'. Waarom geen organist kiezen uit de Gereformeerde Kerk?
Op 23 april schrijft Milo aan de CvB over een bezoek dat hij en Houtman brachten aan de werkplaats van Leeflang. De orgelkassen, speeltafel, windkanalen, registermechaniek en windvoorziening zijn gereed. Het wachten is nu op het pijpwerk. De verwachting is dat het over vier  weken speelklaar in de werkplaats kan worden opgesteld.
Op 28 maart schrijft Leeflang aan de CvB dat ze op 20 mei met de opbouw van het orgel in Meppel beginnen. De opbouw en intonatie zullen circa 5-6 weken in beslag nemen.
Op 13 mei schrijft Milo aan Houtman dat het orgel deze week wordt ingepakt en aanstaande maandag naar Meppel wordt gebracht. Het pijpwerk is nog niet binnen. Dit zal in Meppel op de lade worden geplaatst.
Op 10 juni is Milo in Meppel. Er waren twee werknemers van Leeflang bezig het pijpwerk te plaatsen. Het is voor driekwart geplaatst. Schreutelkamp gaat beginnen met de intonatie. De tongwerken en de Mixtuur zijn er nog niet. Het Rugwerk steekt 28 cm (van de 72 cm) over de rand van het balkon. Alles maakt een zeer verzorgde indruk.
Op 27 juni beschrijft Houtman zijn indrukken van het orgel aan collega Milo.
Het orgel wordt op 2 juli in gebruik genomen met een orgelbespeling door Simon C. Jansen uit Amsterdam. Zie ingebruiknameprogramma. Zie Organist en Eredienst (1963-08), Meppeler Courant (28-06-1963), Meppeler Courant (03-07-1963).
Op 17 juli schrijven de adviseurs dat hun taak is beëindigd. De vertragingen hebben ook voordelen omdat er diverse verbeteringen zijn aangebracht. De horizontale Trompet is in tin uitgevoerd in plaats van in koper. De Tertiaan van het Rugwerk heeft een functionele rol. De Quintaaf II van het pedaal is een geslaagd experiment. De slotnota van de orgelmaker kan worden betaald. (09)
Op 15 november vraagt organist Nico Verrips of hij en zijn vrouw Marjan Doorn kunnen studeren op het orgel van de nieuwe kerk, omdat ze in de Remonstrantse Kerk vaak niet terecht kunnen. Hij is graag bereid de tongwerken te stemmen. De Grote Kerk wordt na de kerkrestauratie weer in gebruik genomen, maar het orgel is nog niet gereed.
Op 16 december vraagt de Commissie van Beheer (CvB) aan Leeflang of een organist de tongwerken kan stemmen en wat een redelijke vergoeding zou zijn voor het gebruik van het orgel. (05)

Dispositie:
Manuaal   Rugpositief   Pedaal  
Prestant 8' Holpijp 8' Bourdon 16'
Roerfluit 8' Prestant 4' Prestant 8'
Octaaf 4' Koppelfluit 4' Quintaaf* 4'+2'
Gedekte Fluit 4' Octaaf 2' Fagot 16'
Vlakfluit 2' Scherp III    
Mixtuur V Tertiaan II    
Trompet horizontaal 8' Dulciaan 8'    

* De Quintaaf is een Quintadena 4’ en Octaaf 2’ als één register.
Tremulant op het Rugwerk (01).


Foto nr. Pu 25687 (1963) (08)

1964
Op 14 januari schrijft de CvB aan Nico Verrips dat ze akkoord zijn met zijn vraag om op het orgel te studeren.
Op 16 januari schrijft Leeflang aan de CvB dat dhr. Keijzer van Leeflang op 20 januari langs zal komen om naar een aantal gebreken te kijken.
Op 14 maart schrijft de CvB aan de orgelcommissie. Ze ontvangen graag een advies voor het afsluiten van een onderhoudscontract. De aanschaf van een hygrometer is akkoord. Graag willen ze periodiek een rapport over de toestand van de orgels. De orgels in de gereformeerde kerken van Meppel zijn verzekerd.
Op 22 juli vraagt Van der Wedden van de orgelcommissie aan Leeflang wat de kosten zijn van een onderhoudscontract.
Op 7 augustus schrijft Leeflang dat een stembeurt tussen de f 160,- en f 225,- zal gaan kosten. Rond die tijd schrijft de orgelcommissie dat het onderhoud door de fa. Leeflang moet worden uitgevoerd, omdat anders de garantie van 10 jaar vervalt.
Op 17 augustus meldt Van der Wedden aan Leeflang dat er een positief antwoord komt, maar dat dit pas in september mogelijk is. Binnenkort geeft Nico Verrips een concert op het orgel. Is het mogelijk nog voor 26 augustus te kijken naar een aantal kleine onvolkomenheden?
Iet Witvoet heeft sinds 5 jaar les van Nico Verrips en wil graag oefenen op het orgel van de nieuwe kerk.
Op 26 augustus geeft Nico Verrips een orgelconcert. Zie Meppeler Courant 1964-08-21
Op 8 september schrijft Van der Wedden aan Leeflang dat het onderhoud wordt toegekend aan Leeflang. Er dient tweemaal per jaar te worden gestemd voor f 160,-
Op 24 oktober schrijft Van der Wedden dat er tijdens het bespelen het een en ander van het registerpaneel is losgeschoten. Dit paneel is niet goed bevestigd. Het is ter plaatse provisorisch hersteld, maar Leeflang had dit beter moeten bevestigen. De betreffende speler was ook enigszins wild, maar het had niet mogen gebeuren.
Op 28 oktober schrijft Leeflang dat dhr. Keijzer de volgende week het orgel zal bezoeken.
Op 6 november schrijft Van der Wedden aan de CvB dat Leeflang de gemelde gebreken heeft verholpen, maar de koppeling werkt nog onvoldoende.

1965
Op 23 maart maakt Van der Wedden een rapport over de toestand van beide orgels. Het orgel in de nieuwe kerk vertoont wat kinderziekten. Hierover is een brief geschreven naar Leeflang. Er is nog geen antwoord.
In Trouw van 23-03-1965 wordt geschreven over het beroep van kerkorganist. In het artikl een afbeelding van het orgel in Meppel. Het artikel is bewaard in het archief van de Gereformeerde kerk van Meppel met rechtsonder een geschreven commentaar: 'Een tikkeltje overdreven reclame voor Leeflang W.'' (Van der Wedden?)
Op 29 september stuurt Leeflang een rekening voor stemmen en revisie van f 258,75.
Op 12 oktober schrijft Van der Wedden dat ze graag een specificatie van de rekening willen ontvangen.
Op 30 november vraagt J.F. Seydell of hij op het orgel mag studeren. Hij heeft les van Nico Verrips.
Op 11 december is er een soortgelijke brief van de vader van Rindert van der Valle. Zijn zoon lest ook bij Nico Verrips. Op 20 december dankt hij voor de toestemming om te mogen studeren.

1966
Op 4 februari komt een aanvraag binnen voor studie op het orgel door A.G. Schreurs. Ook een leerling van Nico Verrips.
Op 24 februari schrijft de orgelcommissie aan de CvB dat beide orgels in goede staat zijn en veel worden bespeeld door leerlingen. Veel meer leerlingen zou een probleem worden.
Op 22 augustus vraagt Fennie van der Weide (leerling van Nico Verrips) of ze op het orgel mag spelen, omdat ze nu het pedaal gaat gebruiken.

1967
Op 23 januari beantwoordt de Orgelbouw Adviescommissie van de Gereformeerde Organisten Vereniging (GOV) een vraag van de CvB over de bouwkosten van het orgel.
Op 24 januari dankt de orgelcommissie de GOV voor het antwoord.

1968
Op 3 augustus schrijft Van der Wedden aan Leeflang. Tijdens een stembeurt heeft de stemmer van Leeflang toegegeven dat het orgel windziek is. Wanneer wordt daar nu eindelijk iets aan gedaan?

1969
Op 27 maart beschrijft Van der Wedden de toestand van de beide orgels. Het orgel in de oude kerk is nu 32 jaar oud. Het tongwerk heeft veel te lijden gehad van vallend gruis en stof van de zolder. Het orgel in de nieuwe kerk heeft veel last van de droogte gehad.

1971
Voorbeeld van een orgelrooster. Er speelden in deze periode vier organisten: de heren Van der Wedden, Visscher en de Vries en mej. Van der Weide.

1973
Op 23 mei schrijft Van der Wedden aan Leeflang dat de organisten nog steeds klagen over een windziek Rugpositief. De tremulant functioneert nauwelijks. Bij het gebruik van slechts één register zijn er bijgeluiden. Bij gebruik van meer registers treedt dit euvel niet meer op.
Op 1 oktober meldt de orgelcommissie dat er weer waterschade is ontstaan in het orgel van de oude kerk door een probleem met een dakpan en de dakgoot. Het euvel is provisorisch hersteld. Het orgel van de nieuwe kerk is nog steeds windziek. De garantietermijn is inmiddels verlopen.

1974
Op 5 juni meldt Van der Wedden dat er door onbekende oorzaak schade is ontstaan aan het Rugwerk. Er is een fluitpijpje 'gemold' en de tractuur is beschadigd, waardoor het Rugwerk nauwelijks bruikbaar is. Van der Wedden herstelt zelf de schade.

1975
Op 23 oktober vragen Jan Meijer en Stef Keep of ze op het orgel kunnen oefenen. Ze hebben respectievelijk  les van dhr. Worst en mevr. Verrips. Op 27 oktober wordt de toestemming gegeven.

1976

In maart 1976 beschrijft Van der Wedden de toestand van de orgels. Het orgel in de nieuwe kerk heeft zeer te lijden gehad door de lage luchtvochtigheid in de kerk.
Op 29 april schrijft Van der Wedden aan Leeflang dat het orgel voor f 1.400,- gerepareerd en gestemd kan worden.

1977
Op 27 januari vraagt B. Dokter of hij op een van de orgels kan studeren. Hij heeft les van dhr. Straatman op de Meppeler Muziekschool.
Op 10 februari vraagt Van der Wedden aan Leeflang waarom ze nog steeds niet langs zijn geweest om de afgesproken werkzaamheden van 1976 uit te voeren.
Op 14 februari meldt Leeflang dat ze pas langs komen als een oude rekening uit 1975 is voldaan. Uit de notulen van de orgelcommissie van 3 maart blijkt dat de rekening van Leeflang betrekking heeft op een niet afgesproken stembeurt.
Op 25 februari zegt Walcker toe dat ze ook het orgel van de nieuwe kerk kunnen stemmen.
In de orgelcommissievergadering van 31 maart wordt gemeld dat beide orgels onderhanden zijn genomen door Walcker. In de oude kerk zijn enkele magneten en membranen vernieuwd en is een probleem hersteld dat is ontstaan bij foutief gebruik van het orgel. In de nieuwe kerk is de tractuur bijgesteld en de windvoorziening verbeterd, zodat de windziekte nu redelijk onder controle is.
Op 15 november vraagt Fred Meinen of hij op het orgel kan studeren.

1978
Op 21 januari wordt de toestand van de orgels weer geďnventariseerd. Door onoordeelkundig gebruik door een onbekend organist bij een koorconcert zijn allerlei contacten van het orgel in de oude kerk beschadigd. Een en ander is nu provisorisch hersteld.

1979
Op 22 oktober komt de orgelcommissie bijeen. Het orgel is nu enkele jaren onderhouden door de firma Walcker, omdat Leeflang dit niet meer wilde doen na een verschil van mening. Men is van plan het onderhoud nu weer bij Leeflang te beleggen.
Op 5 november schrijft Van der Wedden aan Walcker dat de windkanalen van het orgel slecht gemaakt zijn en dat Leeflang dit gaat verbeteren. Van der Wedden dankt voor het onderhoud van de laatste jaren. (05)

1980
Begin maart schrijft Van der Wedden dat is besloten om alle abstracten te laten vervangen door Walcker.
Op 30 september vergadert de orgelcommissie. Een aantal abstracten is geknapt. Deze zijn vervangen. (05)

1981
Op 10 december rapporteert Van der Wedden uitgebreid de toestand van beide orgels. Sinds de abstracten zijn vervangen is het aantal hangers sterk afgenomen. Walcker zal bij de volgende onderhoudsbeurt de wellenborden verbeteren.

1982

In de orgelcommissie van 12 januari komt de windziekte van het orgel in de nieuwe kerk weer aan de orde. Men besluit dit aan te kaarten bij de orgelmaker. (05)
Op 22 april beschrijft Cornelissen van de orgelcommissie de toestand van het orgel. Een deel van de Leeflang-abstracten is nog niet door Walcker vervangen. De windvoorziening is nog steeds niet volledig op orde. Walcker adviseert een nieuwe magazijnbalg, maar Cornelissen deelt die mening niet. De pedaaltorens zouden beter toegankelijk gemaakt moeten worden door een luik. De schalbekers van de Trompet moeten opnieuw gericht worden.
Eind december spelen de eerste gedachten om het kerkgebouw te verkopen aan de Gereformeerd Vrijgemaakte Kerk. Zie krantenartikel door VdW. (06)

1984
In de orgelcommissie van 15 oktober komt aan de orde of het onderhoud van beide orgels bij Walcker moet blijven. Er wordt nog geen definitieve beslissing genomen. (05)

1985
In mei schrijft de CvB aan Walcker dat er over wordt gedacht het onderhoud bij een Nederlandse orgelmaker onder te brengen.

1994
Het kerkgebouw wordt verkocht aan de Gereformeerd Vrijgemaakte Kerk. De naam van de kerk wordt veranderd in Kruiskerk.

1996
Op verzoek van de organist heeft orgelmaker Mense Ruiter het orgel onderzocht. Het rapport dateert van 27 februari. De windtoevoer naar het Rugpositief blijkt bijna te zijn afgeknepen. Dit is provisorisch verholpen. Voor een afdoende herstel is veel demontagewerk nodig. De touwtjes van de windtoevoer zijn versleten. Deze dienen vervangen te worden.
De loden koppen van de Dulciaan 8' en de Fagot 16' zijn geoxideerd en daardoor zijn de stemkrukken gaan vastzitten. Voorgesteld wordt de loden koppen te vervangen door exemplaren van hout. De horizontale Trompet is gemaakt van te zacht materiaal waardoor de bekers  te veel vervormen. De duurste oplossing is de bekers te vervangen. Een andere mogelijkheid is herstel en een betere ophanging. (07)

2003
Op 16 december beantwoordt Mense Ruiter een vraag of het mogelijk is het Mense Ruiter-orgel uit de vorige kerk te verplaatsen naar de huidige Kruiskerk. Technisch is dit mogelijk, maar dan moet er wel een oplossing gevonden worden voor de trekstang, die zeer ontsierend werkt. Het instrument is met zijn 11 registers wel aan de kleine kant voor deze ruimte. Het orgel zou eigenlijk gecompleteerd moeten worden. Als besloten wordt het orgel te verplaatsen zullen ook de wat ingezakte frontpijpen kunnen worden hersteld.
In het orgel is nog plaats voor drie registers: Holpijp 8', Terts 1 3/5' en een Vox Humana 8'. Het huidige orgel in de Kruiskerk is echter van goede kwaliteit. (07)
De verplaatsing wordt niet doorgezet.

2006
De kerk aan de Vos van Steenwijklaan is inclusief orgel verkocht aan de Rooms-Katholieke Kerk.

2006
De kerk wordt verbouwd en uitgebreid.
Organist Wietse Meinardi uit Assen wordt gevraagd om het orgel te onderzoeken en te adviseren of het orgel verbeterd kan worden. Zijn rapport dateert van 27 maart met een enkele aanpassing uit 2009. Hij bezoekt het orgel op 25 maart.
De hoofdwerkkas is helaas afgesloten en kan niet worden geďnspecteerd. In de stijl van de bouwtijd is het een goed orgel en het functioneert bij bespeling goed.
De registers Tertiaan, Scherp en Quintaaf passen prima in het concept, maar hebben beperkte gebruiksmogelijkheden. Vanuit de kerk heeft men twijfels over de geschiktheid voor de begeleiding van de gemeentezang.
Meinardi's inschatting is dat het orgel hiervoor prima geschikt is. Er zijn echter wel een paar mogelijkheden het orgel binnen de stijl aan te passen:
- De Tertiaan vervangen door een Sesquialter.
- Een andere mogelijkheid is de Scherp vervangen door een Sesquialter en op de plek van de Tertiaan een Quintfluit 3' te plaatsen.
Ook zou de intonatie kunnen worden aangepast zodat er minder spuck is en wat meer grondtonigheid.
De horizontale Trompet is voor de bespeler zeer onaangenaam, maar een verhuizing naar een plek in de orgelkas is zeer moeizaam. Hiervoor dient de kas te worden verdiept en dat zal een kostbare operatie worden.
De Quintaaf van het pedaal is niet erg bruikbaar. Hier zou een ander register kunnen worden geplaatst.
Op 12 oktober wordt de mening van orgelmakerij Mense Ruiter gevraagd over het laten schilderen van het orgel door vrijwilligers. Mense Ruiter antwoordt op 7 november dat zij daar slechte ervaring mee hebben en raadt aan dit door een restauratieschilder te laten doen. (07)

2007
Op 14 september wordt de kerk na de verbouwing weer officieel in gebruik genomen.

2009
Orgelmakerij Mense Ruiter geeft op 28 augustus commentaar op het rapport van Meinardi uit 2006/2009.
Op de plek van de Tertiaan is te weinig ruimte om een Sesquialter te plaatsen.
Het vervangen van de Scherp door een Sesquialter in prestant mensuur is qua ruimte geen probleem. De Quintfluit mote dan gemaakt worden in de mensuur van de Blokfluit van het Hoofdwerk.
Het aanpassen van de intonatie is gezien de makelij van het pijpwerk alleszins de moeite waard.
De Vlakfluit en de Octaaf 2 op hun plaats laten.
Het verplaatsen van de Trompet is kostbaar en ook architectonisch niet mooi. Het aanbrengen van een plexiglasplaat onder de pijpen zou het probleem grotendeels oplossen.
De technische toestand kan op enkele punten worden verbeterd:
-algehele schoonmaak
-vervanging van de lawaaiige windmachine en dempkist
-verbetering van de windvoorziening van het Rugpositief
-verbetering van de afdichting van de cancellen
-verbetering van de koppelingen
-aanbrengen van stemschotjes bij de Mixtuur, die lastig te stemmen is
-herstel van de niet werkende tremulant
-het verwisselen van de manualen is zeer kostbaar. Voor een betere speelhouding zou het pedaalklavier iets dienen te worden verhoogd en de bank aangepast.
-Er is te weinig ruimte om de Quintaaf van het Pedaal te vervangen. (07)

2010
Op 1 november gaat er een brief met een specificatie van de uit te voeren werkzaamheden naar een aantal orgelmakers om een offerte uit te brengen.

2012
Orgelmaker van den Heuvel krijgt de opdracht en voert een revisie uit onder advies van Wietse Meinardi.
Het orgel wordt in gebruik genomen met een concert door adviseur Wietse Meinardi. Zie ingebruiknameboekje. Zie Eredienst (2012-02), Meppeler Courant (27-01-2012).


De volgende wijzigingen zijn aangebracht: (02)

Dispositie 2011:
Manuaal   Rugpositief   Pedaal  
Prestant 8' Holpijp 8' Bourdon 16'
Roerfluit 8' Prestant 4' Prestant 8'
Octaaf 4' Koppelfluit 4' Quintaaf* 4'+2'
Gedekte Fluit 4' Octaaf 2' Fagot 16'
Vlakfluit 2' Nasard 2 2/3'    
Mixtuur V Sesquialter II    
Trompet horizontaal 8' Dulciaan 8'    


Samenstelling vulstemmen
Mixtuur V sterk C: 1 1/3' - 1' - 2/3' - 1/2' - 1/3'. Gis: 2' - 1 1/3' - 1' - 2/3' - 1/2'. fis: 2 2/3' - 2' - 1 1/3' - 1' - 2/3'. c': 4' - 2 2/3' - 2' - 1 1/3' - 1'. fis'': 4' - 2 2/3' - 2 2/3' - 2' - 1 1/3'. c''': 8' - 4' - 2 2/3' - 2 2/3' - 2'.
Sesquialter I-II sterk C: 1 1/3'. f: 2 2/3' - 1 3/5'. (02)

Bronvermelding:

  1. E-Mail van Kaat en Tijhuis d.d. 3-6-2009
  2. E-Mail van Wietse Meinardi d.d. 22-11-2011 en i
  3. www: https://reliwiki.nl/index.php/Meppel,_Thorbeckelaan_73_-_Kruiskerk (17-01-2025)
  4. Archief Leeflang
  5. Drents Archief: Archief van de Gereformeerde Kerk te Meppel 3.2.11 Orgels. Orgelcommissie 285 Notulen van de vergaderingen van en met de orgelcommissie. 1964 – 1965. 1971 – 1986. 1994 – 1999
  6. Drents Archief: Archief van de Gereformeerde kerk te Meppel 3.2.11 Orgels. Orgelcommissie 286 In- en uitgaande stukken 1937 – 1997
  7. Archief Mense Ruiter
  8. www: http://www.kerkeninbeeld.nl (17-01-2025)
  9. VU-Archief: 669 Gereformeerde Organisten Vereniging (GOV) - Orgelbouwadviescommissie 1-780 Doos 54 418. Meppel, Gereformeerde Thorbeckelaan Kerk, 1959-1964

Tekst website https://gereformeerdekerken.info/2017/03/21/de-nieuwe-kerk-in-de-wijk-haveltermade-te-meppel/ (17-01-2025)

Het orgel.
In overleg met de Adviescommissie van de Vereniging van Organisten werden vijf orgelbouwers uitgenodigd aan de inschrijving voor de bouw van het orgel mee te doen. Uiteindelijk stuurde alleen de fa. Leeflang uit Apeldoorn een offerte. Deze firma zou een orgel bouwen van tweeëntwintig stemmen voor een bedrag van fl. 55.000. De Adviescommissie vond die prijs echter te hoog. Na verder overleg bleek de heer Leeflang van oordeel dat, hoewel een orgel van tweeëntwintig stemmen meer mogelijkheden bood en gemakkelijker bespeelbaar was, een instrument van achttien stemmen ter waarde van fl. 46.000 óók ruim voldoende zou zijn voor deze kerk. De Adviescommissie was het daarmee eens. De levertijd was 2 tot 2 ˝ jaar. Wel wilde men de speeltafel zo opstellen dat de organist zicht had op een in de kerk opgesteld zangkoor. De scriba was overigens voorstander van een orgel met tweeëntwintig stemmen: hij vond het niet juist ‘de vier stemmen, die leidden tot verfraaiing van het geluid’, weg te laten, en van latere aanbouw kwam tóch niets terecht, zo meende hij. Ds. Vellenga was het op zich wel met de scriba eens, ‘maar door het niet beschikken over goede organisten zullen die vier extra stemmen tóch niet tot hun recht komen’. Besloten werd toen het voorstel van de commissie uit te voeren.

In maart 1960 waren twee van de drie benoemde organisten teleurgesteld dat ‘zij niet betrokken waren bij de plannen voor de aanschaf van het orgel in de nieuwe kerk’. De organisten hadden echter inzage gehad in de dispositie van het orgel en waren daarmee geheel akkoord gegaan’, aldus de kerkenraad.

De orgels en de organisten.
Maar hoe moest de gemeentezang begeleid worden zolang het orgel er nog niet was? Aanvankelijk werd gebruik gemaakt van een tijdelijk afgestaan harmonium; het voorstel om een eigen harmonium of piano aan te schaffen werd afgeraden ‘omdat de middelen hiertoe ontbreken’. Gelukkig plaatste de leverancier van het kerkorgel in december 1960 tijdelijk een gebruikt orgel in de Nieuwe Kerk. Ds. Van Tuinen schreef in het Kerkblaadje van 7 januari 1961: ‘Er is zóveel vaart achter de opstelling van het [tijdelijke] orgel gezet, dat zij vóor de jaarwisseling gereed was, en we verleden zondag door nieuwe klanken verrast konden worden, ‘nieuw‘ in onze oren dan. Voor onze organisten is dit een overgang als van een gewone fiets naar een bromfiets, in die zin dat ze niet meer behoeven te trappen en in hun werk door een motor gedragen worden. (…) Voor de gemeentezang is de ingebruikneming van het orgel verblijdend. Het geluid van het bejaarde instrument ondersteunt de zang aanmerkelijk krachtiger dan dat van het tot nu toe gebruikte harmonium. Al hebben we ook daarvan dankbaar gebruik gemaakt!’


Het orgel van de Nieuwe Kerk te Meppel.
In mei 1963 kwam ook een eind aan het gebruik van het oude vervangende orgel: ds. Vellenga schreef in het Kerkblaadje van zaterdag 25 mei 1963: ‘Het oude orgel in de Nieuwe Kerk was zondag geheel verdwenen. (…) Met veel kundigheid wisten de organisten de stramme spieren nog wel wat lenigheid te geven en de oude stem wat op te jutten, maar ieder kon bemerken dat de gebreken van de oude dag de overhand begonnen te krijgen. Verleden week is het vakkundig ontleed, in zijn delen de orgelgalerij af en de consistorie in gedragen en te ruste gelegd. En nu is het weg. Maar vandaag – ik schrijf dit op maandag – stond er bij het ochtendkrieken al een vrachtauto voor de kerk. Zeven vaardige mannen laadden alle mogelijke houtwerk uit, vulden er een goed deel van de gang en van de consistorie mee, pakten alles, dat tot het oude orgel behoord had, in de vrachtauto en begonnen meteen aan de opbouw van het nieuwe. (…) De orgelbouwers zeiden dat het nog wel enige weken zou duren voordat het orgel zich zal kunnen doen horen. Intussen kunnen we dan zondag vijf dingen tegelijk doen: horen naar de piano [die de gemeentezang een paar weken begeleidde], kijken naar de kast van het nieuwe orgel, geven in de collectezak, een melodie zingen, en denken aan wat we zingen. (Misschien kan iemand ondertussen ook nog een pepermunt in de mond houden. Dat zou dan het zesde, maar het minst-waardige zijn in de rij)’.

Het orgel in gebruik genomen.

De Nieuwe Kerk in de wijk Haveltermade.
Op dinsdag 2 juli 1963, ’s avonds om acht uur, werd het echte nieuwe orgel van de fa. Leeflang in gebruik genomen.

De dispositie was als volgt:
Hoofdwerk: Prestant 8’, Roerfluit 8’, Octaaf 4’, gedekte Fluit 4’, Vlakfluit 2’, Mixtuur 1 1/3, 5 st., Horizontale trompet 8’.
Rugwerk: Holpijp 8’, Prestant 4’, Koppelfluit 4’, Octaaf 2’, Scherp 1’, 3 st., Tertiaan 2 st., Dulciaan 8’, Tremulant.
Pedaal: Subbas 16’, Prestant 8’, Quintaaf 4’-2’, 2 st., Fagot 16’.

Ds. Vellenga schreef: ‘Het mooie uiterlijk van dit instrument schept goede verwachtingen voor de klank! Deze verwachtingen worden nog versterkt door de naam van bouwer: de fa. Leeflang te Apeldoorn. Naast een paar korte toespraken, waaronder een (populaire) toelichting door de orgelbouwer, zal de zeer bekende organist Simon C. Jansen het orgel bespelen. Hij zal enige bekende stukken van Bach spelen en daarna veel gevraagde liedbewerkingen en koralen. Het geheel wordt afgewisseld met gezamenlijk zingen (psalmboek meenemen!). Het programma zal niet langer duren dan 1 ˝ uur. (…)’. Dat was te doen.

Bronnen:
 - Archief van de Gereformeerde Kerk te Meppel. Drents Archief, Assen.
 - G.J. Kok, ‘… Die verenigde wat gescheiden was …’. Geschiedenis van de Gereformeerde Kerk te Meppel (1835-2005) met inventaris van het Archief. Groningen, 2014


Onderstaande foto's zijn afkomstig van orgelmaker Kaat en Tijhuis te Kampen (01).




Ansichtkaarten, jaren '60 van de 20e eeuw



Foto (03)